Mengelwerk.
De Vuurtoren.
De Vuurtoren. Daar staat hij, boven de donkere zee. Helder schijnt zijn licht. Mijlen ver schiet de gouden lichtstraal over de woelende golven. Geen duisternis, hoe dicht, die zijn glans verdonkert. Geen mist, zoo sterk, die zijn luisterrijk schijnsel wegsluieren kan. Heerlijke vuurtoren !
De zee rukt en trekt aan uw voet, doch gij staat in volle kracht, onwankelbaar. De golven trekken zich terug ; zij vereenigen zich opnieuw, wagen een nieuwen aanval, rennen tegen u aan, zoodat zij opspatten tegen uw borst; maar gij wijkt niet, gij valt niet. Gij breekt met stille kracht de sterkte uwer belagers, zoodat zij verbijsterd terugdeinzen. De arme zeeman, die met z'n brooze scheepje ronddobbert op de wijde zee, om uit gevaarvolle diepte op te visschen het schamele brood voor vrouw en kinderen, ziet u uit de verte en begroet u blijde ; want gij wijst hem den weg naar veilige haven, naar huis en haard.
Heerlijke vuurtoren, met uw heerlijke lichtglanzen !
Hoe moest Christus' Kerk u gelijk zijn ! Een licht der wereld. Een stad, boven op een berg liggend.
Men zet geen kaars onder een koornmaat, maar op een kandelaar, zoodat zij allen beschijnt die in huis zijn.
Dat Christus' Kerk de lichtstralende fakkel zij in de hand van Hem, die gezegd heeft : Ik ben het licht der wereld.
Om een volk, dat in duisternis gezeten is, een groot licht te doen zien.
Om zwervelingen te leiden tot de vrijstad Christus, onder Wiens vleugelen genezing is voor degenen, die wèl een schuldeischer, maar geen helper hebben. Om schepelingen, varend op de wijde wateren der levenszee tot de veilige haven te nooden en Gods kinderen saam bundels licht voor de voeten te doen uitschitteren als zij gaan moeten door de schaduwvolle doodsvallei.
Heerlijke vuurtoren, met uw heerlijke lichtglanzen, die duizenden zegenen.
Hoe moest Christus' Kerk u gelijk zijn !
Ja hoe moest Christus' Kerk u overtreffen, gelijk Christus overtreft het sterkst schijnend kunstlicht.
En hoe moeten Gods kinderen er naar staan om door Gods genade als kinderen des lichts te mogen wandelen, opdat het Licht Jezus Christus uitstrale door hen in het midden van een donkere wereld en kinderen der duisternis nog getrokken mogen worden door het Licht tot het Licht, om bij dat Licht te leven en te sterven, prijzende Jezus Christus, den algenoegzamen Zaligmaker voor een arm zondaarsvolk !
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 25 mei 1923
De Waarheidsvriend | 4 Pagina's