Staat en Maatschappij.
De college-gelden.
De Minister van Onderwijs heeft onlangs een ontwerp tot wijziging van de Hooger-Onderwijswet ingediend, dat binnenkort in de Tweede Kamer in openbare behandeling komt.
Het ontwerp heeft de strekking om de universitaire college-en examengelden te verhoogen en een inschrijvingsrecht voor studenten in het leven te roepen. De maatregel wordt door de regeering verdedigd op grond, dat de toestand van 's-Lands financiën versterking van de middelen dringend noodzakelijk maakt.
Wij zien in dit ontwerp een ernstig bezwaar.
Het wordt voor vele jongelieden steeds moeilijker om aan een universiteit te gaan studeeren. De kosten, welke de ouders zich te getroosten hebben om hun zoon een wetenschappelijke opleiding te geven zijn in den laatsten tijd niet weinig verhoogd ; het wonen in een academiestad, het aankoopen van studieboeken enz. waarvan de kosten sinds 1914 belangrijk omboog gingen, zijn factoren, waarmede tegenwoordig — ook in verband met de financieele moeilijkheden, waarin vele gezinnen verkeeren — moet worden gerekend.
En komt hier nu nog bij, dat het collegegeld van ƒ200 op ƒ300 en het examengeld van ƒ 50 op ƒ 60 wordt gebracht en tevens dat voor het inschrijven als student ƒ 10 wordt gevorderd, dan zal het voor tal van ouders, die op dit oogenblik nog even moeten aarzelen om hun zoon naar de universiteit te zenden, geheel onmogelijk worden om bij aanneming van het wetsontwerp aan hun vroeger voornemen gevolg te geven.
Vooral voor jongelieden, die voor predikant zullen gaan studeeren, komt het voornemen van den Minister van Onderwijs tot uitvoering, de meerdere kosten, welke voortaan moeten gekweten worden, een ernstig beletsel zijn, om de studies te beginnen.
De voordeelen, die de regeering van hare maatregelen voor de schatkist verwacht, worden geraamd op een bedrag van ƒ 460.000.—
Wij vragen ons echter af of deze raming niet te gunstig is voorgesteld, omdat zeker rekening zal moeten worden gehouden met een te verwachten daling van het aantal personen, die voortaan zich als student zullen laten inschrijven.
Doch hoe dit zij, het bezwaar blijft.
Daarom zal de Kamer ernstig hebben na te gaan of op de verschillende uitgaven, die het Hooger-Onderwijs vordert, niet zooveel is te bezuinigen, dat het ontwerp van de regeering overbodig wordt.
Niet door verhooging van college-en examengelden zal de schatkist moeten gebaat worden, maar het voordeel zal moeten verkregen worden door beperking van uitgaven.
Goede hope.
,, Staat en Kerk", het orgaan van de Hervormd Gereformeerde Staatspartij, heeft „sympathieke klanken" opgevangen uit De Banier van 3 Mei j.l., het blad van de staatkundig Gereformeerden.
Daarin vond dr. Woldendor, predikant te Warmond, een kort verslag van de rede van ds. Kersten, gehouden op de algemeene vergadering der Staatkundig Gereformeerde partij van April, bij welke gelegenheid de aanwezigen op deze vergadering o.m. werden opgeroepen, om een ernstige poging te doen om de Ned. Herv. Kerk uit hare banden vrij te maken. Dan zal, zoo zeide de redenaar, de Ned. Herv. kerk weder opbloeien en onder den zegen des Heeren haar kracht oefenen op volk en regeering, opdat die beide gaan in de wegen des Heeren.
Deze woorden van ds. Kersten, die, gelijk wij reeds hierboven schreven de Warmondsche predikant, een der opichters van de Herv. Geref. Staatsparij „sympathieke klanken" vindt en daarvan dus mag worden aangenomen, dat ze zijne instemming hebben, zijn juist om deze instemming van zoo groote beteekenis.
Immers was het tot nog toe door de Hervormd Gereformeerden ontkend geworden, dat de Ned. Herv. Kerk door den Staat is gebonden.
Daarvan was niets waar.
Ook wilde men van dien kant van de losmaking der zilveren koorde niets weten. En werd het der Antirevolutionaire Kamerclub steeds ten kwade geduid, wanneer zij het in de Kamer opnam voor de vrijmaking der kerk.
Van dit standpunt schijnt men thans te zijn teruggekomen, althans is er uit den kring der Herv. Gereformeerden een stem vernomen en nog wel de stem van een der voormannen uit de partij, die het een sympathieke gedachte vindt, om een ernstige poging te wagen om de Ned. Herv. Kerk uit hare banden vrij te maken.
Moge de stem van dr. Woldendorp in zijn partij spoedig weerklank vinden, dan zal de Hervormd Gereformeerde Staatspartij althans op één punt zich klaar en duidelijk hebben uitgesproken. De sympathieke klank, die uit Warmond kwam, geeft goede hope voor de toekomst.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 8 juni 1923
De Waarheidsvriend | 4 Pagina's