De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Feuilleton.

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Feuilleton.

5 minuten leestijd

Mogen wij de Herv. Kerk verlaten?

Een antwoord op deze vraag gegeven door ds. A. VAN VEELO, destijds ± 1868 Ned. Herv. predikant te Waarder, later (1887 tot 1910) predikant bij de Geref. Kerk te Rotterdam.

9)

Om de scheiding te rechtvaardigen, worden door u genoemd de woorden van Paulus .aan de Corintblërs : „Gaat uit het mid­den van haar en scheidt u af!"

Doch onze vraag , is : met welk recht moogt gij deze woorden op het scheiden van de Kerk toepasen ? Hier toch spreekt de apostel niet van eene kerkelijke separatie, maar van eene persoonlijke afscheiding van de zonden, en wel bij gelegenheid dat er waren, die zich met de Heidenen wilden vermengen, waarvan hij hen zocht af te brengen door zijne eigene druk-en proef wegen ten voorbeeld te stellen, terwijl hij hen verder vermaant: „Trekt niet een ander juk aan met de ongeloovigen", daar hij hen beschouwt als geheiligden, als tempelen van den levenden God.

Op grond van dezen uitgang, en Jesaja's voorspelling van de onreinheden des Heidendoms in de dagen des Nieuwen verbonds in acht nemende, vermaant hij de Corlnthiërs : „Gaat uit het midden van hen en scheidt u af !" Met evenveel recht als gij dus deze woorden bezigt tot voordeel van de scheiding, met even zoo veel recht zouden wij de woorden kunnen bezigen van Judas, dat „die zich afscheiden, natuurlijke menschen zijn, den Geest niet hebbende." De Heere beware ons echter, om de Schrift uit haar verband te rukken, en haar willekeurig in ons voordeel te verklaren ! Gij zegt : „Indien wij in dat genootschap blijven, zoo hebben wij deel aan zijne zonden."

Doch wij verklaren gaarne medeschuldenaren te zijn aan de kerkelijke ellende, als hebbende ook een steen geworpen in 't zinkende schip van Christus Kerk. Maar de vraag is : Zijt gij door uwen uitgang uit de Kerk van die schuld ontslagen ? Waar is dan uwe schuld gebleven, en hoe zijt gij er van verlost ? Is uwe bedoeling, dat wij door ons blijven In de Hervormde gemeente een bewijs geven, dat wij instemmen met de leugens, die daarin vrij worden uitge­sproken, en met de bandeloosheid daarin geduld ? Dit zou waarheid zijn, wanneer wij als ledige toeschouwers dit alles onopgemerkt lieten voorbijgaan. Doch wanneer wij elke gelegenheid waarnemen, om daartegen te getuigen, en ons aan de gemeenschap onttrekken van hen, die wij niet erkennen als leden der Kerk, wie, en op welken grond zal men ons kunnen bewijzen, dat wij alsdan gemeenschap hebben aan hare gruwelen ? Uit dit gezegde wordt door u het besluit getrokken dat wij in zulk eene Kerk niet mogen noch kunnen blijven. Doch dit is geheel ongegrond, ja zelfs in tegenspraak met Gods Woord. Want was de toestand van de gemeente in Thyatire minder wanhopig dan die van de Hervormde Kerk in onzen tijd, waar zij moest zwichten voor het bijna toomeloos gezag eener overspelige vrouw, door wie zelfs de dienstknechten des Heeren werden verleid ? En zegt de Heere niet tot dezulken, die de leer van Jezabel niet hadden, , en die de diepten des Satans niet hadden gekend : „Ik zal u geen anderen last opleggen ; maar hetgeen gij hebt, houdt dat totdat Ik zal komen ? " welke woorden, hoe zij ook mogen verklaard worden, nimmer ten gunste van het separatisme kunnen worden uitgelegd, daar de reeds genoemde last bestond in het onthouden van persoonlijke besmetting. En dat scheiden de bedoeling des Heeren volstrekt niet is, blijkt duidelijk als Hij daarop onmiddellijk laat volgen : „Hetgeen gij hebt, houdt dat".

Zullen wij zeggen dat de Heere hiermede bedoelt de goede leer die zij hadden tegenover Jezabel; dan nog legt Hij hun geenen anderen last op dan dien zij hadden. Toen waren zij nog in de Kerk, en niet van deze gescheiden. De Heere beveelt hen dus niet te sclieiden, maar te wachten totdat Hij komt, volhoudende in hunne belijdenis. Men drukt zich ook wel eens uit (en och ! of het ook niet van Gods kinderen waren) :  De Hervormde kerk kan niet hersteld worden. Lieve vrienden ! is er ééne uitdrukking God-onteerend, dan voorzeker is het deze ! Indien gij zeidet : haar toestand is bijna wanhopig, óf hare herstelling is bij den mensch onmogelijk, dan zouden wij met u instemmen. Maar nu mogen en kunnen wij dit niet doen. Want, zou het den Heere aan macht ontbreken, Hem, die alle macht heeft in hemel en op aarde, en bij Wien geen ding onmogelijk is ? Die zelfs uit steenen Abra­ham kinderen verwekken kan ? Zou Hij onwillig zijn, Die Zijnen apostel tot de Corintische gemeente doet zeggen : „Wij bidden u van Christus-wege, alsof God door ons bade :"laat u met God verzoenen ? " En die aan eene gemeente als die van Laodicea, zegt : , Zie, Ik sta aan de deur en Ik klop ; indien iemand Mijne stem zal hooren, en de deur opendoen. Ik zal tot hem inkomen, en Ik zal met hem avondmaal houden, en hij mei Mij ; haar radende van Hem te koopen, goud, beproefd komende uit het vuur, opdat zij mocht rijk worden en witte kleederen, opdat zij mocht bekleed, en de schande van hare naaktheid niet geopenbaard zou worden ; en oogenzalf, opdat zij mocht zien ? Wie zal zich met het oog op dit alles, en nog zoo veel meer, vermeten te zeggen : „De Hervormde Kerk kan niet meer worden hersteld ? "

(Wordt vervolgd).

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 29 oktober 1920

De Waarheidsvriend | 4 Pagina's

Feuilleton.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 29 oktober 1920

De Waarheidsvriend | 4 Pagina's