De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Financiën

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Financiën

9 minuten leestijd

Financiën. Postrekening 35683.
Wat een regen hebben we toch de vorige week gehad. Maandag, Dinsdag en Woensdag al maar regen en de barometer ging al maar achteruit.
Ach ach, dat ziet er slecht uit voor den Zendingsdag, hoorde ik in mijn omgeving zeggen. Wat jammer als zoo'n dag mislukt door al dien regen. Je kunt er haast niet heengaan, want niet alleen dat je drijfnat wordt, maar de grond is dan ook zóó vochtig dat men onmogelijk een oogenblikje zitten kan, en staan, je kan het niet uithouden.
Zoo praatte men, en ik kon het niet tegenspreken. Ik dacht er echter geen oogenblik aan om thuis te blijven, want ik herinnerde mij dat nog nooit een Zendingsdag door den regen mislukt was. Zelfs wist ik dat het gebeurd was dat in den trein er heen de regen tegen de glazen kletterde, en dat éér we op het terrein waren de zon scheen en we een prachtigen dag hadden.
Zoo is het ook nu gegaan.
Woensdagnamiddag hield de regen op en kwam er een stevige bries, die de grond al spoedig droog waaide en Donderdagochtend bij het ontwaken stond de zon reeds helder en vroolijk te schijnen. We hadden een schitterenden dag helder weer en een drogen grond, waar men zich ongehinderd op neer kon vlijen en tóch weer niet zoo droog, dat we last hadden van stof.
De Heere heeft alles wèlgemaakt. Zijn Naam zij gedankt én geprezen.
Met innig genot hebben we verschillende sprekers beluisterd. We hebben daar over de Zending hooren spreken, over de Toradja's, ja, over onze Toradjas. Zoo 'n Zendingsdag is zeer geschikt om liefde voor de Zending te kweeken, vooral als men eens duidelijk uiteen hoort zetten wat voor geloof die menschen er op na houden. Je zou er bijna om lachen als het niet zoo diep treurig was, want er is toch ook voor hen maar Eén Naam gegeven waardoor ze zalig worden kunnen. Wij kunnen niet allen naar het Zendingsveld gaan, zei een spreker, maar wat we wèl kunnen, is zorgen dat het hun, die vooraan in de vuurlinie staan, aan niets ontbreekt. Laat ons deze taak maar voor oogen houden en die niet vergeten.
Wat is het toch een indrukwekkend gezicht die duizenden menschen amphitheatersgewijze staande of zittend op de heuvels rondom het spreekgestoelte, allen luisterend naar het Woord dat verkondigd wordt. Het is een overweldigende aanblik. We hadden goede sprekers en konden ze overal hooren, en niet het minst de slotrede. Dat was in elk opzicht een heldere, verstaanbare Christusprediking, waar wij op de terugreis nog eens over na konden denken.
Maar ik zie dat ik over de terugreis schrijf. En hoe is het nu, penningmeester, zult ge vragen, hebt ge niets meer te vertellen? Heeft men u heelemaal zoo eens niet iets toegestopt voor uwe fondsen ? Dan moogt ge voor uzelf een goeden dag gehad hebben, dat gelooven we wel, maar dan zijt ge als penningmeester er toch kaal afgekomen.
Wacht uw beurt af, lezer, het komt nog. Ik was daar onder het schrijven zoo onder den indruk geraakt van het gehoorde, dat het in klinkende munt ontvangene daardoor op den achtergrond kwam. Dat is toch wel goed ook, en behoort ook zoo te zijn. Ik heb mij op den Zendingsdag steeds gewacht, op eenigerlei wijze ook, eenige propaganda te, maken voor onze fondsen en hoop mij daar ook steeds voor te wachten, want deze dag behoort aan de Zending, en ik heb gelukkig elke week gelegenheid om met u over onze financiën te praten. Maar als men mij desondanks iets voor onze fondsen geeft, en 't zelfs bijzonder daarvoor heeft medegebracht, dan begrijpt ge toch zeker wel dat ik het niet weiger. Dat niet.
Zoo ontmoette ik nog even vóór ik het terrein betrad een juffrouw uit Delft, die ik heel goed ken, en zei : Ik had nog eenige oude zilverbons en heb ze maar meegebracht. Ik dacht: misschien weet u er nog raad mee en anders doet u ze maar weg.
Ik zal zien, antwoordde ik, of er nog eens een gelegenheid komt om ze in te wisselen, en stak het gesloten couvert in mijn zak.
Toen ik thuis kwam, maakte ik het open. Het bleek te bevatten 4 oude zilverbons en een briefje van f 10.—. Daar had de leuke, juffrouw niets van gezegd. Dat was dus een aardige verrassing.
Een oude bekende uit Kamerik, die, waar ik hem ook ontmoet, als hij mij ziet altijd een beweging maakt in de richting van zijn beurs, deed dit ook nu en gaf mij f 2.— voor contributie en f 3.— voor het Studiefonds.
Van N.N. f 1.— en uit Alphen aan den Rijn f 5.—. Mej. de Groot uit Schiedam overhandigde mij den inhoud van haar busje, dat was f 3.-, en een ander gaf mij f 1.— „zoo maar", zei ze.
Een juffrouw uit Bodegraven had halve centen voor mij verzameld en overhandigde mij f2.—.
Mej. A. Buyserd van Meerkerk gaf mij f 5.50, de inhoud van busje 217.
Uit Kampen waren er met drie autobussen 60 personen gekomen. Natuurlijk waren er ook de houders van busje, no. 125 bij en hadden dit eerst nog even geledigd. Het bevatte f6.50.
Vervolgens ontving ik f 3.— van een gezelschap dat onderwég een auto uit den kant had helpen trekken. Voor deze daad van menschenliefde werden zij met dit bedrag beloond. Zij aanvaardden dit met de gedachte dit aan mij te geven. Evenwel ik mocht dit niet houden voor onze fondsen, maar aan ds. Lans sturen voor de Zending ; dat ik nu weer uit naastenliefde voor onze zustervereeniging reeds gedaan heb.
Wat zijn we toch lieve menschen ! 't Is bar.
De heer M. uit Leiden gaf mij f4.— voor de magere koeien. Men heeft mij op dien dag al meer naar mijn beestjes gevraagd. Nu, ik kan er nog niet zoo erg over roemen. Ik zie nog overal uitstekende knokken en bouten. Er zal meer eten moeten komen om deze weg te werken.
Ik ontmoette den heer S. van G. uit Benthuizen. 't Is eigenlijk 'n oude Delftsche kennis, die trouw de kennismaking onderhoudt door mij op den Zendingsdag aan te klampen en mij ook nu weer f 3.— in de hand stopte.
Zoo was het ook met mej. B. uit Leeuwen, die mij de groete van haar vader overbracht. Toen zij mij de hand tot afscheid gaf, ging van de eene hand in de andere een briefje van f 10.— over.
Ook niet onhartelijk!
Iemand uit Baarn vertelde mij, dat ze daar gezegd hadden : als wij het winnen met de verkiezing voor de kerk, zullen wij aan den penningmeester van den Bond iets sturen. Nu hebben ze het helaas verloren. Maar men gaf mij nu toch f 2.—. Wat ik dan wel niet gekregen zou hebben als ze het eens gewonnen hadden !
Ik stond op het perron te Driebergen te wachten op mijn trein. Een juffrouw uit Alphen gaf mij ondanks haar haast om naar den overkant te komen toch eerst nog f 1.—, en zelfs toen ik al in den trein zat, probeerde men van den overkant nog een gulden door mijn open staand portierraampje te werpen, die echter miste en op den grond viel. Dat was een moeilijk oogenblik voor mij. Ik zag dien gulden op den grond liggen aan den anderen kant waar ik was ingestapt. Hem laten liggen ? Daar kwam de penningmeester in mij tegen op. Het portier openen, er uitspringen en oprapen. Dat was gevaarlijk ! Toch deed ik het laatste, Met deze gymnastische toer eindigde voor mij deze dag en kon ik rustig in de coupé mijn aanteekeningen eens doorlezen. Ik vond daarin nog het volgende :
1 adres voor proefnummers te Veenendaal; 1 idem te Zwartsluis; 1 idem te Blokzijl; 1 lid voor. „Zonnegloren" te Meerkerk" ; 1 lid voor „Zonnegloren" te Charlois ; 1 abonné te Utrecht.
Wij gaan nu eens zien wat de post ons heeft gebracht.
Ten eerste vond ik een brief met het postmerk Eemnes-buiten.
Geachte penningmeester.
Dit is de inhoud van busje no. O ; te verdeelen over de beide fondsen.
Hoogachtend.
Een lezer(es) van de Waarheidsvriend.
Er zaten 2 briefjes van f 10.—, dus f 20.— in.
No: O is voor mij een onbekend busje. Ik ben daar zeer dankbaar voor als vergoeding voor vele mij bekende busjes, waar, wat de gestorte bedragen betreft, allemaal 000000 achter staat.
Postmerk Diemersbrug.
Waarde penningmeester.
Hierbij f 12.50, dat is f5.— voor het Leerstoelfonds ; f5.— voor het Studiefonds en f 2.50 voor het lezen van „De Waarheidsvriend." Die lees ik met iemand samen. Ik wil er evenwel gaarne f2.50 voor betalen.
Met vriendelijke groete.
Uw Bondsvriend,
A.B.

Heeft dit soms ook iets te zeggen tot andere gratis-medelezers ?
Delft, van O. Th. Vollebregt f 3.55 uit het busje van de fietsenbergplaats.
Dirksland, door ds. K. van As f4.— gevonden in de kerkcollecte.
Zegveld, van C. Bardelmeijer f 3.71 uit busje no. 20 van de maand Juli.
Gouda, van J. P. O. f 10.— voor de beide fondsen.
Leerbroek, door ds. P. A. Binsbergen f 4.69 opbrengst van de vereenigde busjes voor het Studiefonds.
Krabbendijke, door C. J. Berman, penningmeester der af deeling, f 11.— aan contributie der leden na aftrek der 25 %.
Verder uit Meerkerk 15 namen voor proefnummers.
Bergambacht 1 lid voor „Zonnegloren" Krabbendijke 2 namen voor proefnummers.
En hiermede zijn wij naar onze meening aan het einde van onze mededeelingen. Als ik iets vergeten heb, dan moet ge het maar zeggen.
Intusschen hartelijk dank voor de gaven en de medewerking.
Schenke de Heere over alles Zijnen onmisbaren zegen.
De Penningmeester,
J. C. FLIEHE.

Arnhem, Parkstraat 6.

Postzegels, capsules en zilverpapier.
Ontvangen van;
Ontvangen van; 1e. Zusje Bruinting, Hoogeveen, capsules, zilverpapier, postzegels en theelood ;
2e. den heer H. Faber, capsules, post zegels en zilverpapier, verzameld door de kinderen der Hervormde School te Paessens ;
3e. den heer C. Stoffels, hoofd der Chr. School te Raamsdonk, postzegels, capsules en zilverpapier, benevens een zeer groote partij theelood.
Met veel dank en hartelijke aanbeveling.

Mej. J. DEN HARTOG.

Maliebaan 70a, Utrecht.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 10 augustus 1923

De Waarheidsvriend | 4 Pagina's

Financiën

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 10 augustus 1923

De Waarheidsvriend | 4 Pagina's