Ingezonden.
Hasselt, Januari 1923.
Hooggeachte Redactie !
Een paar jaar geleden hebben we eenige plaatsruimte in Uw blad aangevraagd teneinde de belangen te bepleiten onzer Evangelisatie te Nieuwleusen.
En niet tevergeefs. Menig wissel is toen ontvangen. En mede door dien gewaardeerden steun is ons een gebouw geschonken met orgel, waar nu iederen Zondag een 300 toehoorders het Woord hooren.
Van de hypotheek kan jaarlijks een aardig bedrag worden afgelost, zoodat we binnen enkele jaren D.V. van de zilveren pannen zullen bevrijd zijn.
Mag Ik den steun onzer lezers nu nóg eens inroepen voor een zeer noodige zaak ?
Onze menschen hebben behoefte aan lectuur ; aan degelijke lectuur.
Het behoeven niet uitsluitend preeken te zijn, al zijn ook deze welkom. Mijn verlangen strekt zich uit naar een bibliotheek. Wat zou die daar een zegen kunnen verspreiden. Wat zou die voorzien in een groote behoefte. Een boek, dat ik zoo nu en dan meeneem, wordt met groote graagte gelezen ; gaat van hand tot hand.
Lezer (es), help ons nog een weinig ! Hebt ge niets te missen ? Geen boek en geen geld ? Zoo ge mij 't laatste wilt toezenden, beloof ik voor het eerste te zorgen. Ook houden wij ons aanbevolen voor een lijst met titels van goede werken. Deze zaak ernstig in Uwe welwillende belangstelling aanbevelende, Verblijve met heilbede.
Hoogachtend, Uw dnr.,
W. W. BOUWHUIS, Evangelist.
Doopkwestïe Numansdorp.
Geachte Redactie,
U vergunt mij enkele opmerkingen te maken over de Doopkwestie. Voorop sta, dat de publiceering van de uitspraak van het Classicaal Bestuur van Dordt niet geschied is door of vanwege den kerkeraad. De kerkeraad roert de groote trom niet. Maar ter zake.
1. Van 1 Maart 1920 tot 1 Maart 1922 heeft de kerkeraad alle of ongeveer alle ouders tot den Heiligen Doop toegelaten.
2. Dit geschiedde op mijn advies wegens de kerkelijke troebelen en ik wilde als de nieuwe herder en leeraar niet beginnen met wie ook af te stooten.
3. Meerdere malen heb ik dn die 2 jaren de gemeente gewezen op het kerkeraadsbesluit van 1908, dat kon worden toegepast. Persoonlijk staan mij feitelijk al dergelijke bepalingen tegen.
4. Door de vijandige gezindheid van Heemskerk, het bestuur der z.g. Evangelisatie en vooral door de verregaande brutaliteit van doopouders, besloot de kerkeraad sinds 1 Maart 1.1. de bestaande bepaling te gaan handhaven. Als voorbeelden van brutaliteit : een vader van 10 kinderen voegde mij toe: ik heb nooit „ja" gezegd op de vragen, ik heb met de Groote Kerk niets te maken ; een ander : u moet doopen, u krijgt Rijkstractement ; een derde : ik had op de vragen veel beter "neen", dan „ja" kunnen zeggen ; een vierde : ik ben niet van plan „ja" te zeggen en als ik liegen wil dan is dat mijn zaak.
5. Niet alleen leden van de z.g.n. Evangelisatie worden door die bepaling getroffen, maar ieder die geen kerkelijk leven leidt. Het is gelogen, dat in vroegere jaren het z.g.n. tuchtmiddel alleen ging tegenover ouders, die onverschillig waren voor God en godsdienst en Kerk.
6. Wat de vergelijking met Op-en Neder-Andel betreft, verbaas ik mij ten zeerste. Staat dit in „De Waarheidsvriend" ? In het orgaan van den Gereformeerden Bond ? *) De kerkeraad van Andel is, voor zoover ik weet, goed Gereformeerd. Het Classicaal Bestuur van Heusden goed orthodox. Het Provinciaal Kerkbestuur van Noord-Brabant en Limburg is modern. De blijdschap, dat een Gereformeerde kerkeraad en een Orthodox Classicaal Bestuur door een Modern Provinciaal Kerkbestuur in het ongelijk worden gesteld, is toch al héél zonderling. *) Want ik ben overtuigd, dat iedere Gereformeerde kerkeraad ten plattelande met Andel accoord gaat en evenzoo handelt.*) Ik weet dit uit menige gemeente èn als lid van het Classicaal Bestuur.
Kom, Waarheidsvriend, dien de waarheid en roep nu niet de hulp van Modernen *) in om Gereformeerden 't moeilijk te maken, ook niet, nu het de zaak „Heemskerk" geldt ! En wat het Synodaal rapport betreft, ik meen, dat een lid van den Gereformeerden Bond nog niet lang geleden de Synode in haar langen levensduur vergeleken heeft met „onkruid" in zijn taal bestaan.... en nu ineens wordt een Synodaal rapport de kostelijkste tarwe. *) Want dat rapport huldigt toch de Kerk van „elk wat wils", van „evenredige vertegenwoordiging." Ligt dat in de lijn van den Gereformeerden Bond ?
Kom, Waarheidsvriend, dien de waarheid en zeg : Kerkeraad van Numansdorp, door de ellendige organisatie van onze Kerk, door het onwaarachtige in de reglementenbundel kunt gij zeer tot onzen spijt vastloopen, misschien ten minste ! Dat is eerlijke taal. *) Maar laat de Gereformeerde Bond zich nu toch niet gaan verschuilen achter de reglementen, nu het de zaak „Heemskerk" geldt en enkele leden van den Gereformeerden Bond meenen het recht te hebben zich met zaken te bemoeien welke hun absoluut niet aangaan en waarvan zij in den grond der zaak absoluut niets weten. Zij kennen hier het volk niet ; de plaatselijke toestanden niet ; de een of ander uit Numansdorp in zijn Zondagsche pakje in Rotterdam op visite, is niet immer dezelfde gelijk wij hem hier kennen in zijn dagelijksch gewaad. *) En wat nu dat rapport betreft : „hoordwang" kennen wij in onze reglementen niet? Maar lees eens artikel 26 Reglement voor de Kerkeraden en art. 11 Reglement voor de Diaconieën. En al weder : staan voor een lid van den Gereformeerden Bond de reglementen boven Gods Woord, dat zegt : het geloof is uit het gehoor ? Eischt Gods Woord geen „hoordwang" ? *) Behoeft trouwens in de reglementen geformuleerd te worden wat vanzelfsprekend is ? Kom, Waarheidsvriend, dien de waarheid en zeg als gij een dergelijk rapport wilt aanhalen : 't is toch ten hemel schreiend, dat de Synode van onze Kerk een dergelijk rapport met algemeene stemmen goedkeurt.* ) Gebruik nu dat rapport, hetwelk gij zelf verfoeit, niet omdat gij het gebruiken kunt in de zaak „Heemskerk."
7. Over het vonnis van het Classicaal Bestuur spreek ik niet. Indien werkelijk van dit vonnis hooger beroep mogelijk is, zal het Provinciaal Bestuur van Zuid-Holland die zaak wel nader afwikkelen.
8. Ten slotte. Er bestaat te Numansdorp sinds 30 Ootober l.l. feitelijk geen kerkelijke kwestie meer. Wel een zaak „Heemskerk." 30 October 1.1. is m in eene officiëele kerkeraadsvergadering, waarin tegenwoordig waren drie afgevaardigden van het bestuur der Evangelisatie, alsmede de heer Burgemeester Paans, die bemiddeling had aangeboden, duidelijk door de afgevaardigden bij monde van hun voorzitter Nijssen gezegd, dat de strijd hier niet gaat, tenminste op dit oogenblik niet meer gaat over het Gereformeerd beginsel, maar over den persoon van Heemskerk. Het slot van den strijd wordt : afscheiding van de Hervormde Kerk. Van de 10 bestuursleden hebben reeds vijf hun lidmaatschap bij deurwaardersexploit opgezegd. Dat is nu het resultaat van eene Evangelisatie, die in artikel 1 der statuten schrijft : De Vereeniging tot Evangelisatie op Gereformeerden grondslag te Numansdorp stelt zich ten doel : (cursiveering van mij) : niet om zich af te scheiden van de Hervormde Kerk, maar om, bij gebrek aan een rechtzinnig predikant in de plaatselijke kerk, zich te scharen onder de banier van Gods Woord. Dit is nu tenslotte de vrucht van het werk van menschen in en buiten de gemeente. Vooral de laatsten dragen groote schuld. Om redenen, hierboven reeds genoemd. De kerkeraad van Numansdorp, .in het bijzonder zijn praeses, wil zeer gaarne de kwestie van de Evangelisatie behandelen op de eenig goede manier. Die manier is en blijft : voor den Heere schuld belijden voor al het verkeerde, dat, van welke zijde ook, gedaan mocht zijn. Maar dat wil de Evangelisatie niet. De Evangelisatie kent slechts één parool en roept slechts één woord : met Heemskerk uit en met Heemskerk thuis !*)
Met dank voor de opname,
J. A. TEN BOKKEL HUININK.
Numansdorp, 29 Dec. 1922. V.D.M.
Aan de Redactie van „De Waarheidsivriend", Rotterdam.
Onderschrift van de Redactie.
Wij kunnen niet zeggen, dat dit Ingezonden nu zoo heel vriendelijk gesteld is. Maar dat zien we graag over 't hoofd. Wat we evenwel betreuren is, dat hier de dingen zoo schrikkelijk verward worden, zoodat het moeilijk redeneeren wordt, met iemand die zoo opgewonden schrijft en daarbij zoo dwaas telkens uitroept : „O, Waarheidsvriend ; o, Waarheidsvriend !"
Toch willen we zoo kalm mogelijk enkele zakelijke opmerkingen maken :
1) Door dergelijke bepalingen komen we er ook niet; dat is niet de weg ; noch in een goed georganiseerd kerkelijk leven noch onder de o mstandigheden waaronder we leven in het midden van de Hervormde Kerk. Als men maat regelen wil nemen tegen, ongeregeld, onchristelijk leven, dan moet men het doen, zooals dat in de Kerk behoort. Men moet het mes daar zetten, waar het gezwel zit. En de kwestie van de Evangelisatie te N. moet men op geheel afzonderlijke en eigene wijze behandelen en tot oplossing zien te brengen.
2) Die combinatie van handelingen van de Hervormde (Geref.) Evangellsatie en van brutale antwoorden van onverschillige doopouders — zaken, die niets met elkaar te maken hebben — bewijst nog weer, eens duidelijk dat de herder en leeraar van N. de dingen bedenkelijk verwart. Het is bovendien, gelijk vroeger werd meegedeeld, ook niet uitgesloten, dat een dominé zulke vragen gaat stellen, dat het een mensch vreemd te moede kan zijn ; b.v. als de dominé gaat vragen : „verklaart gij, dat gij uw kind wilt opvoeden overeenkomstig de leer die ik, dominé Jan Adam ten Bokkel Huinink, te dezer plaatse leer ?" Ziet, als men zulke zotte dingen gaat uithalen, — of iets, dat als twee droppels water op elkaar gelijkt, dan weet men toch eigenlijk niet goed, wat er aan de hand is. Neen, neen ! men moet anders optreden tegen de menschen van de Herv. (Geref.) Evangelisatie en anders optreden tegen degenen die een goddeloos leven leiden. Elke zaak heeft een eigen behandeling noodig. En zoo'n kerkeraads besluit is een lapmiddel, dat verboden is en dat ook niets uitwerkt. Misdhien een consciëntiestopper voor den kerkeraad.
3) Deze uitroepen vol verbazing zijn voor ons zóó gemaakt en zóó dwaas, dat we er verder geen woord aan verspillen. Is een zaak er, om objectief beschouwd te worden, ja of neen ?
4) Moet nu alles, wat een „Gereformeerde" kerkeraad doet, goed en wat een misschien in meerderheid modern Kerkbestuur doet, persé verkeerd genoemd worden ?
5) Men kan van dingen overtuigd zijn, die later blijken verkeerd te zijn geweest.
6) De hulp van modernen hebben wij hier niet noodig. De rechtzinnigen in het Provinciaal Kerkbestuur en in de Synode dachten er precies zoo over.
7) Hier fantaseert de schrijver zóó dwaas, dat we er liever niets verder van zeggen. In een heel helder oogenblik was onze Collega niet, toen hij deze regels op schrift zette. Is de Synode = een Synodaal rapport ?
8) De Waarheidsvriend heeft aan den kerkeraad van Numansdorp reeds lang en veel verstandiger raad gegeven inzake de Evangelisatie-kwestie. Deze zaak te willen oplossen met een doopverbod is zóó dwaas, dat wij niet kunnen begrijpen, dat een verstandig mensch er nog aan blijft vasthouden, als hij op de dwaasheid en onbehoorlijkheid er van gewezen is.
9) Dit is in den grond der zaak een leelijke klad werpen op de menschen van de Evangelisatie. Nog afgezien van de vraag, of de dominé van Numansdorp in z'n huispakje de reis maakt als hij op bezoek gaat om ergens over den kerkelijken toestand van N. te gaan spreken, of dat hij dan mischien ook een Zondagsche jas aantrekt, vinden we het niet aardig, ja, scherp te veroordeelen, als hij hier eigenlijk verklaart, dat de menschen van de Evangelisatie zich buiten N. mooier voordoen dan ze eigenlijk zijn. Dit bewijst, dat de ziel van den herder en leeraar van Numansdorp met bitteren haat vervuld is tegen die menschen en tegen „Heemskerk" (waarmee waarschijnlijk de heer Heemskerk, Godsdienstonderwijzer, bedoeld wordt, die vroeger door den kerkeraad benoemd is en daarna aan den dijk gezet). Het gevaar is intusschen groot dat als we in zoo'n toestand verkeeren, we onbillijk zijn tegenover anderen en de zaken verkeerd behandeld worden, waarbij het later moeilijk is het hoofd te buigen.
10 ) Ook hier weer een verwarde redeneering. Ontkennen de menschen van de Evangelisatie, dat het geloof uit het gehoor is ? en weigeren zij om zich te scharen onder de prediking, die naar Gods Woord is ? Het getal dat 's morgens en het getal dat 's middags opgaat naar de Evangelisatie om Gods Woord te hooren, spreken van andere dingen. Laat de kerkeraad zulke menschen niet afstooten en niet plagen, maar laat men liever de kwestie, waaruit alles is voortgekomen trachten op te lossen. Of zitten er ook misschien in den kerkeraad, die denken of zeggen : laat ze maar bedanken voor hun lidmaatschap, die vervelende Gereformeerden, dan zijn we ze kwijt? Dat zou vreeselijk zijn! En het gebeurt soms wel, dat er zulke hoog-kerkelijke menschen zijn ; die dan later met steenen gooien in allerlei verwijt.
11) Wat we hemelschreiend noemen ? Dat Orthodoxen hun Orthodoxe dorpsgenooten soms zoo geweldig in de wielen kunnen rijden, terwijl de zaak, die er tusschen ligt, niet wordt opgelost. Het ongeloof en Rome lacht bij zulke dingen en groeit er in.
12) Ja _ waarvan ? Gaat de kerkvoogdij en de kerkeraad en de dominé hier vrijuit ? Het oud-liberalisme kon vroeger ook zoo mooi praten over verdraagzaamheid. Die b.v. van een School met den Bijbel spraken waren scheurmakers ; ze waren een ramp voor land en volk! Zoo heeft de Hervormde Kerk ook zooveel te verantwoorden, waar zij niet zelden gereformeerde menschen buiten de deur gejaagd heeft, terwijl zij zoo uiterst verdraagzaam dikwijls is tegenover Christusloochenaars, enz. Als er menschen zijn, die door al die dwaze handelwijzen en plagerijen den weg kwijt raken en voor hun lidmaatschap bedanken, wie mag dan den eersten steen op hen werpen ? Intuschen willen we aan de menschen van de Hervormde (Geref.) Evangelisatie wel ernstig den raad geven : bedank niet voor uw lidmaatschap der Hervormde Kerk ! Want dan staat gij er buiten ; dan zijt gij alle rechten kwijt en uwe tegenstanders lachen in hun vuistje en hebben tegenover de buitenwereld een stok om u te slaan!
13 ) Het is gemakkelijk om van zichzelf te getuigen, dat men zich voor den Heere wil verootmoedigen, maar dat anderen dat niet willen doen. Het is vooral gemakkelijk, als men dan zelf blijft voortgaan in den weg waarin men staat en gaat, terwijl de anderen in de misère zitten. Maar zou het ook kunnen zijn, dat de menschen van de Evangelisatie het zóó voelen : dat als de zaak recht voor den Heere komt er ook recht aan menschen, aan wie onrecht geschied is, gedaan moet worden ? Zoo voelen wij de beteekenis van de formule: „met Heemskerk uit en met Heemskerk thuis", waarin door den voorzitter van de Evangelisatie in het kort de geschiedenis werd saamgevat. Hier eindigen we. Het is een zeer droeve zaak, zooals die daar te Numansdorp zich afspeelt. Dat men nog bijtijds met vereende krachten zoeken mag om weer in 't rechte spoor te komen, 's Heeren Naam tot eere en menige zondaarsziel tot zegen !
M. v. G •
Vereen. tot steunverleening aan het vrije Chr. Onderwi|s buiten ons land.
21 December j.l. heeft de onlangs opgerichte Vereeniging tot steunverleening aan het vrije Christelijk Onderwijs buiten ons land, welke bestaat uit gedelegeerden van de vijf groote Vereenigingen op het gebied van het Christelijk onderwijs, haren arbeid aangevangen. Als voorzitter is opgetreden prof. dr. A. Noordtzij, als secretaris-penningmeester de heer A. de .long zn. (Leiden, Wasstraat 10).
Verschillende aanvragen om steun uit Duitschland, Oostenrijk en Vlaanderen waren ter tafel. Naar de gegrondheid daarvan zal een onderzoek worden inesteld.
Bovendien werd in overleg met den Reichselternbund besloten een Flugschrift in Duitschland te verspreiden, waarin de beginselen van onzen schoolstrijd nader worden belicht. Dit ter voorbereiding van een actie van bovengenoemden bond.
Met eenigen aandrang verzoekt het moderamen :
a. aanvragen om geldelijken steun, die voor scholen (dus niet voor personen of kerken) uit het buitenland bij iemand mochten inkomen, door te zenden aan den heer De Jong te Leiden, opdat er meer eenheid kome in de actie en hulp verleend wordt daar, waar die inderdaad noodig is ;
b. allen, die bereid zijn in het buitenland de zaak van het Chr. onderwijs te dienen, zich met het Moderamen in contact te stellen. Zal geen verwarring worden gesticht, dan zal ieder goed op de hoogte moeten zijn van de buitenlandsche verhoudingen. Ook hier is eenheid van actie noodig. De heer Uittenbogaard van Arnhem, die in de Duitsche beweging een belangrijke plaats inneemt, heeft zich bereid verklaard in overleg met het Moderamen van advies te dienen.
Voor deze actie is natuurlijk geld noodig. Duitschland en Oostenrijk roepen om hulp. De Vlaamsche scholen hebben behoefte aan krachtigen steun. De Chr. scholen in Suriname dreigen onder te gaan. Wij, die zoo rijk gezegend zijn, moeten hier steun bieden. Ook dit is een arbeid in het Koninkrijk van onzen God! Laten dus allen, die het Chr. onderwijs liefhebben en oog hebben voor wat de Heere ons in deze schonk, de handen ineenslaan.
Wij rekenen op uw gebed en gaven! ledere gave is welkom en zal door onzen penningmeester (gironummer 1053) in de bladen worden verantwoord.
Namens de Ver. voor Chr. Onderwijers en Onderwijzeressen in Nederland,
J. TH. R. SCHREUDER, Amsterdam. A. DE JONG Ezn., Leiden.
Namens de Vereeniging voor Christelijk Nat. Schoolonderwijs, Ds. J. GOSLING'A, Utrecht.
Namens de Unie „Een School met den Bijbel",
Mr. J. TERPSTRA, 's-Gravenhage. aNmens de Vereen voor Christelijk Volksonderwijs, Jhr. Dr. L. H. QUARLES VAN UFFORD, Utrecht.
Namens het verband tusschen de Geref. Scholen, Prof. Dr. A. NOORDTZIJ, Driebergen
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 19 januari 1923
De Waarheidsvriend | 4 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 19 januari 1923
De Waarheidsvriend | 4 Pagina's