Financiën.
Postrekening 35683
Op den Zendingsdag heb ik nog iemand ontmoet, waarover ik met opzet de vorige week heb gezwegen. Niet omdat het der vermelding niet waard was. Neen, integendeel juist omdat ik wilde dat de lezers aan deze ontmoeting eens bijzonder de aandacht zouden wijden, 'heb ik het voor dezen keer bewaard. Nu was die ontmoeting niet iets bijzonders, ook de juffrouw in kwestie is niets bijzonders, maar wel het werk wat zij doet. In dat werk höb ik altijd bijzonder veel belang gesteld en gelukkig ook tal van lezers en lezeressen. Dit werk dat oogenschijnlijk van weinig beteekenis is, heeft toch reeds veel bijgedragen aan den bloei van onze fondsen. Het heeft niet alleen in den loop der jaren groote sommen verzameld, maar het heeft bovenal het aantal dergenen die in onze fondsen belang stelden in groote mate uitgebreid. Ja, het is niet te berekenen hoevelen er zijn, die door dit werk tot de kennis zijn gekomen dat er een Leerstoelfonds en een Studiefonds van den Geref. Bond bestaat, die gevraagd hebben : wat is dan het doel van deze fondsen en daardoor er toe gekomen zijn om niet alleen door dit werk, maar ook direct onze fondsen te steunen.
Welk werk ik dan bedoel ?
Dat hebt u zeker wel al begrepen. Het is het werk van het verzamelen van postzegels, capsules, zilverpapier, lood, tin, koper en aanverwante artikelen en de juffrouw die ik ontmoette was onze tegenwoordige hoofd verzamelaarster mejuffrouw J. den Hartog, Maliebaan 72, Utrecht.
Op mijn vraag hoe het ging, of ze nog al tevreden was over het aantal pakjes dat ze ontving antwoordde ze kort en bondig : Heelemaal niet. Neen, zegt ze, als ik naga wat mijn voorgangster mej. Verbeek ontving en welke bedragen zij aan het eind van het jaar aan u kon afdragen, dan is het om den moed te verliezen en dan denk ik wel eens : 't ligt zeker aan mij, dat het zooveel minder is. Anders begrijp ik het niet. Of ja ik durf het haast niet te zeggen, misschien hebt u er ook wel een beetje schuld aan.
Ik? Hoe kan dat? Maar wacht, ik herinner mij dat uw voorgangster er ook een handje van had om mij de schuld te geven als de zaken niet goed liepen.
Dat weet ik niet, maar wel weet ik dat u vroeger in „Financiën" nog wel eens bij zonder de aandacht vestigde op het werk der verzameling en dat hebt u zoolang ik het nu in handen heb nog niet veel gedaan. Is dat waar of niet ?
Lezer, bij die vraag werden door een paar groote brilleglazen een paar oogen op mij gericht die zooveel zeiden als : Geef daar nu eens antwoord op als u kunt.
Het was een moeilijk oogenblik voor me en stond even te praktiseeren hoe ik mij er uit zou draaien, toen ik uit die pijnlijke situatie werd gered door iemand, die mij op den schouder tikte en zei : penningmeester, mag ik u een oogenblik storen, ik moet u even noodzakelijk spreken. Dat was een uitkomst. Ik beloofde de juffrouw dat ik zoo spoedig mogelijk mijn verzuim zou herstellen en hoopte vooral dat ze den moed niet zou verliezen, maar met de zaak doorgaan op dcwijze die door niemand kan verbeterd worden.
Na al hetgeen ik er nu al over gezegd heb, weet ik niets meer. Alleen zou ik u willen vragen : Breng de juffrouw weer 'n beetje op haar gemak. Niet alleen om haar en om mij, maar in het bijzonder om de vruchten van dezen arbeid, die oogenschijnlijk wel gering zijn, maar die indirect van meer invloed zijn als u denkt.
De vraag naar het doel van onze fondsen komt hierdoor in gezinnen, vooral door schoolgaande kinderen, waar er anders nooit over gedacht zou worden en denk dit eens in. Met 200 gulden per jaar kunnen we een jong mensch die het Gymnasium wil bezoeken en dien het aan middelen ontbreekt, al weer een heel eind helpen. Laat ik daarbij nog even opmerken dat pakjes beneden 1 kilo voordeeliger zijn te zenden als 'brief dan als postpakket.
Zoo hóóp ik dan, dat geen enkele post Maliebaan 72 zal mogen overslaan, maar dat hij steeds genoodzaakt zal zijn daar aan te bellen.
Wij zullen nu eens zien wat er deze week is ingekomen. Allereerst een briefje uit Utrecht. Zeer geachte penningmeester. Dezer dagen ontving ik van een onzer vrienden een briefje, waarbij een oude zilverbon en den naam van een nieuwen abonné. Zelf had ik ook nog een nieuwen abonné. Dus dat waren er twee. Bij die oude zilvenbon heb ik nu ook maar een nieuwe gedaan, omdat ik weet dat ge de eene evenmin versmaadt als de andere. Dus dat zijn er ook twee. Verder kan ik nog opgeven den naam van een nieuw lid van den Bond. Hopende dat een en ander, hoe gering ook, moge bijdragen tot uitbreiding van 's Heeren Naam te midden in de Kerk onzer Vaderen.
Met heilbede. Uw vr. v. K.
Voor dergelijke briefjes houd ik mij zeer aanbevolen.
Ik kan hier aan toevoegen dat mij uit Rotterdam werd gezonden door den secretaris der afdeeling de namen van 6 nieuwe leden en een adres voor proefnummers, en uit Oud-Beierland de naam van een nieuwen abonné.
Voorts uit Slikkerveer door P. Tieleman van P. van Beek uit 'busje no. 216 ƒ 13.—.
Leerbroek, door ds. Binsbergen de inhoud van de gezamenlijke busjes ƒ 8.50 en ƒ 5.— als gevonden in de collecte. Beide voor hel Studiefonds.
Monster, door J. Nieuwenhuijsen de opbrengst van de laatste drie maanden van : busje no. 26 ƒ 9.84 ; busje no. 104 ƒ 8.67 ; busje no. 60 ƒ 2.73 en busje no. 119/4.11 ; totaal ƒ 25.35.
Nieuwpoort, door ds. H. J. van Schuppen van Groot-Ammers ƒ 5.- voor het Studiefonds en ƒ 5.— voor het Leerstoelfonds, gecollecteerd bij een huwelijksinzegening aldaar.
Utrecht, door ds. J. Goslinga van den heer V. d. V. ƒ 2.— en van mej. N.N. ƒ 50.—, tezamen ƒ 52.— voor het Studiefonds.
Kampen, door den penningmeester van de Vereeniging „Uw 'Woord is de Waarheid" ƒ 10.48 uit het bekende busje no. 125.
Opheusden, van Rika, het dochtertje van ds. Dekker, ƒ 11.50 zijnde het eerste steentje uit de nieuwe gemeente. Zij hoopt d, at er nog vele zullen volgen. Nu, daar twijfel ik niet aan. Als „de Waarheidsvriend" daar gelezen wordt en het aantal abonné's toeneemt, dan volgt de rest vanzelf. Gefeliciteerd, Rika, met 5 Augustus.
Oud-Leusden, van J. K. een oude zilverbon van ƒ 1.—.
Dat valt me mee deze week ; als ik toet optel bedraagt het ƒ 138.83.
Voor al deze gaven hartelijk dank aan allen die er aan hebben medegedaan. .
De Penningmeester,
J. C. FLIEHE.
Arnhem, Pels Rijckenstraat 28.
Postzegels, capsules en zilverpapier.
Ontvangen van :
Ie. J. Dam, Vlaardingen, postzegels, capsules en zilverpapier ;
2e. C. Bardelmeijer, Zegveld, postzegels, capsules en zilverpapier.
Met veel dank en voortdurende aanbeve ling.
Mej. J. DEN HARTOG. Maliebaan 70a, Utrecht.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 19 augustus 1921
De Waarheidsvriend | 4 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 19 augustus 1921
De Waarheidsvriend | 4 Pagina's