Stichtelijke overdenking.
zeggende, dat er een andere Koning is. namelijk een Jezus." Hand. 17 vers 7.
Een andere Koning.
III.
Ik heb u dus aangewezen de valschheid der beschuldiging tegen de Evangelieprediking en daarbij de waarheid ontvouwd, welke in haar gevonden werd.
Alzoo u gezet bij de prediking der noodzakelijkheid van de kennis van Christus onzen Koning.
Hiermede is echter nog niet alles gezegd.
Indien het ons gegeven was, maar de tijd ontbreekt, dan zouden wij gemakkelijk u een breede uitwijding van dit onderwerp kunnen geven, want de hoofdgedachte van den tekst: „een andere Koning, n.l. een Jezus" geeft veel en velerlei te overdenken en te verhandelen.
Gij weet het ook wel ; zoo dom zijn wij niet, en zoo onbekend op het kerkelijk terrein zijt gij niet, daar is op het gebied van de Christelijke Kerk nog al variatie op dit thema. De Jezus-prediking klinkt niet overal hetzelfde.
Daarom moeten wij heden nog de vraag onder de oogen zien : welken Jezus brengt gij aan de gemeente ?
Is het de Jezus der Modernen ? Voor beeld van deugd en vroomheid, die Ontkroonde, omdat de kroon der goddelijke eer Hem van het hoofd was gerukt, en die in Zijn bloedig lijden wordt onteerd ?
Of een Remonstrantschen Jezus, die slechts bij machte is om een weg van zaligheid te ontsluiten en de mogelijkheid der zaligheid allen aan te bieden, die arme Christusfiguur, armelijk tekortschietend in de hulp van den machteloozen zondaar ?
Of een Christus der Schriften, gestorven om onze zonden en opgewekt om onze rechtvaardigmaking, Christus in Zijn algenoegzaamheid en dierbaarheid, volzaligheid en beminnelijkheid ?
Qij hebt de keuze, helaas, ook in onze Kerk.
Maar zoo het u te doen is, niet alleen om voorwerpelijke zuiverheid, maar om de ondervindelijke beoefening van een zalige levenspraktijk, dan moet er u toch een anderen Jezus verkondigd worden, en zal het u nut zijn te worden ingeleid in Zijn leven en lijden, sterven en heerlijkheid, in al datgene, Wat Hij voor zondaren geworden is en is en blijft, Jezus Consolator, de Trooster bij uitnemendheid, Jezus Remunerator, die het ook zal voleinden, Jezus, in al Zijne aangebrachte gerechtigheid en volkomene genade voor het arme zondaarshart.
En gij gunt het mij wel, dat, waar dit element in de prediking door mij als 't voornaamste geacht wordt, ik een kleine uitbreiding hiervan ga geven, en er den vollen nadruk op leg, dat als er een andere Jezus dan deze u verkondigd wordt, u dit geen nuttigheid zal geven.
O, „een andere Jezus", daaraan heeft Gods volk ook kennis door genade.
In den eersten levenstijd dachten zij het wel te kunnen doen met een helpenden Jezus. Er was nog genoeg kracht en eigendunk en zelfvoldaanheid over in dien tijd der eerste liefde.
Maar later, als de kracht van de Wet zich deed gelden, en de zondaarsziel, als doodgeslagen door wreede slagen, als aan den weg liggende, vertreden in haar bloed, geen hope meer vond bij haar zelve, dan was er een andere Jezus noodig, een reddende Jezus, die Zijn hulp ter verlossing deed blijken.
En verder, als dat volk zich leert kennen als in schuld verloren en bepaald werd bij zijn groote levensschuld en onbekwaamheid om een penning ter lossing te kunnen betalen, dan is het die schuldovernemende Jezus, die als Borg op Golgotha den prijs des bloeds verwierf en die naar Jesaja 53 om onze overtredingen verwond werd, maar ook de straf die ons den vrede aanbrengt gedragen heeft, en die alzoo in Zijn onmisbaarheid en algenoegzaamheid dat volk werd voorgesteld in de prediking naar den Woorde Gods en volkomen voldoening schenkt aan 't gemoed.
Of nog anders, waar in het geestelijke leven de toestanden zoo menigmaal wisselen, en ook bij een vasten staat de tooneelen zoo vaak veranderen en zoo dikwerf de klacht over armoede en ledigheid vernomen wordt, wat dunkt u daar van een prediking van een allesvervullenden Jezus, die met Zijn genade alle arme ledigheid vervult, en telkens weer anders in al de nooden van het schreiende zondaarshart voorziet?
Is zulk een prediking niet noodzakelijk en opbouwend, sterkend het geloof van de zielen aan de zorgen van den waren zielsherder toevertrouwd ?
Tenslotte, als zij weten mogen dienaren en dienaressen geworden te zijn van Hem, die gekomen is om te dienen en Zijn ziel te geven tot een rantsoen voor velen, mag, ja, móét daar niet telkens het woord der Schriftuur weerklinken, dat er een leidende en zegenende Jezus is, die als Koning dat volk ook regeert, rechtvaardig, wijs en zacht.
Telkens een andere Jezus, voorwerp van het getuigenis Gods, oorzaak van de ontplooiing van den veelvuldigen lof des Heeren.
Ja, 't is de volheid van de prediking van Jezus' Koningschap, en de rijkdom van Jezus' priesterschap, en de waarheid van Jezus' profetisch ambt, die men hier hooren doet, en het wordt een rijke prediking voor een arm volk tot volkomen behoud, waar Zijn deugden worden geroemd en Zijn rijke genade wordt aangeprezen.
Valsch is dan ook de beschuldiging, die zoo vaak nog ingebracht wordt tegen de zuivere Gereformeerde predi king, als zouden zij, die deze waarheden belijden, een christenpredking geven.
Neen, mijne geliefden, duizendmaal neen !
Met den Kruisgezant te Thessalonica willen wij niet anders weten dan van Jezus Christus en Dien gekruisigd.
Maar dit vergeten wij daarbij niet, wat Hij voor dat volk is, en hoe dat volk tot Hem geleid wordt, en in Hem vindt de rijke vervulling van al de behoeften zijns levens, opdat alles aan Hem begeerlijk zij en zoo der ziele rijke zegen wordt toegevoegd.
Wat zijt gij dan gelukkig te noemen, gemeente, waar heden een dienaar tot u gekomen is, met de bedoeling om dien Jezus, dien anderen Jezus u te verkondigen ! Ik twijfel niet, of hij zal u in al de finesses van die Waarheid inleiden, en door prediking en onderwijs en persoonlijke onderrichting u inleiden in de verborgenheden van Zijn Koninkrijk. En onze wensch is, dat gij dien anderen Jezus ook anders leert verstaan dan tevoren.
IV. Maar waar ik u hiermede eenigermate de beteekenis heb trachten uit een te zetten van deze rijke Schriftgedachte, daar mag ik tenslotte mijn laatste gedachte nog neerleggen in uw midden, n.l. om aan te wijzen welk een ontzettend gericht er zal volgen voor allen, die deze prediking zullen verachten.
'Hoofdzaak van mijn spreken was het uit te maken, wie de ware Koning is, en wat de ware dienst is.
En nu zullen wij er niet langer over theoretiseeren, gelijk dat ten allen tijde gedaan is, en heden ten dage nog gedaan wordt, in geschriften en predikingen, maar ten laatste de praktijk laten spreken.
De Heiland heeft gezegd : „aan de vruchten zult gij den boom kennen." — Dat is bijbelsche waarheid en gezonde levenspraktijk.
Ach, bid ik u, ga nu even mede naar het sterfbed van Gods kinderen, en gij zult het Schriftwooiid en dat der zuivere prediking bevestigd zien.
Wie ligt daar voor u ? Een arm zondaar ! Wat is daar geschied ? Gods ontferming heeft zich uitgestrekt over een schuldige menschenziel en zoo werd er verzoening gevonden. Waarheen gaat nu de reize ? Naar dat land van Immanuël, waar eeuwige rust en vrede beschoren is voor alle strijders, die de kroon op den wettigen strijd ontvingen.
Daar hebt gij de proef op de som.
Daar wordt Gods Woord bewaarheid dat ons zoo treffend schoon leert : „let op den vrome en ziet op den oprechte, want het einde van dien man zal vrede zijn."
Roomsche inquisitie eischte van de eerste Nederlandsche martelaren herroeping van de uitgesproken belijdenis. Maar dat konden zij niet, en met de eerste apostelen was het hun een eere smaadheid te lijden om den Naam van Christus. "
Met Hem, met hun eigen Jezus gingen zij door het leven en ook tot aan, in en door den dood. En in de verrukkende genieting der zaligheid van dien Zaligmaker zijn zij in Christus ontslapen, hun leven niet liefgehad hebbende tot den dood, wetende, dat dat leven Chris tus was en daarom hun sterven gewin.
Zie, gemeente, daarom is deze ure voor u zulk een hoogst ernstige en gewichtige ure.
Vreeselijk zal het u zijn, als gij u mocht verharden tegen de prediking der Waarheid Gods !
Ach, daar hebben wij van nature zoo alles voor. Daar hebben we niets aan te doen ; 't allergemiakkelijkst is om geblinddoekt door den satan, en verleid door de verleiding van onze booze harten, ons te laten gaan tot de eeuwige rampzaligheid. En in alle Gereformeerde gemeenten zijn de allersprekendste voorbeelden aan te wijzen van menschen, die onder de Waarheid verhard, in vijandschap en onvrede zijn gestorven.
Vragen wij onszelf dan af, welke houding wij tegenover die prediking aannemen.
Hier zijn vier mogelijkheden.
Ten eerste kunnen wij doen als de Thessalonicenser vijanden om Gods Waarheid te verdraaien en in den bolster van de leugen de pit der waarheid te verbergen. Dat is zielsmisleidend voor uzelf en voor anderen.
Ten tweede kunnen wij die prediking verachten, en ons onttrekken aan de verkondiging van het Woord Gods, dat scherpsnijdend is als een tweesnijdend scherp zwaard. Dat is zielsmoordend, en maakt u slachtoffer van een doorwerkend en zielsverdervend vergif dat het leven uwer ziel geleidelijk maar zeker sloopt.
Ten derde kunt gij u laten overreden, en raden, door u gewillig te schikken onder het Woord en te buigen onder 't gezag van den Hemelkoning en uw hart te zetten op de dingen van Zijn Koninkrijk.
Dat is zielsreddend en kan leiden tot de volkomen behoudenis van uw verloren leven.
Ten vierde moogt gij u laten genezen door het medicijn van Gods Woord en u laten sterken door de spijze Zijner onbedriegelijke waarheden. Zielszegenend zal het blijken te zijn, en uw harte ten eeuwigen zegen.
Vijanden van de Gereformeerde prediking zeggen, dat een Gereformeerde dominé geen dominé is voor de gansche gemeente. Dat zijn verdaohtmakingen van de ergste soort. Want juist het omgekeerde is waar (en dat weten zij ook zeer goed !) Zoo'n leeraar heeft een woord voor den onbekeerde, en voor de bekommerde ziele, en voor al het volk dat bevestigd in den genadestaat leert leven uit de heilswaarheden van den Zaligmaker des harten.
Voor allen een woord.
Voor allen een roepstem, vermaning, vertroosting.
Voor allen een Jezus, een anderen Jezus, dan dè wereld begeert en zoekt.
Daarom is ook de roeping van Gods volk zoo zwaar en gewichtig bij dat werk der bediening des Goddelijken Woords.
Zeker kerkvader heeft gezegd : „de last van de Evangelieverkondiginig paste beter op Engelenschouders dan op die der menschen."
Dat zult gij wel kunnen verstaan.
Maar daarom ligt het ook op uw weg om dien last te helpen dragen. Gelijk Mozes weleer in den strijd tegen Amalek hebben wij de Aarons en de Hurs noodig die biddende handen omhoog heffen, opdat de overwinning Godes zij en van Zijn volk Israël.
Gebedshanden en gebedsharten, daar aan ontbreke het in uw midden niet!
Dan zal de prediking overwinning brengen.
En gelijk te Thessalonica zal ook hier de vijandige Jood geslagen, de nieuwsgierige Griek gegrepen en de zoekende vrouwenziel gezaligd worden.
Versta dan uw roeping goed !
Uit den tweeden Thessalonicenserbrief, al spoedig uit Corinthen geschreven, blijkt, dat die gemeente bestraffing verdiende vanwege afwijking in leer en leven. Chiliastische dwalingen beroerden de harten van velen.
Zoo kon het zijn dat uw leeraar het woord der vermaning en bestraffing moest gebruiken tot uw leering. Buig u dan onder dat woord en waar de slagen der rechtvaardigen op het schuldige hoofd met liefde en zachtmoedigheid gegeven worden, daar zal de olie op den schedel niet ontbreken, en zeker hoofd noch hart gebroken worden.
Moge de Heere het zoo in allen weg maken.
Moge hier bewaarheid worden wat Paulus van zijn Thessalonicenser gemeente schreef, dat die martelaarskerk zijn hart had, en zoo leeraar en gemeente verbonden worden door den band der liefde, der gemeenschap en des gebeds.
Dan is er vrucht voor de eeuwigheid.
Door dien anderen Jezus !
Die een ander leven schenkt aan het hart.
Die een anderen dienst leert in het leven.
Die een anderen strijd geeft te strijden hier beneden.
Die een andere hoop vestigt in de ziel.
En die een anderen uitgang schenkt uit dit tranendal, dit Mezech der verdrukking en een landeren ingang bereidt in het Koninkrijk van den Zone Gods, die Zijn volk eenmaal zal opnemen in Zijn heerlijkheid.
— Amen. —
L.
G. H. B.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 20 juli 1923
De Waarheidsvriend | 4 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 20 juli 1923
De Waarheidsvriend | 4 Pagina's