De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Staat en Maatschappij.

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Staat en Maatschappij.

5 minuten leestijd

Poiitieke invloed.
Het valt niet te ontkennen, dat de invloed, welke de Hervormd Gereformeerden op de politiek kunnen uitoefenen, maar van weinig beteekenis is.
In de Eerste Kamer heeft geen enkele hunner zitting, terwijl zich in de Tweede Kamer slechts twee vertegenwoordigers van deze groep bevinden. En dat, waar men veilig kan aannemen, dat de Hervormd Gereformeerden een paar honderdduizend stemmen uitbrengen.
En zooals het in de volksvertegenwoordiging staat, zoo is het ook gesteld bij de andere Colleges bij de Provinciale Staten, Gemeenteraden, enz.
Met de benoemingen is het niet anders. Men zou vreemd opkijken, als men b.v. eens een lijstje van Burgemeesters voor zich had. die de andere gemeenten nog daargelaten, in overwegend Hervormd Gereformeerde plaatsen dit ambt bekleeden en toch niet tot dien kring behooren.
Nu vindt dit alles zijn oorzaak, gelijk wij bij eene vroegere gelegenheid nader hebben uiteengezet, hierin, dat de overgroote meerderheid van onze mannen zich aan de werkzaamheden der kiesvereenigingen onttrekken, ja, zelfs er geen deel van uitmaken.
Weike de redenen zijn, die tot dezen ongewenschten toestand hebben geleid en dezen nog doen bestendigen. zullen wij niet opnieuw nagaan. Wij constateeren ditmaal slechts het feit.
Echter moeten wij in dit verband wijzen op een gevolg, dat bij uitbreiding een ernstig gevaar kan worden voor 't doorwerken der beginselen, die de Hervormd Gereformeerden op velerlei terrein voorstaat.
Men kan toch opmerken, hoe van lieverlede mannen uit onzen Gereformeerden kring zich gaan aansluiten óf bij de Christelijk Historische Unie of bij de partij van de Staatkundig Gereformeerden.
Nu kan men weten, ook al bezit men nog zoo weinig politieke ervaring, dat noch de een, noch de andere van deze beide partijen de actie tot versterking van het Hervormd Gereformeerd beginsel bevordert.
Het is b.v. bijzonder in den laatsten tijd gebleken, dat heel wat Ethischen en Confessioneelen hun positie op kerkelijk terrein via de politiek van de Christelijk Historische Unie profeteeren te verstevigen en trachten de synodale organisatie sterker te maken dan deze ooit te voren was.
En niet anders doet de Staatkundig Gereformeerde partij, die in haar politiek optreden pogen wil een bres te schieten in onze gelederen.
Tegen dit tweeërlei streven hebben de Hervormd Gereformeerden front te maken, willen zij de plaats, die zij temidden van ons volk innemen, niet prijsgeven.
Onze mannen behooren politiek bij de Antirevolutionaire partij, omdat deze partij de beginselen vertolkt, die de Hervormd Gereformeerden belijden.
Het wil ons echter wel eens voorkomen, dat heel wat Antirevolutionaire kiesvereenigingen en met deze ook niet weinige voormannen uit die partij, zich niet genoegzaam rekenschap geven van de plaats, welke de Hervormd Gereformeerden in de Antirevolutionaire partij innemen en hun niet dien invloed teekenen. waarop zij krachtens hun aantal kunnen aanspraak maken. Dit verstevigt niet het onderling vertrouwen, maar leidt tot verwijdering, wat vooral ten opzichte van het gevaar, dat wij hierboven noemden, bedenkelijk kan worden.
Wij zullen hierop niet dieper ingaan, maar hopen, dat de leiders der Antirevolutionaire partij zuilen medewerken, dat aan de Hervormd Gereformeerden die politieke invloed zal geschonken worden, die hun uit hoofde van hun plaats in de Antirevolutionaire partij toekomt.

Volharden.
Toen omstreeks 1910 de lO0Oste school met den Bijbel in ons vaderland geopend vverd, liet dit feit niet na zekere dankbare ontroering te wekken onder ons christenvolk. Welk een zegen, ondanks veeljarigen, vaak bangen strijd.
Wie thans kennis nam van de Uniecijfers, zal hebben gezien, dat het aantal der Protestantsch Christelijke scholen inmiddels is gestegen op 1517 : een groei, waarop onze oude voortrekkers misschien nauwelijks hebben durven hopen. Althans niet binnen betrekkelijk zoo korten tijd.
Toch is de toestand, dank zij Gods wonderbare leiding, zoo geworden, dat eerlang het aantal leerlingen op de Bijzondere scholen dat op de Overheidsinrichtingen overtreft. De goede regel wint dus in kracht.
Voor een niet onbelangrijk deel dateert die snelle wasdom uit de laatste twee jaren.
Toen de nieuwe Lager Onderwijswet in werking trad, bleek terstond hoe groot de behoefte aan Christelijke scholen was. In 1921 kwamen er meer dan 100 bij. En in het jaar, dat pas achter ons ligt, nam het aantal Scholen met den Bijbel toe met niet minder dan 137. Dat is gemiddeld dus tusschen 2 en 3 per week.
De nieuwe wet heeft ons dus, wat de schoolgelegenheid betreft, wel ruimte gemaakt.
Hoe groot eenerzijds in menig opzicht ook onder ons de bezwaren zijn tegen deze wet, wat opzet en uitwerking der vrije-school - gedachte betreft, anderzijds mogen we toch niet voorbij zien, dat zij een krachtige stimulans bracht voor de ontwikkeling van het Bijzonder Onderwijs in de breedte.
Daarvoor past ongetwijfeld dank. Gaarne willen we dat uitspreken.
We verbinden er echter onmiddellijk de gedachte aan dat deze zegen ons moet prikkelen om ook in de diepte ons onderwijs wèl te fundeeren.
We zien dan den tijd naderen, dat iets, misschien veel van het ideaal, dat ons op schoolgebied steeds voor oogen heeft gestaan, zal kunnen worden verwezenlijkt.
De mogelijkheden om op dat terrein aan de volkskracht ten volle de plaats te gunnen, welke haar toekomt verbeteren meer en meer.
Laat ons die kansen niet verspelen door te pogen om op eenigerlei wijze den „schoolmeesterenden staat" in eere te houden.
Ook van de Christelijke Staatsschool. welke zoo in als buiten den liberalen kring eenige attractie begint te krijgen. ga voor ons geen bekoring uit.
We hebben te volharden bij het oude ideaal : de Vrije School regel, de Openbare aanvulling.

„Onze Prinsenstad", (Christelijk Dagblad voor Delft en omstreken).

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 6 april 1923

De Waarheidsvriend | 4 Pagina's

Staat en Maatschappij.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 6 april 1923

De Waarheidsvriend | 4 Pagina's