Ingezonden.
Geachte Redactie !
ledere medaille heeft hare keerzijde, dat is U wel met mij eens. Zou dit ook niet gezegd kunnen worden van de invoering van de organisatie onzer Nederlandsche Hervormde Kerk in 1816 ?
Telkens en telkens weer wordt er in „De Waarheidsvriend" op de kwade zijde van die invoering gewezen, maar heeft zij ook niet hare goede zijde, of heeft zij die tenminste niet gehad ?
Van dr. iHoedemaker werd onlangs in „De Waarheidsvriend" beweerd, dat, als hij wat had goedgekeurd, wij dat dan ook gerust konden doen.
Weet men wel, hoe hij over onze organisatie dacht ?
Hij zegt er dit van : „Instee van de organisatie van 1816 te beschouwen als de bron van al het kwaad in onze Kerk, gelooven wij dat het de wonderlijke en genadige leiding Gods geweest is, die onze belijdenis door middel van die organisatie tijdelijk voor verderf heeft willen bewaren.
Dat maakt de handeling van Willem I niet goed.
Dat pleit niet voor de tegenwoordige inrichting van onze Kerk, maar het bewijst dat God nog iets met onze Kerk voor heeft.
Niet vóór, maar zeker na de Revolutie zou eene Synode zeker denkbaar geweest zijn, die zich allerlei vrijheden met de belijdenis zou hebben veroorloofd ; een „Roover-Synode" van Donker Curtiussen, enz.
God heeft gezorgd, dat de belijdenis voor dood in de kist werd gelegd ; eene versteening, maar om juist daardoor in het bezit van hare onvergankelijke levenskracht te blijven, totdat betere dagen voor de Hervormde Kerk aanbraken. De Kroon van Schotland was onder Baliol zoek. Gelukkig. .Als zij destijds niet tijdelijk zoek ware geweest, zou zij voorgoed verloren zijn gegaan."
Tot zoover dr. Hoedemaker.
In de dagen der Doleantie trachtten dr. Kuyper en de zijnen velen, die met hun geheele hart hingen aan de Kerk onzer Vaderen, in hun revolutionair bedrijf mede te sleepen, door te zeggen, dat men wèl breken mocht met de organisatie onzer Kerk, maar niet met de Kerk zelve. Zij vergeleken die organisatie bij het getimmerte, dat te Zaandam over het Czaar-Peter-huisje is heengebouwd.
Het huisje zelf was dan de Kerk. Dit gaf aan dr. Van Ronkel, zeker niet minder Gereformeerd dan dr. Hoedemaker, aanleiding, er dit op te antwoorden :
„Een der jongste een meest geliefkoosde beelden (der organisatie van 1816) is het getimmerte, dat men, ter veilige bewaring van het huisjen van Czaar Peter daaromheen heeft opgetrokken. Neen, dat beschuttend getimmerte is waarlijk het eigenlijk huisjen niet en evenmin is de om de Kerk heengetrokken en haar opgelegde organisatie de Kerk zelve.
Neem weg die omtuining (zoo zegt men) en laat ons het huis zélf zien.
Men vergete daarbij evenwel niet dat zonder die beschuttende omgeving, er sints lang" van Czaar Peters huisje weinig ware overgebleven.
En wat er van de Vaderlandsche Kerk, gered uit de vernielende handen van de Revolutie, zoude geworden zijn zonder de tijdige bescherming dier organisatie van 1816, zal niemand gewis ons kunnen zeggen. De fout dier organisatie ligt bovenal hierin, niet, dat zij zoo tijdig kwam, maar dat zij ook, naar haren aard en bestemming, tijdelijk had moeten zijn en blijven."
Tot zoover dr. Van Ronkel.
Mij dunkt, deze twee aanhalingen geven wel een anderen kijk de Bestuursdaad van Koning Willem I.
Overigens vrees ik dat sommige inzenders en zelfs medewerkers van „De Waarheidsvriend" door de wijze waarop zij schrijven over de organisatie onzer Kerk en over het ontstaan daarvan, zich hetzelfde verwijt eenmaal voor de voeten zullen geworpen zien, tegen hetwelk zich zelfs dr. Hoedemaker niet heeft kunnen vrijwaren.
in 1889 verweet hem dr. Wagenaar o.a. dit :
„En dat doet dr. Hoedemaker.
„De man die voor Heeg in 'sHeeren „hand het voornaamste middel is geweest, dat de Kerk tot breking met de „organisatie heeft gebracht."
Met vriendelijken dank voor de plaatsing dezer regelen aan de Redactie van „De Waarheidsvriend."
K., 3-3-'23. EEN DIAKEN
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 6 april 1923
De Waarheidsvriend | 4 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 6 april 1923
De Waarheidsvriend | 4 Pagina's