De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

De Unie-collecte.

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

De Unie-collecte.

7 minuten leestijd

44ste Jaarcollecte voor de Scholen met den Bijbel.

Door de Unie „Een School met den Bijbel" is ter aankondiging van de 44ste Jaarcollecte voor de Scholen met den Bijbel, Unieblaadje no. 56 uitgegeven, dat het volgende te lezen geeft :

Maar Ik heb tegen u, dat gij uw eerste liefde hebt verlaten. Openb. 2 vers 4.

In de geschiedenis van ons Christelijk Onderwijs is wel een der schoonste perioden, zoo niet de schoonste, dat tijdperk, waarin de druk van het diensthuis zwaar op onze Scholen woog, en het vijandig liberalisme in kortzichtige verwatenheid den waan koesterde, dat het door de schatkist voor ons Christenvolk gesloten te houden, dien minderheden alle gelegenheid kon benemen, om uit te groeien en tot een macht in het volksleven te worden. Toen was het, gemeten met 'een louter uitwendigen maatstaf, een donkere toestand. De subsidie was niets of klein. De geldmiddelen waren schaarsch. De localiteit was bekrompen. Het salaris der onderwijzers was zeer gering. De tegenstand was heftig, en aan den horizont dreigden donkere wolken. Maar aan dat droevige uitwendige was het innerlijke omgekeerd evenredig. In dien tijd bloeide de liefde in verrassende schoonheid. Het heilig vuur brandde in warmen gloed. Het rijkste idealisme bezielde de harten. Men kende den gang naar het altaar, en voor het Christelijk Onderwijs was geen offer te zwaar, en geen worsteling te heet.

Het was toen de tijd der eerste liefde.

En.........de eerste'liefde is altoos het warmst.

Zij bezit de bekoring van den frisschen Meibloei.

Zij is rijk aan de tinteling van het nieuwe leven.

Zij draagt ook de belofte van vollen zomerzegen

Nu zijn we jaren verder.

We verkeeren thans in een periode, waarin we, uit het diensthuis uitgeleid, zelfs door de woestijn getrokken zijn en financieel althans het land der belofte bereikt hebben. De last der geldelijke zorgen is van de schouders gewenteld. De financiëele gelijkmaking is verkregen. We dragen gouden ketenen, en er is, Gode zij dank, volle vrijheid en volle gelegenheid om scholen te bouwen, waarin de kinderen des volks onderwezen worden naar het Woord Gods. Er is dus veel reden om dankbaar te zijn, maar staat dit tijdperk geestelijk even hoog als de episode, toen de palm onder het zware' gewicht groeide, en er van een pacificatie geen sprake was ?

Het antwoord op die vraag is niet moeilijk te geven.

En denk daarbij aan de oude Christelijke Kerk van Efeze.

Deze Gemeente was onder de Kerken der eerste Christenheid zeer bevoorrecht. Zij mocht de moedergemeente in Klein-Azië zijn. De apostel arbeidde er ruim twee jaren. De vurige en geleerde Apollos predikte er het Evangelie. Johannes wijdde aan deze Kerk zijn beste krachten en teederste zorgen, en zij kende tijden van grooten geestelijken bloei. Zij mocht zich verblijden in het volle licht. Warme, jonge bruidsliefde tot den Heere Christus vervulde de harten. Alles had men veil voor den naam en de zaak van den Heiland, en deze liefde, de eerste liefde, was maar niet een overspannen en overdreven gemoedstoestand, die spoedig verdwijnt, maar zij wortelde diep in het waarachtig geloof in Hem, Wiens wondere liefde over het verlorene en volstrekt liefdelooze-de vleugelen der ontferming en der genade heeft uitgebreid.

Doch, hoor nu wat Johannes aan Efeze's engel moet schrijven.

Luister nu naar wat het Hoofd der Gemeente zegt.

„Ik heb tegen u, dat gij uw eerste liefde hebt verlaten."

Welk een zware beschuldiging.

Welk een scherp verwijt !

Zeker, er staat niet, dat zij het voorwerp der eerste liefde heeft verlaten, want indien dat het geval was, verdiende zij den naam van Kerk niet meer. Uitwendig vertoonde zij nog de teekenen van zuiverheid en welstand. Voor het oog der menschen was alles nog goed, maar Christus speurt tot in de diepten van het hart, en ach, het eerste vuur brandt niet meer ; het is niet meer de frischheid van het nieuwe leven ; de hartelijke zelfovergave wordt gemist en de goudglans is verdoft, zoodat de heerlijkheid Gods niet meer uitschittert voor de wereld.

Vanwaar die verlating? De oorzaken der verslapping zijn niet ver te zoeken.

Zij schuilen hierin, dat die rijkgezegende Gemeente van Efeze is gaan rusten op haar verkregen goederen, en teren op de eenmaal ontvangene genade. Men bezat immers zooveel ! Men was zoo bevoorrecht ! God zou 't ook verder wel welmaken, en ja, de arbeid verminderde nog niet, en men deed z'n plicht, en de orthodoxie werd gehandhaafd, en Christus prijst haar nog om haar werken, doch achter dat alles werkte niet meer de oude stuwkracht, en in dat alles klopte niet meer het hart in den ouden, sterken slag, en het was meer plichtmatigheid en gewoonte, die de zielen leidde, dan warme, enthousiaste liefdedrang.

De eerste liefde verlaten. Dat heb Ik tegen u, zegt Jezus. Zou Hij hetzelfde ook tegen ons kunnen zeggen ? En in het bijzonder met betrekking tot ons Christelijk Onderwijs ? Is het mogelijk, dat ook wij deze eerste liefde verlaten hebben ?

Ge zult moeilijk die m o g e 1 ij k h e i d kunnen ontkennen, want ja we bouwen wel tal" van nieuwe Scholen, maar met Staatsgeld. We groeien wel in tal en kracht, maar zonder dat er van ons een offer geëischt wordt. We ijveren en arbeiden wel voor onze Scholen, maar klopt in onzen arbeid die warme liefde, die de voortrekkers bezielde, en de helden uit het tijdperk der verdrukking uitdreef tot den strijd? De teruggang der Uniecollecte (in vergelijking met de jaren vóór de gelijkmaking) geeft geen geruststellend antwoord. Het zegt ons, dat de offervaardigheid vermindert en, want het geven komt uit deze bron voort, wij, de tweede en derde generatie, de eerste liefde der ouden verlaten hebben

Dat heb Ik tegen u, zegt Christus.

Zegt Hij, die Zijn liefde nooit verlaat.

Zegt Hij, in Wien we zoo rijk gezegend werden.

En Hij zegt er nog een woord bij :

„Gedenkt, waarvan gij uitgevallen zijt, en bekeert u, en doet de eerste werken !"

Wat een krachtige vermaning ! Ook ten opzichte van ons Christelijk Onderwijs.

Ook in betrekking tot de Unie-collecte. Zij komt dit jaar weer tot u, en zij vraagt uw gave, hetzij die groot is of klein. En zij heeft er recht op. Recht, om de historie van die scholen, die voor u en uw kinderen tot wondervollen zegen mochten zijn. Recht om de verruiming, die God, na jaren van baftgen druk, wilde schenken. Recht, omdat er een volle Unie-kas moet zijn, wanneer de strijd voor de waarlijk V r ij e School nieuwe offers vraagt. Reoht, omdat ge uw dankbaarheid nooit genoeg bewijzen kunt, en uw gave immer blijft beneden het offer, dat de Heere vraagt.

Gedenk dan, waarvan gij uitgevallen zijt.

Gedenk de historie van ons Christelijk Onderwijs, en van de Unie-collecte, en doe de eerste werken. En blijke het in deze Unie-collecte, dat, al werd de eerste liefde even verlaten, en al zonk de geestdrift even in, en al kwijnde het vuur even weg, de vlam nu weer helder schijnt, en de oude liefde weer de harten doortintelt en tot offeren dringt.

De eerste liefde is de schoonste. God doe haar in ons midden herleven. Ook voor het Christelijk Onderwijs. En voor de Unie-collecte !

Het Bestuur der Unie „Een School met den Bijbel".

Ds. A. de Geus, De Lemmer, Voorzitter.

Ds. J. L. Pierson, Groningen, 2e Voorzitter.

Jhr. mr. H. A. M. van Asch van Wijk, Doorn
Ds. J. Barbas, Hengelo (Geld.).

Ds. D. M. Blankhart, Nijverdal.

Ds. M. van Grieken, Rotterdam.

A. D. Littooy, Middelburg.

Mr. J. H. Monnik, Bloemendaal.

D. A. van der Schans, Drongelen (N.-Br.).

Mr. E. J. Th. à Th. van der Hoop, Den Haag.

H. M. Tromp, Sneek.

Ds. K. K. Troost, Naaldwijk.

Mr. J. Terpstra, 's-Gravenhage, Secr.-Penn.

' s-G ravenhage, 1 Juli 1922.

Sweelinckstraat 39.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 11 augustus 1922

De Waarheidsvriend | 4 Pagina's

De Unie-collecte.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 11 augustus 1922

De Waarheidsvriend | 4 Pagina's