Ingezonden.
De verkiezing Kerkeraad-KiescoHege te Vlaardingen.
Van de heeren Jac. Breur en J. Bot, leden van de Confess. Kiesver. „Evangelie en Belijdenis" te Vlaardingen ontvingen we twee ingezonden stukken welke we zeer verkort als één stuk hier opnemen :
Geachte Redactie,
Uw berichtgever zegt dat de Confessioneelen 10 jaren geleden vóór Kerkeraad waren en nu voor Kiescollege. De Gereformeerden waren 10 jaar geleden vóór Kiescollege en nu voor Kerkeraad. Beide partijen maakten dus een even groote zwenking en hebben elkaar in deze niets te verwijten.
De Confessioneelen zijn ditmaal voor Kiescollege geweest, omdat de Kerkeraad 't beroepingswerk niet goed geleid heeft ; we denken hieraan het verzoek van velen om ds. Ekering van Noordwijk aan Zee te beroepen.
En wat het komen aan de stembus betreft van Protestantenarbeïders, socialisten, onverschilligen enz. Uw berichtgever schijnt te denken, dat de Confessioneelen zulk soort menschen hebben opgejaagd ; maar dat is beslist niet waar. Bij ons was afgesproken niet te bezoeken, die niet meeleven of geheel onverschillig zijn. En aan die afspraak hebben we ons gehouden. Maar ons is bekend, dat van Geref. zijde menschen zijn opgejaagd, die allerminst aan de stembus hooren te komen. We kunnen daarvoor bewijzen leveren.
Ten slotte willen we verklaren, dat we niet tegen het Gereformeerd beginsel zijn, maar wel tegen het eenzijdig drijven van sommige gereformeerden en de heerschzucht vao den kerkeraad in deze.
Ook is blijkbaar uw correspondent niet bij de lezing van ds. Den Hertog geweest, want dan zou hij zoo niet hebben geschreven. Onderteekenaars als bovengenoemd.
De S-urige werkdag.
Geachte Redactie,
In aansluiting aan hetgeen in een vorig nummer over Vrouwenkiesrecht en den acht urigen werkdag opgemerkt werd in een „Ingezonden stuk", zou ik willen vragen, of er geen actie op touw kan worden gezet, om van de dwingende bepalingen in deze af te komen. Wel heeft de Minister van Arbeid gezegd, dat hij daar niet van weten wil, maar als ons volk, dat er ten nauwste bij. betrokken is, er wél van weten wil, moet dat in de Kamer toch maar aan de orde worden gesteld. !n de arbeiderskringen wordt gevoeld, dat deze regeling een misgreep is geweest. Het zal allernoodzakelijkst wezen om in deze niet te blijven volharden, maar op de schreden terug te keeren Natuurlijk niet om allerlei misstanden in de hand te werken, maar om een goede gezonde ontwikkeling van den arbeid te bevorderen en tegelijk den arbeider en zijn gezin te dienen.
Met dank voor de plaatsing. Iemand uit het Bouwvak.
IN DEN DIENST.
Aan de recruten, die onder de wapenen moeten komen.
Binnenkort zult ge onder de wapenen komen. Veel zal u dan vreemd zijn en menigeen ziet met eenige bezorgdheid dien tijd tegemoet, omdat ze van dezen of genen hoorden, dat de „dienst" iets vreeselijks is. Mogen wij u een goeden raad geven ? Laat u niet afschrikken praatjes. door allerlei
Het kazerneleven is niet zooals thuis. Ge hebt er niet wat de ouderlijke woning u gaf, maar weet dit, uwe officieren en onderofficieren willen — daarin gesteund door allerlei bepalingen van hooger hand — doen wat zij kunnen om het verblijf in de kazerne u zoo goed mogelijk te doen zijn. Daartoe hebt ge echter ook zélf mede te werken.
Menig soldaat denkt, dat het flink is zich als soldaat anders voor te doen dan thuis en meent, dat een paar vloeken er zoo bij hooren, dat ook het bidden, bijbellezen, kerk-en catechisatie-bezoek niet passen voor iemand die het uniform draagt. Zulke laffe mannen halen het peil van het kazerne-leven omlaag.
Laat het met u zoo niet zijn. Durf vanaf het oogenblik, dat ge in de kazerne komt, te laten zien wie ge zijt en welk beginsel ge zijt toegedaan. Durf te bidden wanneer er stilte gecommandeerd wordt bij de maaltijden. Durf deel te nemen aan het bijbellezen, waarvoor een lokaal beschikbaar is gesteld en waarvoor u dagelijks tijd gegeven wordt en breng als ge opkomt uw bijbel en kerkboekje 'mede. Durf op te komen tegen zedelooze taal en het vloeken, waartegen in het leger ook strenge verboden bestaan. Durf te leven zooals ge thuis deedt.
Bij dit alles kunt ge rekenen op den steun uwer officieren en onderofficieren en evenzeer op onze medewerking.
Zullen nu op de soldatenkamers een paar onverschillige, ongodsdienstige, wellicht spottende militairen den toon aan, geven of zullen dat doen de mannen, die een ernstige opvoeding kregen en in hun leven met God willen rekenen ?
Gij wilt het laatste. Welnu, het hangt van u af. Toon wie ge zijt — en bedenk, wat van u wordt verwacht. Uw ouders rekenen op u — en God verwacht van u, dat gij getrouw zult zijn.
Begin uw diensttijd biddend om Zijn kracht.
Tenslotte wijzen we u op de Tehuizen voor Militairen. Daar zijt ge steeds welkom. in die Tehuizen vindt ge lectuur en ontspanning. Ge komt er in aanraking met de organisaties en vereenigingen, die zich ten doel stellen de Christelijke beginselen in het leger en op de vloot te verspreiden en de Huisvaders zijn steeds bereid u van dienst te zijn.
Ook wij zullen u gaarne met raad en daad terzijde staan.
DE RAAD VAN LEGERPREDIKANTEN.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 11 maart 1921
De Waarheidsvriend | 4 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 11 maart 1921
De Waarheidsvriend | 4 Pagina's