Bij 't starrengeflonker.
'k Aanschouwde den hemel, welks starrengewemel met wondere pracht Gods glorie vermeldde, en schitt'rend vertelde Zijn grootheid en macht.
d' Onnoemb're getallen, zij spraken mij allen van Hem, Die ze schiep, Die z' alle te zamen kan noemen bij name, in 't aanzijn eens riep.
Dat starrengeflonker van 't nachtelijk donker versterkte met kracht 't verlangend begeeren den Schepper te eeren dier wondere pracht.
Die louter uit liefde een volk dat Hem griefde, niet eeuwig verstoot; maar immer wil schenken gena en gedenken wat Christus eens bood.
En 't was of die hemel, welks starrengewemel Gods glorie verspreidt, mij zei : „Wil niet vreezen, ook gij zult hier wezen, voor eeuwig verblijd.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 3 december 1920
De Waarheidsvriend | 4 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 3 december 1920
De Waarheidsvriend | 4 Pagina's