De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Financiën.

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Financiën.

11 minuten leestijd

Er wordt geklopt. Binnen ! Ha, onze Dirk.

Zoo, penningmeester, hoe gaat het je. Zit je al weer te practiseeren hoe je aan de lui d'r dubbeltjes zal komen. Nu, je heb niet te klagen in den laatsten tijd. Is 't wel ?

Man, ga nu eerst eens zitten en vertel me eens hoe het met je gaat. Steek eens op.

Met mij .gaat het best en met mijn vrouw en de jongens ook.

Zoo. En je ben op de jaarvergadering geweest. Heb je het naar den zin gehad ?

Dat zal ik je zeggen. Maar ilaat ik je eerst eens een abonné opgeven en een adres voor een proefnummer.

Ja, het loopt prachtig met de nieuwe ahonné's. Of we aan de duizend nieuwe zullen komen weet ik niet. Kijk, weet je waar ik nog op. reken, dat die 600 a 700 nieuwe abonné's zoo met 't blad zullen zijn ingenomen, dat die zelf ook nog weer aan 't werk^gaan en het is er zoo mee, als men even een beetje moeite doet, dan sta je verbaasd over het succes. Nou Dirk, ik moet je zeggen, ik ben heel blij met je ééne abonné die je me brengt, 't Is er immers één ? Ik kan , om je de waarheid te zeggen, niet goed begrijpen, hoe je met zoo'n schijntje bij me durft komen. Ik had er vast op gerekend, dat jij mij er minstens 20 zou brengen.

Ja, ik weet wel, je ben niet gauw tevreden. Nu, ik beloof je, ik zal mijn best nog wel eens doen.

Goed, maar nu de jaarvergadering. Hoe heb je het daar gehad ?

Best, vooral onder het luisteren naar het referaat. Dat was nu nog eens goede, duidelijke praat, waar een gewoon menschenkind, zooals jij en ik, met z'n verstand bij kan. Als ik dat zeg, hoop ik niet, dat ik je beleedig.

O neen , volstrekt niet. Ik ben en wil niets anders zijn dan een gewoon menschenkind.

Nu ja, je begrijp me wel. Ik bedoel een dom mensch, zooals jij en ik.

Dom, dom ! Een gewoon menschenkind behoeft nog niet dom te zijn. Dan is hij niet gewoon meer.

Toe, schei nu uit met je letterzifterij. Ik geloof, dat je tegenwoordig met dat geschrijf in de krant ook al geleerd wil wezen.

Maar ik waarschuw je, begin er niet aan, want nu willen ze je gekrabbel allemaal lezen, maar als je het geleerd wil doen, is de aardigheid er af en kijken ze er niet meer naar om.

Dirk, ik beloof je, dat ik de geleerdheid die ik niet bezit, ook niet zal uitkramen.

Maar zeg me nu eens, hoe vondje het op de middagvergadering ?

Hoor eens. .Ik begrijp die lui niet. Ze hebben daar net staan praten of aan ons gevraagd werd of we voor of tegen het reglement op de predikantstractementen waren en ze vergaten, geloof ik, heelemaal dat het al wet geworden is.

Als er nu een vergadering bijeengeroepen was vóór dat het wet was, om je daarover uit te spreken en het voor en tegen was bepraat, om dan, als het af te keuren was, je er unaniem tegen te verklaren, dan zou het op z'n plaats zijn geweest, maar nu is het mosterd na den maaltijd. Toen het voorstel nog een voorstel was, dat aangenomen of verworpen kon worden, toen hield men zich stil. Toen was het tijd, om zich te verzetten, nu niet meer. Als je dat nu doet, en de Synode houdt z'n been stijf, dan sta je in een minimum van tijd buiten de Kerk op de keien. Dat zou een ramp zijn voor de Kerk. Er is al bloed genoeg afgetapt.

Nooit, nooit doe ik er aan mee. Ik voel niks niemendal voor zoo'n uittreding. Ik ook niet. Dirk.

Och, wil ik je eens wat zeggen, penningmeester. Ik geloof, dat naar mijn bescheiden meening dit wonderkind al heel spoedig 'n zachten dood zal hebben. Dat het niet eens noodig zal zijn om je er tegen te verzetten, al dat kabaal kan gerust achterwege blijven, omdat het al heel spoedig zal blijken dat deze regeling onuitvoerbaar is. Er mogen enkele Gemeenten zijn, die aan de eischen kunnen voldoen, maar het zullen er niet veel zijn. Neem b.v. onze gemeente Arnhem eens.

Ze hebben me voorgerekend dat wij ƒ 20.000.— aan de Synodale Kas zouden moeten betalen. Venbeeld je zooiets. Moet je weten, of liever, je weet het net zoo goed als ik, dat ónze 'geheele hoofdelijke omsiag ƒ 18.000.— opbrengt. Deze 18 mille waren niet eens voldoende om de loopende zaken te betalen, want de kerkvoogdij had een reuzen-tekort. Ze hebben toen een voorstel gedaan om den hoofdelijken omslag te verhoogen , met het resultaat, dat het door de tegenwerking van de vrijzinnigen en gesteund door de onverschilligen, finaal is afgestemd. Dus de hoofdelijke omslag kon bij ons door deze verhoudingen niet hooger worden en alzoo kon Arnhem aan de 20 mille geen cent betalen. Dan vertelde mij laatst iemand, die het weten kan, dat b.v. Amsterdam ƒ 300.000.— moet betalen, maar eventjes 3 ton. Ge begrijpt toch zeker dat er niets van komt! Daarom, penningmeester, stilletjes afwachten. Niets doen ; in geen geval unaniem verzetten. Ze zullen in Den Haag wel gaan zien dat dit onbegonnen werk is en ze zullen er wat anders op moeten verzinnen. Ze zullen de onuitvoerbaarheid van dezen maatregel zelf wel inzien.

Maar gaat men er schrap tegen in, dan krijg je de botsing en dan sta je eerder dan je vermoedt buiten de Kerk. En hoe jij er over denkt, weet ik niet, maar daar doe ik nooit aan mee. Jongen, wat zouden de vrijzinnigen in hun vuistje lachen, als wij zoo dom waren. Dan waren ze die lastige gereformeerden voor een koopje kwijt. Neen, jongen, daar zullen we voor oppassen, geen domme dingen doen. Daarom afwachten , niets doen, dan komt het best terecht. Dat is mijn meening.

Nou, Dirk, je zou wel eens gelijk kunnen hebben. Ik sprak laatst een van onze kerkvoogden. Ik zei, toen die stemming tot verhooging van den hoofdelijken omslag was omgevallen : en wat gebeurt er nu met het oog op het nieuwe reglement ?

Wel, zei hij, als er nu een vacature komt, dan krijgen wij geen dominé, en bij een tweede ook niet, zoodat we misschien over een jaar of tien heelemaal zonder predikanten zitten.

Maar penningmeester, je begrijpt toch dat zulke onzin niet kan bestaan. Ze hebben daar in Den Haag toch ook nog hersens en zien toch, dat op zoo'n manier de heele boel naar den kelder gaat. De maatregel was goed bedoeld, dat geloof ik wel, maar als ze nu zien, dat het in de praktijk niet toe te passen is, dan moeten ze toch vanzelf bakzeil halen ! Daarom geen gevaarlijk en roekeloos avontuur van eon unaniem verzet, dat op een tweede doleantie uitloopt. Kalm afwachten en niks doen, dat is de boodschap.

Maar penningmeester, vertel me nu eens, voor ik vertrek, want het wordt mijn tijd, zullen we binnenkort nog weer een vergadering hebben ? Ik heb dat eigenlijk niet zoo goed gesnapt.

Och, dat weet ik niet; misschien wel. Ik verwacht echter van zoo'n vergadering niemendal. Men kan daar wel met óe helft plus één besluiten nemen, en als er op die vergadering veel kerkvoogden en weinig predikanten zijn, mogelijk besluiten : niet betalen, maar het heeft immers in geen enkel opzicht bindende kracht. Als men voor een zaak stond, waar men als één man één lijn trok, was het wat anders, maar waar de gemeenschappelijke gedragslijn ontbreekt, zou ik niet weten wat zoo'n genomen besluit voor waarde heeft.

Iedere gemeente moet nu zelf maar weten wat haar te doen staat en zelf de verantwoordelijkheid dragen van haar doen en laten, met de gevolgen daaraan verbonden. Van een gemeenschappelijk optreden noch in de eene noch in de andere richting kan, naar mijn gedachte, geen sprake zijn. Daar­naar mijn gedachte, geen sprake zijn. Daarvoor zijn in deze de meeningen al te zeer verdeeld.

Zoo denk ik er tenminste over, maar het kan zijn, dat wijzer menschen dan wij het beter weten, want je hebt ons daar straks bij de dommen ingedeeld en ik geloof waarlijk. Dirk, dat wij daar thuis behooren en dat onze wetenschap nog minder dan niets is. Gelukkig, dat het bestuur van Kerk en maatschappij in handen is van Eén, bij Wien vergeleken de wijste mensch nog een dwaas is.

Nu, penningmeester, ik heb je misschien wel al veel te lang opgehouden, maar ik wil toch niet weggaan, vóór ik je mijn aandeel in de Paaschcollecte geef. Hier heb je wat, want er zal nog wel heel wat water door den Rijn moeten stroomen eer we hier in Arnhem een Paaschcollecte in de Kerk voor onze fondsen kunnen houden.

Nu, vaarwel. Dag Dirk ; tot ziens. Ziezoo, die is weer verdwenen.

Aardige kerel toch, .die met alles meeleeft en wiens hart warm klopt voor onze oude Vaderlandsche Kerk. Ik mag hem graag, hoe raar of hij soms uit den hoek mag komen. Maar laat ik nu opschieten, anders krijg ik het met Maassluis te kwaad.

Alhoewel de stroom niet zoo hard meer loopt, komen ertoch gelukkig nog aanhoudend nieuwe adressen voor proefnummers binnen. Ik hoop, dat allen overtuigd zullen zijn, dat wij. Gereformeerden in de Herv. Kerk, dicht aaneengesloten moeten blijven en dat niets daartoe geschikter is als ons gemeenschappelijk orgaan, dat daarom in alle gezinnen der onzen moet gelezen worden. Ik ontving adressen uit Onstwedde 24 stuks voor proefnummers.

Velp 5 proefnummers, Nieuwerbrug a.d. Rijn 11 proefnummers.

Oosterwolde (bij Oldebroek) 18 proefnummers.

Oud-Beierland 1 proefnummer.

Charlois 1 proefnummer.

Bleskensgraaf 1 nieuw lid van den Bond. Hartelijk dank voor deze medewerking.

Op heden (Dinsdag) is het nog te vroeg om, vóór ik dit moet wegzenden, iets te kunnen mededeelen over gehouden Paaschcollecten. Wij hopen u daar de volgende week op te kunnen onthalen. Daarom zijn we toch niet zonder inkomsten. O neen, gelukkig niet, zie maar.

Wierden, afgezonden door ds. G. Enkelaar ƒ 37.40, zijnde de opbrengst der collecte ten bate van het Leerstoel-en Studiefonds Zondag 1.1. bij de bevestiging van lidmaten gehouden.

Sprang, afgezonden door Ant. Janson, penningmeester van de Jongelingsvereeniging „Timotheüs" ƒ 3.85, als zijnde gecollecteerd op ons jaarfeest op 16 .dezer ten bate van het Studiefonds.

Nieuwerbrug aan den Rijn. Mej. N. N. die mij een aantal adressen voor proefnummers opgaf, in de hoop, dat allen abonmé worden op ons „heerlijke blad", sloot daarbij in ƒ 2.— voor „uw pleegkinderen."

Mookhoek, ƒ 2.50 contributie van D. Verbaan ; ƒ 2.50 contributie van H. v. Santen, beiden te Mookhoek en van een drietal vrienden te Strijen respectievelijk ƒ 1.—, ƒ 0.50, ƒ 1.—, is ƒ 2.50 ; tezamen ƒ 7.50.

Meppel, van R. L. ƒ 2.—voor het Studiefonds. Uit dankbaarheid voor het gratis lezen van „De Waarheidsvriend."

Hoevelaken, ƒ 7.85 van Rika Dekker, pastorie Hoevelaken, zijnde de inhoud van het busje.

Voor al deze gaven hartelijk dank. Voor ik eindig heb ik echter nog iets mede te deelen.

Hier voor mij heb ik liggen : 1°. Een dikke brief uit Drenthe, uit de turfkolonies, met verzoek, mij er eens voor te spannen om gelden te verzamelen voor den grooten nood, die daar heerscht onder de arbeidersbevolking.

2°. Een uit Oud-Beierland met verzoek mijn aandacht eens te wijden aan de Jongelingsvereenigingen en namen op te zoeken door het geheele land van personen, die een warm hart hebben voor deze zaak.

3°. Een uitgebreid schrijven van een sympathiek lid, die de jaarvergadering bezocht en daar een en ander over schreef, met verzoek of ik daar niet eens van wilde schrijven in „Financiën".

4°. Een uitgebreid schrijven van iemand, die in nood verkeert, en ik moet het zelf zeggen, waard is om geholpen te worden.

Ik noem hiermede nog niet alles ; er zijn er nog meer.

Laat ik u nu zeggen, dat de arbeid voor den Bond, de fondsen en „De Waarheidsvriend" en nu de propaganda voor abonné's enz., in de laatste jaren zoodanig is uitgebreid, dat ik met .den besten wil onmogelijk voor alle zaken, die niet direct met „Financiën" in verband staan, mij kan inspannen. Hoe gaarne ik het ook zou willen en hoe noodig deze zaken ook zijn. Ik kom hier voor tijden krachten te kort. Daarbij komt nog, dat ik van de ruimte van het blad niet meer durf innemen. Als ik dus enkelen in deze moet teleurstellen, dan weten ze nu wat er de reden van is en ik hoop dat zij het zullen billijken.

De Penningmeester, J. C. FLIEHE.

Arnhem, Pels Rijckenstraat 28.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 april 1921

De Waarheidsvriend | 4 Pagina's

Financiën.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 april 1921

De Waarheidsvriend | 4 Pagina's