De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Uit de Pers.

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Uit de Pers.

8 minuten leestijd

Wankele Classes.
In het Weekblad voor de Vrijzinnig Hervormden wordt onder het opschrift „Wankele Classes" door den heer L. J. van Dijk, van Rijswijk, die blijkbaar graag zit te cijferen, het volgende artikel geschreven, waarvan de orthodoxen ook wel kennis mogen nemen :
Noord-Holland. Deze provincie telt de 5 classes Amsterdam, Haarlem, Edam Alkmaar en Hoorn, waarvan de beide eerste overwegend orthodox en de beide laatste overwegend vrijzinnig zijn, zoodat de classis Edam steeds den doorslag zal geven wat betreft de richting van de meerderheid van het Provinciaal Bestuur in Noord-Holland. Thans staat deze classis ongeveer op het doode punt {23 stemmen orthodox en 24 stemmen vrijzinnig), dus gelukt het de 2 vacante vrijz. gemeenten (Ilpendam en Warder) spoedig te bezetten, dan is de classis Edam en daarmede het Provinciaal Bestuur van Noord-Holland in meerderheid weder vrijzinnig.
Groningen. De provincie Groningen bestaat uit de 4 classes Groningen, Appingedam, Winschoten en Winsum, waar van beide laatste overwegend vrijzinnig zijn, Appingedam overwegend orthodox is en de tot dusver vrijzinnige classis Groningen thans op het doode punt staat (45 vrijzinnige en 45 orthodoxe stemmen). Zoo spoedig mogelijk moeten dus de beide vrijzinnige vacante gemeenten (Aduard en Kropswolde) in die classis bezet worden.
Friesland. Deze provincie telt 5 classes (Leeuwarden, Sneek, Dokkum, Franeker en Heerenveen). Leeuwarden is overwegend vrijzinnig; en Sneek en Dokkum zijn overwegend orthodox, zoodat de richting der provinciale afgevaardigden afhangt van den toestand in de classes Franeker en Heerenveen. Franeker brengt thans 45 vrijzinnige en 48 orthodoxe stemmen uit. Van de vrijzinnige gemeenten zijn er 3 vacant (St. Jacobi-Parochie, Peins en Zweins en Hoorn op Tersch.) en van de orthodoxe gemeenten 4. Worden de 3 vrijzinnige gemeenten 'bezet (veronderstellende, dat de 4 orthodoxe gemeenten nog.vacant blijven) dan staat Franeker op het doode punt. Ook in de classis Heerenveen is bet verschil tusschen de beide richtingen in stemmental gering (41 linksohe en 47 reohtsche stemmen), waarbij men rekening moet houden met het vacant zijn van 4 vrijzinnige gemeenten (Nijehorne), Makkinga, 01de-en Nijeberkoop en Oosterwolde) en 1 orthodoxe gemeente.
Drenthe. Deze provincie bestaat uit de 3 classes Assen (met een flinke vrijzinnige meerderheid), Meppel (met een groote orthodoxe meerderheid) en Emmen, welke laatste dus den doorslag geeft en alle waakzaamheid vereischt. In die classis worden thans 17 vrijzinnige en 15 orthodoxe stemmen uitgebracht, terwijl de vrijzinnige gemeente Zweelo vacant is en dus zoo spoedig mogelijk bezet moet worden.
Een en ander resumeerende, is de conclusie dat de volgende vrijzinnige gemeenten zoo spoedig mogelijk in het bezit van een vrijzinnig predikant moeten komen :
In Noord-Holland : Ilpendam (ƒ 2000) en Warder (ƒ 1500).
In Groningen : Kropswolde (ƒ 1200) en Aduard (ƒ 1550) ;
In Friesland: St. Jacobi-Parochie (ƒ 2100) ; Hoorn op Tersch. (ƒ 3400) ; Peins en Zweins (ƒ825) ; Nijehorne (ƒ 3800) ; 01de-en Nijeberkoop (ƒ 2500) Makkinga (ƒ 2300) en Oosterwolde (ƒ 2500) ;
In Drenthe : Zweelo (ƒ3000).
Het Friesch Dagblad, gewag makende van het financieel verslag van den „Gereformeerden Bond", schrijft onder bovenstaand opschrift:
Toen, vóór vele jaren de Vrije Universiteit werd opgericht, brachten een aantal broederen, bijna allen thans overleden, een tonne gouds bijeen als stichtings-kapitaal.
Later kwam daar, meenen we, nóg 'n keer een ton bij.
En vele „tonnen" zijn al deze jaren door reeds geofferd aan jaarlijksche bijdragen voor hetzelfde doel.
De Roomschen deden nu desgelijks.
Alleenlijk, omdat het geld in waarde is gedaald en zij in 't getal zooveel sterker zijn, vormden hun „tonnen" voor hun Hooger Onderwijs reeds dadelijk een millioen, en méér.
Thans is er weer een ton bijeen. Onze gereformeerde broederen in de Ned. Hervormde Kerk hebben na I5-jarig gestadig collecteeren onder de „kleine luyden" thans insgelijks hun „ton" bijeen, en zij zullen, naar op de jongste jaarvergadering bleek, thans spoedig overgaan tot de vestiging van een eigen
leerstoel, zooals Kuyper's Kabinet dit mogelijk heeft gemaakt, aan 'n Rijksuniversiteit : een leerstoel, die dan wel zijn zal voor de Gereformeerde Dogmatiek.
Wij wenschen hen daarmee van harte geluk.
Al kiezen wij voor de eigen „Universiteit", we kunnen er zeer wel inkomen, dat zij vanwege de omstandigheden het mindere voorshands nemen, dat immers door God óók rijk gezegend worden kan.
Maar wat we willen opmerken ?
Zoo ziet men weer bij vernieuwing, hoe groote groepen van ons volk zich niet kunnen vinden In het Hooger Onderwijs van den Staat en al moge men dan zelfs van christelijke zijde ons toevoegen, dat zulk onderwijs niet „vrij" kan zijn, al deze bedoelde groepen zijn toch van andere meening en zoeken mannen, die zich ook bij hun wetenschappelijk onderzoek plaatsen op den bodem eener bepaalde Confessie.
En het volk brengt daar zijn offers voor.
Geduld maar, met een volksovertuiging, die zóó gedurig veld wint, móét de Regeering wel rekening houden in 't eind. —

Een Modus-Vivendi.
Bij het kerkelijk vraagstuk staat de Hervormde Kerk wel in 't midden. Wat moet er met haar geschieden ? Ook mannen, die er buiten staan als mr. A. F. de Savornin Lohman schenkt zijn aandacht aan 't moeilijk probleem en schrijft in „De Nederlander" hoe hij zich de oplossing ten opzichte van de Hervormde Kerk denkt. En dan zegt hij, dat de oplossing te zoeken is in een Modus-Vivendi.
Wat Z.-Exc. schrijft, laten we hier volgen :
„De fout van het koninklijk besluit van 1816 ligt, gelijk ik poogde aan te toonen, niet in de regeling op zichzelve, maar in de onderdrukking van de in 1816 bestaande Kerkenordening van Dordt, om die te vervangen door zijn „Kerkbestuur." Men had die kerkenordening en dat kerkbestuur met elkaar in verband moeten brengen. Dit kan alsnog geschieden, door de kerkvorming vrij te laten, en deze in verband te brengen met het gebruik der kerkgebouwen en het recht op goederen en inkomsten overeenkomstig het koninklijk besluit van 1816. Op de volgende wijze ware dit mogelijk, nl. door een nieuwe afdeeling toe te voegen aan het vigeerend Algemeen Reglement.
„Indien in eene Gemeente de Hervormde Kerkeraad zich wil organiseeren als een zelfstandige Kerkelijke Gemeente, zonder reoht te verliezen op het gebruik of genot der kerkgebouwen, kerkelijke goederen en inkomsten, en indien na afkondiging van zijn besluit niemand in de Gemeente zich binnen 1 jaar daar tegen verzet, deelt 't zijn besluit mee aan het Algemeen Kerkbestuur. In dat geval wordt in de rechtsverhoudingen, ontstaan door het Algemeen Reglement, geene wijziging gebracht, behalve dat een ontslag van den predikant krachtens de Kerkenordening 't zelfde gevolg heeft als een ontslag overeenkomstig het Algemeen Reglement en de daarop berustende reglementen.
„Indien een groep van hen, die volgens artikel 2 van het Algemeen Reglement tot eene bijzondere Gemeente der Ned. Hervormde Kerk behooren, te kennen geeft zich als eene zelfstandige Kerkelijke Gemeente te willen organiseeren, roept op haar verzoek de Hervormde Kerkeraad bovenbedoelde leden op, en stelt hij deze in staat, door inschrijving op daartoe ingerichte registers, mee te deelen tot welke (bestaande of te vormen) kerkelijke organisatie zij zich wenschen aan te sluiten. De naam der organisatie moet worden opgegeven.
Zij die zich niet tegen verklaren, worden geacht met den bestaanden toestand genoegen te nemen. De uitkomsten van deze splitsingen worden meegedeeld aan het Algemeen Kerkbestuur, doch heeft geen rechtskracht voordat, met instemming van genoemd Algemeen Kerkbestuur hét gebruik en het genot der kerkgebouwen, kerkelijke bezittingen en inkomsten geregeld is. Wordt geen overeenstemming verkregen, dan beslist de Minister van Financiën. Elke groep voor ziet zelve in hare behoeften. De nieuwe gevormde kerkelijke organisatie neemt op zich te zorgen voor het onderhoud harer eerediensten, haar bedienaren en gestichten."
En schrijver teekent daarbij aan :
„Langs den hierboven geschetsten weg verkrijgt men volkomen kerkelijke zelfstandigheid zonder vooraf een chaos te scheppen. De Gereformeerde groep kan alles als naar ouds inrichten ; zij behoeft geen harer leerstellmgen te laten vervallen, zelfs niet dat zij het eigenlijke lichaam van Christus is ; zij verlangt tevens de gelegenheid om, wat zij thans niet vermag, haar belijdenis te herzien. Alleen kan zij niet meer andere groepen haar recht van bestaan betwisten, doch draagt dan ook voor deze, evenmin als voor eenige niet „Gereformeerde Kerk" eenige verantwoordelijkheid. Zij bevordert op die wijze de door haar beleden beginselen beter dan door te volharden bij den thans bestaanden toestand.
„Ook de beide andere groepen — boven aangeduid als de evangelische en vrijzinnige — kunnen zich naar eigen inzicht ordenen, al dan niet een eigen belijdenis vaststellen, hare „hoogere vergaderingen" invoeren, zich met anderen in verbinding stellen, en dat alles zonder tegenover de andere groepen in vijandelijke houding te staan, al zal wel in den eersten tijd de onderlinge verstandhouding nog niet steeds vriendschappelijk zijn. Waar iedere groep recht op zelfstandigheid heeft, is meer kans op goede verhouding, dan waar dit niet het geval is.
„Ten slotte wil ik er nog even op wijzen, dat reeds thans de boven verdedigde regeling bestaat. Immers de Waalsche gemeenten, de Engelsche gemeenten en de Schotsche gemeenten zijn ingelijfd in de Herv. Kerk, beheerscht door het Algemeen Reglement. Elke dier gemeenten heeft hare volkomen geestelijke of kerkelijke zelfstandigheid behouden al voegt zij zich wat hare materlëele en financiëele belangen betreft naar de in het Algemeen Reglement vastgestelde regelen."


1) Bij de laatste Verkiezing voor het Provinciaal Bestuur wisten de vrijzinnigen door toevallige omstandigheden juist de meerderheid te behalen.

2) Met 25 tegen 24 stemmen is hier een orthodox predikant beroepen, doch de mogelijikheid bestaat dat dit ongeldig wordt verklaard.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 25 mei 1923

De Waarheidsvriend | 4 Pagina's

Uit de Pers.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 25 mei 1923

De Waarheidsvriend | 4 Pagina's