De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Uit de Pers.

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Uit de Pers.

4 minuten leestijd

Met instemmmg nemen we hier over wat „De Rotterdammer" schrijft inzake het Noodwetje-De Visser.

Het artikel luidt :

De wet moet den maatstaf geven.

De voornaamste grief tegen de Onderwijswet is, dat zij niet waarborgt, dat alleen die bijzondere scholen worden gebouwd, welke wettelijk noodig zijn.

Bij het bespreken dezer grief rijst onmiddellijk de vraag : welke scholen acht men wél, en welke niet noodig ?

In , H e t Vaderland" kon men als grief tegen den voorgenomen schoolbouw te Rhenen lezen, dat tot dusver de ouders bijzonder onderwijs niet noodig vonden totdat „enkele woelgeesten de rustige rust in het Rijnstadje kwamen verstoren.

Wanneer in deze stemming de lïoodzakelijkheid van een bepaalde scnool moet worden beoordeeld, ziet het er voor het bijzonder onderwijs donker uit. Dat zou niets anders beteekenen dan een volkomen terugkomen op de financiëele gelijkstelling.

Natuurlijk is er geen denken aan, dat Minister De Visser zoo iets maar een oogenblik zou bedoelen. Maar het middel dat hij beraamt om enkele „uitwassen" te keeren, is met dat al volkomen bruikbaar, om metterdaad de finantièle gelijkstelling teniet te doen.

Indien men tegen den bouw van onnoodige scholen waarborgen wil treffen, moet dat geschieden volgens regelen, die de wet stelt.

Dan moeten die waarborgen zich niet richten tegen scholen die een Minister persoonlijk niet noodig acht, maar alleen tegen scholen welke krachtens wettelijke regelen niet noodzakelijk te achten zijn.

Zoo eischt het ook de Grondwet. Wil het ministeriëele ontwerp dus aannemelijk kunnen worden, dan zal het den maatstaf moeten bevatten, volgens welke de noodzakelijkheid van nieuwe scholen zal worden beoordeeld. Dan zal het dus, met andere woorden, eenige aanvulling moeten brengen van de voorwaarden voor subsidiëering, welke de wet thans bevat.

Gemakkelijk zal dit niet zijn. De eisch van een minimum aantal leerlingen hetwelk bij de herziening der wet is verhoogd, heeft reeds de strekking om alleen scholen die recht hebben van bestaan voor subsidie in aanmerking te doen komen. Wij voor ons zien vooralsnog geen kans om een nieuwen norm te vinden om de noodzakelijkheid van een bijzondere school aan te meten.

Wij gevoelen ook niet de noodzakelijkheid van een zoodanigen norm ; al achten wij eenige verbetering op detailpunten, blijkens onze artikelen van dezen zomer, wel mogelijk.

Aan ingrijpende maatregelen voelen wij geen behoefte, omdat allerminst gebleken is dat misbruik van beteekenis plaats heeft.

Dit wordt wel beweerd en herhaald, maar noch de stelligheid der bewering, noch de veelvuldigheid der herhaling kunnen de plaats van bewijs innemen.

Protestantsche Allerzielen.

„Men" schrijft aan de „N.R. Courant": In de Remonstrantsche Kerk alhier is gisteravond weder een wijdingsuur gehouden, ditmaal onder leiding van ds. P. Eldering. „Allerzielen" stond boven het programma, en de overdenking was gewijd aan" geheimenissen van dood en leven. De samenkomst werd geopend en gesloten met gebed ; verder wisselde gemeentezang, voorlezing, solozang (Truus Nachtweh) en vioolspel (de heer W. B. Thieme) elkander af. Ons trof het harmonieuse samenwerken van de muzikale krachten met den leider van den avond tot een stemmend en fraai geheel.

De overdenking was aldus ingedeeld : Ie. „de gestorvenen" ; hierbij werd gelezen een fragment uit Kierkegaerds Liefdedaden, door mevr. Maris—Fransen van der Putten vertaald ; hierbij een Trauergesang van Beneken en een Benedictus voor de viool. 2e. „Het Sterven" ; gelezen werd een fragment uit mevrouw Roland Holst's Aan den dood ; hierbij Gieb dich zufrieden van Bach. 3e. ..Eeuwigheidsgedachten" ; gelezen een deel van 1 Cor. 15, gezongen Abide with me, in de vertaling van den vervolgbundel Ned. Prot. Bond. Daarna weer viool, gebed en zegenbede.

't Geheel maakte een goeden en gewijden indruk. Of er nog zijn, die het Roomsch achten een Protestanten Allerzielen te vieren ? Die bezwaarde lieden zouden gerust gesteld kunnen zijn, wanneer zij dien middag en de vorige dagen in de bibliotheek der zelfde Remonstrantsche kerk de predikanten voor hun leerlingen lantaarnplaatjes over de hervorming hadden zien vertoonen. Het komt ons voor, dat het zelfs heuglijk is, wanneer wij goede godsdienstige gebruiken van algemeene strekking interconfessioneel kunnen uitwisselen. En tot deze gebruiken behoort het vast ook, in de Novembermaand aan de geheimenissen van dood en leven een vrome gedachte te wijden.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 9 december 1921

De Waarheidsvriend | 4 Pagina's

Uit de Pers.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 9 december 1921

De Waarheidsvriend | 4 Pagina's