De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Ingezonden.

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Ingezonden.

4 minuten leestijd

Geachte Redactie,

Het zij mij vergund een plaatsje in »De Waarheidsvriend« te mogen innemen. Bij voorbaat dankend.

Het komt mij zoo voor dat er helaas in het Zuiden van ons vaderland zoo weinig valt op te merken van het Gereformeerde deel van ons volk. Misschien vergis ik mij, maar als ik Uw blad zoo eens nazie, en ook de verantwoording van den Penningmeester, dan komt hierin slechts zelden voor een plaatsje uit ons Zuiderdeel.

En toch staat Zeeland voornamelijk bekend als zijnde eene provincie, waar het godsdienstig leven niet op zoo'n erg laag peil staat (? )

Toch moet ik helaas, en wel te dezer plaatse, constateeren, dat er eene droeve onkunde op geestelijk gebied heerscht.

Als men zich even indenkt, dat, om nu maar van eigen Gemeente te spreken, van de voornaamste vooraanstaanden in de Kerk er zich voor de grootste, helft onder bevinden, die leden, ja, zelfs bestuursleden zijn van de \'ereeniging voor Chrdstelijk Onderwijs op Gereformeerden grondslag, dus de statuten dier Vereeniging onderschrijven en alzoo ook Gereformeerd onderwijs voor hunne kinderen begeeren, toch zoo erg vijandig staan tegenover den Gereformeerden Bond tot verbreiding en verdediging van de Waarheid in de Ned. Herv. (Geref.) Kerk, dan zal men mij de onkunde op dat gebied direct kunnen toegeven.

En vanwaar dan die vijandschap of tegenstand ?

Dit blijft mij ook 'n raadsel. Misschien, en ongelukkig genoeg, dat er helaas zoo weinigen zijn, misschien slechts een enkeling, die ooit met een lid of predikant van dien Bond in aanraking is geweest.

Toch is het altijd ons streven geweest voor die zaak op te komen en we hopen dit door Gods gehade te blijven doen. "Wat we ook eenmaal getracht hebben, tijdens de vacature om die mannen, die het zuiver Evangelie, naar den vollen Raad Gods, overeenkomstig de Heilige Schriftuur opgevat in overeenstemming met de drie Formulieren van Eenigheid volgens de Synode te Dordt 1618—'19 enz enz.", geheel volgens Art. 4 der Statuten van den Geref. Bond, te doen optreden*.

Aanvankelijk mocht dit gelukken, in zooverre, dat één dier mannen van den Bond den juisten datum al had opgegeven dat hij zou optreden, doch door ziekte werd verhinderd, zoodat moest worden uitgesteld tot later datum.

Het geleek echter wel, of de leeuw uit zijn hol was losgebroken, niettegenstaande het gebed en de behoefte van velen, toen dien mannen, die hem hadden gevraagd, bekend werd, dat hij een Bondspredikant was en in alle stilte werd hij maar voor verdere hulp bedankt.

Dus ongeveer als ten tijde van den Zaligmaker, toen Hij, in het land der Gadarenen gekomen, gebeden werd dat Hij maar uit hunne landpalen wilde vertrekken. Dus m.a.w. voor zulk een leer als boven is alhier geen plaats meer ; voor het levende Woord Gods, voor het opbeurende, vertroostende, bemoedigende en versterkende Woord Gods voor heilzpekende en - begeerende en terneergebogen zielen hebben we geen plaats meer ; dat kan in onze veelbewogen dagen wel gemist. Welk een ontzaglijke taak zoo iemand op zich durft te nemen, ware het slechts misschien voor één zioekende ziel.

Wat heeft toch de dorre prediking, zooals ds. V. d. Brink ons die beschrijft in zijn „De Ethischen en de Christus", op pag. 24, ons volk ver afgevoerd en verwijderd van die aloude leer der Waarheid, waarvoor onze voorvaderen goed en bloed hebben gegeven ; ja, zelfs op den brandstapel zijn geklommen.

Moge de Heere in Zijn ontferming nog eens de oogen komen te openen, vooral ook van hen, die als opzieners voor het heil der zielen hebben te waken en voor de wolven die in de schaapskooi van Christus trachten binnen te komen, opdat die zielen, die nu bij andere fonteinen trachten lafenis te vinden, weer een ruime plaats in onze Hervormde Kerk mogen innemen en dat er arbeiders in des Heeren wijngaard mogen worden uitgestooten die het goede zaad des Evangelies uitstrooien, opdat zich mogen verblijden beide, die zaait en die maait

Want het oogstveld is groot Dat er dan veel gebeds zij tot dien Heere des oogstes, ook over Zeeland, en voornamelijk voor on­ze gemeente. U nogmaals dankend voor de opname.

Hoogachtend,

C. VAN VELZEN Cz.

Krabbendijke, 20 Sept. 1921.

W. V. d. V. te S. (1), J. M. te W. (1). S. S. te'!'\. (1), G. V. te A. (1). Vriendelijk dank voor de opgave van abonné's.

A. W. te D. Vriendelijk dank voor de op­gave van 7 adressen voor proefnummers. DE ADMINISTRATIE.

DE ADMINISTRATIE. Maassluis, 30 September 1921.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 30 september 1921

De Waarheidsvriend | 4 Pagina's

Ingezonden.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 30 september 1921

De Waarheidsvriend | 4 Pagina's