De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Stichtelijke overdenking.

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Stichtelijke overdenking.

9 minuten leestijd

En Hij, dra, gen.de Zijn kruis, glnig oii-t naar d-e plaaits, gemaamd Hoofdsohedelplaats, welkie lira li-et Hebreeuwscli geaiaamid wordt Qolgotlia. Johanmes 19 vers 17.

Dragende Zijn kruis.

Eindeliik was Pilaius voor den oinheiligen drang der Joden bezweken. - De zwakke man was gevallen. Haat en vijandsdiap triumfeerden. De vertegenwoordiger van het uitnemendst recht heeft het onrechtvaardig doodvonnis bekrachtigd. Een doodvonnis, zooals de Joden dat wensohten. Hun Koning moest gekruisigd. En dat wel terstond. Waarom langer getoefd ? Immers Jezus was geen Romelnsch' burger, zoodat beroep op den keizer was uitgesloten. Onmiddellijk wordt Zijn rug met geeselslagen UOUI-i'UWgU. JJt; iVl'UiSUclllVDll wuiucil lacuu op de schouders gelegd. De droeve stoet zet ziöh in beweging. Johannes zegt :

„En Hij, dragende Zijn kruis." Het was niet slechts gewoonte, maar ook verplichting dat de veroordeelde zijn kruis droeg. Voor Jezus geen uitzondering. Alleen als Hij dreigt te bezwijken, wordt Simon van Cyrene gedwongen den last over te nemen. Op iedere schouder lag een kruisbalk om elkander dan voor 't gelaat van den kruisel'ing te kruisen. Zóó vertrok ook Jezus van Oabbatha om door Jeruzalems straten het bruis te torsen tot buiten de poort.

Gewillig nam Hij tiet 'Op zich ; evenals Izak, toen hij den berg IVloria besteeg.

Gewillig, hoewel de kraöhten Hem schier begaven.

Gewillig, hoewel de wonden Hem nu dubbel pijn deden.

Gewillig, hoewel het kruis der smart tevens was kruis der schande.

Bn toch is dit kiruis teeken der overwinning. Qeen schande, maar onvergankelijke eere predikt dit kruis. Achter het onrecht van Pilatus schittert het strenge recht Gods. Achter den haat des volks glanst eeuwige, onbegrijpelijke liefde.

Helaas, de Joden zagen dat niet.

Alleen het oog, door Geestesliöht en geloofskraoht geoefend, kan in het kruis der schande eere zien, een teeken der overwinning, Qods recht en oneindige ontferming.

Dat zagen de Joden niet. Naar hun meening had die Jezus het verloren.

Zij hadden het gewonnen. Vreeselijke vergassing Waarom ? t

„Dragende Zijn ki-uis." Was het Zijn kruis ?

Neen. Althans niet in dien zin alsof Hij zich dat kruis had waardig gemaakt.

En toch Zijn kruis. In de stilte der eeuwigheid had de Vader het Hem opgelegd. Toen reeds mam Hij het vrijwillig op Zich. Dat kruis was het kruis, dat Zijn volk moest dragen als alleen recht triumfeerde. Maar Hij maakte het kruis van Zijn volk tot 't Zijne „een vloek ge­ worden zijnde voor ons." Dat volk had eeuwige pijn en schande verdiend. Was waardig onder het strenge recht Qods eeuwig om te komen, eeuwig straf te lijden. Dat alles nu draagt dat volk in Hem. Hij in hunne plaats. Daarom is Jezus' kruis zooveel zwaarder dan dat der moordenaars. Zij droegen hun kruis. Jezus dat voor-Zijn volk, n.l. de zonden der wereld, den vloek Qods. Daarom heeft dat kruis-dragen voor dat volk rijke vrucht. Een vrucht, die zich openbaart in het ontdekkend werk des Qeestes, in het afbreken en ontfcleeden van den mensch. In het wegnemen van alle gronden buiten dien Christus. In een buigen en vallen onder Qods recht. Maar ook een vrucht, die zich openbaart in het toeëigenen van den Middelaar. In het bezitten van de^ Borg, in de uitdelging der schuld en den vrede met Qod, die alle verstand te boven gaat.

Heeft dan Qods volk geen kruis meer te dragen ?

Neen, dit kruis niet. Dit kruis is hun oor eeuwig van de schouders gelicht. aar wd een kruis. „Zoo iemand ach-^J jy^ij.wil^kpmen. die_iiiem: e^.z.iin> t..u.e ruisdragers. Qods gemeente ©en kruisemeente.

Wat dat dan voor een kruis is ? Allererst de miskenning der wereld. Qods olk wordt geduld en moet nog geuld. Straiks wordt het uitgestooten. Als e Antichrist komt, hij, wiens komst in et wereldgebeuren onzer dagen luide ordt aangekondigd. Als „de mensch der zonde en de zoon des verderfs" van zee tot zee regeeren zal, zal dat volk an God niet 'meer worden geduld.

En tot hun kruis bdhoort ook de smaad, de verachting, de laster der wereld. Er is velerlei kruis. Kommer, zorg, moeite, verdriet, ziekte, teleurstelling en zooveel meer. Zeker, de wereld heeft dat laatste ook te dragen, en toch is ze een kruisdrager. De ware kruisdrager neemt het op en draagt het den rooten Kruisdrager achterna.

Zoo hebben al Gods kinderen een kruis. Dikwijls zwaar en pijnlijk, maar ook louterend en heiligend. Want ook d dat kruis geeft rijke vrucht. En de last. wordt wel eens licht als 't achter den Kruisdrager gedragen wordt. Zong niet de gewijde zanger : Het is mij goed, verdrukt te zijn geweest ? En hebt gij dat ook wel eens met uw hart gezongen ? Zijt gij ook een echte kruisdrager ? Kent gij den Kruisdrager ?

Al was er slechts een beginsel van deze dingen. Eén kruimel genade is ook genade.

„En Hij, dragende Zijn kruis, ging uit." Let eens op die laatste twee woorden. Vul ze in uwe gedachten aan met „Jeruzalem." Immers ging Hij uit de bloedstad. En heeft dat nu nog bijzondere beteekenis ? Denk eens aan Hebr. 13 vers 12 : „Daarom heeft ook Jezus, opdat Hij door Zijn eigen bloed het volk zou heiligen, buiten de poort geleden."

In het 11de vers wijst de apostel er op dat als een zondoffer werd gebraöht voor het geheele volk, met inbegrip van •de priesterschap, het bloed wel in het heiligdom werd gebracht, maar het vleesoh buiten de legerplaats werd verbrand. Het feit dus, dat Christus uitging buiten de poort, wijst ér op, dat Hij was het ware zondoffer, dat de zonde droeg van heel Qods gemeente.

Juist door dit uitgaan droeg Hij de zonde van heel Zijn Kerk.

En evenals de hoogepriester, juist van dat offer het bloed bracht in het heiligdom, zoo is ook de Hoogepriester Christus ingegaan in het heiligdom daar boven. Hij bleef niet in het voorhof, zooals de Israëliet, die alleen voor zichzelf offerde, maar ging in het binnenste heiligdom, gelijk Israels hoogepriester dat typisch in tabernakel en tempel deed. Zóó heeft Christus met Zijn bloed. Zijn totale overgave, den Vader verzoend ; ja, op grond van de eeuwige overeenkomst in den vrederaad, het eeuwige leven voor Zijn volk geëasoht. „Zoo is er dan geen verdoemenis meer voor degenen, die in Christus Jezus zijn." Door met den kruisbalk het aard& oh Jeruzalem uit te gaan, heeft Hij het hemelsch Jeruzalem geopend voor allen, die dien Hoogepriester kennen en Zijn offer aanvaarden. Dat is de rijke ibeteekenis van het: „ging uit."

Zeker, er zijn er, die door genaderacht gedreven, evenals Christus, de loedstad der wereld, de stad des verderfs, hebben verlaten. Er zijn er nog el, die buiten de poort zijn gegaan om in de stille eenzaamheid naar God en om 'God te schreien. Er is nog een volk, dat de stad dezer wereld niet kan besdhouwen als een blijvende stad. Maar er zijn er zoo weinigen in wie dit leeft. Zoo velen, bij wie dit alles meer in het verleden ligt. Zoo velen, die deze dingen maken tot hun grond voor de ee^uwigheid. Zoovelen, die daarom in het genadeleven niet vorderen. En helaas zoo weinigen, die kwamen op Oolgotha. Daar den Borg en Middelaar aanscliouwden, omhelsden, hunne hand legden op het offer van dezen eenigen Hoogepriester. Worde 's Heeren Geest nog weer eens vaardig over de vele doodsbeenderen. Kome er veel gebed, als dat der bruid : „Ontwaak gij Noordenwind! en kom, gij Zuidenwind! doorwaai mijnen hof, dat zijne specerijen uitvloeien !"

Zoo komt er met Jezus een uitgaan „naar de plaats genaamd „Hoofdschedel plaats, welke dn het Hebreeuwsöh genaamd wordt Golgotha."

Volgens sommigen werd deze plaats zoo' genoemd omdat het de gerichtsplaats was. Volgens anderen, omdat Golgotha den vorm had van een hoofdschedel.

Het doet natuurlijk niets terzake. Het gaat hier om Hem, die Jeruzalem uitging om daar Zijn werk te volbrengen. Het was een lange weg van Gabbatha naar Golgotha. Ongeveer en uur gaans. Men koos den langsten weg, opdat zoovelen als mogelijk was. het afschrikwekkend voorbeeld zouden zien. Dien langen weg ging ook Jezus, omstuwd door nieuwsgierigen en belangstellenden, door weenenden en spottenden.

Wat een schrille tegenstelling met de Hosanna's van voor enkele dagen. En toch moesten de Hosanna's verstommen, want het was nog niet volbracht. Zouden de engelen en de verlosten het Uitjubelen : „Verheft o poorten nu den boog. Rijst eeuwge deuren rijst omhoog" dan moesten eerst Jeruzalems poorten zich sluiten voor dezen Koning. En dan moest het eerst naar Oolgotha, den gevlo'Ckten smaadheuvel. Maar daar lag dan ook het geweldig keerpunt. Vandaar zou het dan klinken over heel de wereld : „Het is volbracht." Die smaadheuvel wordt berg der. heeriijkheid. En ook hier geldt het : „Sla d' oogen naar 't gebergte heen." Qolgotiha, niet meer de heuvel der hoofdsohedels, de heuvel des doods, de plaats des gerichts, maar de berg des levens, de plaats der eeuwige vrijspraak. Golgotha niet meer het middelpunt .van smaad en vloek, maar van eere en heeriijkheid en glans en glorie. „Sla d' oogen naar 't gebergte heen."

En gij, waanheen slaat gij uwe oogen ? Naar de wereld ? Naar den heuvel van menschelijke grootheid ?

Naar eer, inplaats van smaad ? Naar^ de stad des verderfs, inplaats van naar Golgotha ?

gldt, UR€xx"«c^u6tl'^ii{'t[e'^iiiB"%eil"zaamheid en overdenk uw weg en lot."

Golgotha is tot oordeel óf tot voordeel.

En • als uwe ziel schreit naar God, zoekt het dan niet in allerlei zielsgestalten. Hoe goed ze zijn, en boe zalig, ze zijn geen Golgotha, geen Christus.

" Ze moeten allen gekruisigd, zal het kruis voor u zijn rijke beteekenis hebben. Vrede met God is er alleen op Golgotha.

Verzoening alleen in het kruis. Levenalleen op die gerichtsplaats, waar de Borg en Middelaar het uitroept : „Het is volbracht."

Bn daar leeft de roeping, die de apostel laat volgen in Hebr. 13 vers 13 : „Laat ons dan uitgaan buiten de legerplaats. Zijne smaadheid dragende.

Ur. A

v.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 23 maart 1923

De Waarheidsvriend | 4 Pagina's

Stichtelijke overdenking.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 23 maart 1923

De Waarheidsvriend | 4 Pagina's