De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Uit de Afdeelingen.

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Uit de Afdeelingen.

10 minuten leestijd

R'DAM-KRALINGEN-DELFSHAVEN.
Voor bovengenoemde Afdeeling sprak 31 Januari 1.1. Ds. J. de Bruin van Rotterdam in het gebouw Mizpa (Delfshaven) over het onderwerp : „Het Woord des Konings".
Spreker voerde ons terug naar het Paradijs, waar na den val van den mensch het eerste Woord van God was : ,, Ik zal vijandschap zetten tusschen u en tusschen deze vrouw, en tusschen uw zaad en haar zaad. In dat woord ligt een strijd voor alle eeuwen ; ook voor Christus, die den strijd zou aanbinden met de oude slang, welke strijd zijn hoogtepunt zou bereiken op Golgotha, met den zielekreet : „Het is volbracht".
Strijd dus tusschen vrouwenzaad en slangenzaad. Strijd tusschen het volk dat God vreest, en het volk dat Hem gram is. Nog heeft deze strijd plaats, want met de komst van Christus is hij niet uit. Immers Jezus zegt:
Ik ben niet gekomen om vrede te brengen, maar het zwaard (strijd). In den strijd tegen Satan en de vijanden van het Woord moeten geestelijke wapenen gehanteerd worden. De Kerke Gods gebruike als wapen het onveranderde „Woord Gods."
Dat Woord des Heeren is een machtig middel in dien strijd. Over dat Woord spreek ik tot u naar aanleiding van Prediker 8 : 4a: "Waar het Woord des K o n i n g s is, daar is h e e r s c h a p p ij". De Prediker is somber-zwartgallig. Alles is hem ijdelheid. Toch draagt hij meer menschenkennis in hem om, dan de verlichte mensch in onzen tijd, die in een bloot optimisme zijn heil zoekt. Wij denken in dit tekstwoord aan een Oostersch vorst, die op zijn troon gezeten, zijn bevelen uitzendt, en aldus door zijn woord macht en heerschappij heeft. Waar nu een Oos­tersch vorst zulk een onbeperkte macht had, welk een heerschappij en macht moet Hij dan niet hebben die is de Koning der koningen, de Vorst aller vorsten.
Wij spreken tot u over drie zaken : ten Ie de beteekenis, 2e de heerschappij, 3e de verbreiding van des KoningsWoord.
Wat is al over dat Woord Gods door profeten, gewijde zangers en theologen gesproken en gezongen. Welk een ontelbare schare heeft uit die fontein gedronken. Hoe menigmaal is in de mijn van dat Woord afgedaald en zijn steeds rijkere schatten naar boven gebracht. Dat Woord is het leesboek der kinderen Gods, die gezeten zijn in de leerschool van den grooten Meester Christus Jezus. Dat Woord geeft in den gang des levens zooveel leiding ; zooveel vertroosting voor den mensch, die daar ligt voor de poort des doods, maar met het oog mag zien op dat Woord ; mag pleiten op het woord : „Al ga ik ook in een dal der schaduw des doods, ik zoude geen kwaad vreezen, want Gij zijt met mij."
Welk een kostelijke vorm ligt er ook in dat Woord. Zelfs de zoo dorre geslachtsregisters eindigen nog met dat aangrijpende „Zie Hij stierf.
Schoon van vorm. Zeggen niet de Profeten : „Alzoo zegt de Heere der heirscharen. Zij legden met ijver het Woord in het midden van het volk Israëls. Wat spreekt dat Woord al niet van ervaringen van die Godsmannen, o.a. David. Hebben geleerde mannen, ongeloovig, niet moeten erkennen de schoonheid o.a. Van het Nieuwe Testament.
Rijke verscheidenheid in dat Woord en toch alle eenheid. Het doet hooren de donderen van een Sinaï, maar ook het zachte suizen van den wind in de Jeruzalemsche gemeente.
Niet alleen kostelijk van vorm, machtig van opzet, maar ook rijk van inhoud, omdat het de vleeschwording is van den onzienlijken God. Alles ligt daarin geopenbaard : hoogte en diepte.
Wij onderscheiden drie hoofdgedachten : Ie. Scheppingsgedachten : alles werd uit het niet te voorschijn geroepen : de mensch als beelddrager Gods, als pronkjuweel der Schepping ; 2e Verlossingsgedachten : Bethlehem-Golgotha ; 3e Gedachten van de vernieuwing van den mensch.
Het Woord spreekt van Schepper, Verlosser, Herschepper. Het woord van Nebukadnezar verstierf als hij wegstierf, maar dat Woord is gebleven. Het omvat alle tijden. Het slijt niet, raakt niet uit den tijd. Het richt zich tot alle menschen. Welk een boek zou saam te stellen zijn waarin voor elk mensch was te vinden wat hij behoefde. Van geen boek kan dat gezegd worden. Alleen van Gods Woord. Het geeft een zegen voor eenvoudigen en wijzen. Zij zullen daarin dingen vinden voor hart en verstand.
Het Woord is veelzijdig, het richt zich tot : hoofd, hart en hand. Heerschappij: Waar het Woord is, is heerschappij.
Toen Nebukadnezar het gouden beeld liet plaatsen in het dal van Dura, zond hij boodschappers in alle landschappen dat het volk zou komen bij de inwijding van dat beeld. Wat een macht van het woord des konings. Farao gaf bevel om het volk Israël niet te laten trekken, maar het nog meerder te verdrukken. Welk een macht had dat woord van Farao. Doch wat is te vergelijken bij de heerschappij en macht van het Woord des Almachtigen : dat den dooden zondaar het leven geeft ; dat de dingen uit het niet roept ; dat de stoppelen van onze eigengerechtigheden doet verteren, en als een hamer de harde harten verbreekt, en het gemoed verbrijzelt.
Heerschappij : in de uitbreiding van Gods Kerk, als God uitzendt 12 mannen, Galileesche visschers, om van dat Woord te getuigen. Door de prediking van dat Woord wordt beslag gelegd op de ziele van Gods kind.
Een Oostersch vorst deed al wat hem lustte. In alles zette hij zijn wil door. Ook velen doen wat hun lust. Zij kennen een zekere macht toe aan Gods Woord, maar ook waardij aan 's menschen woord, doch Het Woord eischt algeheele absolute heerschappij, het heeft alleen-heerschappij. God alleen wil macht en heerschappij voeren, zonder daarbij tyrannic of heersohzucht te willen uit oefenen. Het Woord des Heeren is een vertroosting voor het kind Gods in het bijzonder en voor de Kerke Gods in het algemeen. Het heeft dus heerschappij voor Gods kinderen, maar dus ook voor 's Heeren Kerk.
Zien wij op den toestand onzer Herv. Kerk, dan vervult weedom ons harte. Waar is heerschappij van het Woord ? Niet dat er geen gekenden des Heeren in haar worden gevonden ; dat er geen leeraars zijn die hét Woord des Konings recht snijden ; maar de Kerk als Kerk belijdt dat Woord niet meer. Het wordt ontzenuwd en verkracht. Door de Synodale organisatie werd zij in 1816 van regeeringswege in alles geknecht en werd haar opgelegd wat in strijd was met het wezen der Kerk. De Kerk wordt bestuurd door besturen die haar niet het Woord tot grondslag geven, maar gehoorzaamheid aan de reglementen eischen. Treurige toestanden. Er zijn nog wel Gereformeerde gemeenten, maar hoevele hebben zich los gemaakt van Gods Woord. Van leertucht is geen sprake meer. Hoevele leeraars achten zich niet meer gebonden aan het Woord. Wat is er niet een vrijheid van leer. Zie hoevele aanhangers de leer van algemeene verzoening heeft ; een leer, om welke onze gereformeerde vaderen den strijd tegen de Remonstranten aanbonden. Verkondiging van den vrijen wil. Wat wordt door velen de waarheid, de autoriteit van dat Woord betwijfeld ; betwijfeld wat Goddelijk en wat menschelijk in den Bijbel is, door velen Christus beschouwd en voorgehouden als een ideaal mensch, die aanranden de kroon van Vorst Immanuël ; om nog maar niet te spreken van Sociaal-De­mocraat en Anarchist. Nog ligt versch in het geheugen de zaak Theesing. Wat voelde de Kerk in deze. Er kwam geen siddering. Het woord in het boek Richteren : „En een ieder deed wat goed was in zijn oogen", is wel van toepassing op de Ned. Herv. Kerk. Ieder doet wat hem lijkt en goed dunkt.
De Kerk is weer op te richten als het Woord weer heerschappij krijgt ; als niet de organisatie, maar het Woord des Konings weer macht heeft. Allerlei wettelijke bepalingen worden de Kerk door de organisatie opgelegd, de Kerk is niet vrij maar wordt steeds meer en meer omkneld en omklemd, en zoo God het niet verhoedt, haar het levenslicht ontnomen.
Nu zijn er die meenen dat Gods Geest buiten het Woord de Kerk uit haar verval kan redden ; doch dit is niet waar : Gods Geest paart zich met het Woord. Gelijk de landman het zaad uitsirooit, zoo moet ook het Woord uitgedragen worden.
Moge het nog eens komen tot reformatie van ons hart en onze Kerk.
Nebukadnezar zond herauten uit om te boodschappen dat het volk het beeld zou aanbidden ; zoo moeten ook Gods knechten en kinderen als herauten, als boden van dat Woord getuigen. Er zij roeping bij Gods Kerk en kinderen om voortgedreven te worden door dat Woord des Heeren. Gods Geest blaze nog eens leven in die dorre doodsvallei van onze Kerk, gelijk als in Ezechiël's dagen, opdat men er meer en meer van doordrongen worde dat het Woord is des Heeren Heeren. Kome er dan maar meer en meer vraag naar de prediking van het levende Woord Gods, om naar die oude beproefde Waarheid te luisteren.
Hiertoe wil ook de Gereformeerde Bond als middel in 's Heeren hand medewerken, om door Leerstoel-en Studiefonds jongemannen te bekwamen, die lust en roeping hebben het zuivere Woord Gods te verkondigen. Steunen wij met ons gebed en gaven dat werk van dien Bond. Breke de tijd nog eens aan dat de Gereformeerde Bond overbodig is ; als de Kerk tot reformatie komt. Nu is er nog veel verdeeldheid en leeft men als Kaïn en Abel, Paulus en Barnabas. Waar het Woord van zijn macht beroofd wordt is geen samenbinding.
Heeft dat Woord reeds heerschappij in ons hart ?
Wee onzer zoo wij ons niet buigen voor dat Woord.
Gelukkig als wij begeeren dat dit Woord een pilaar en vastigheid wordt in ons eigen leven, in onze Kerk, in onze Maatschappij. Gods eindheerschappij is over gansch de aarde. Amen.
De spreker had een wel niet groot, maar toch aandachtig gehoor.
Gecollecteerd werd voor Leerstoel-en Studiefonds.

A. KLAPWIJK, Secretaris.

GORINCHEM. Woensdag 23 Januari j.l. trad hier in een goed gevulde zaal van het Diaconie-Armhuis voorde Afdeeling op Ds. van Schuppen 'van Groot-Ammers. Nadat de voorzitter, de heer D. J. Hakkert de vergadering had geopend, een gedeelte van Gods Woord had gelezen en wel 1 Samuel 7 : 1-12 bepaalde de geachte spreker van dezen avond ons nader bij 1 Samuel 7 vs. 2b en 3 : „en het gansche huis Israël klaagde den HEERE achterna. Toen sprak Samuel tot het gansche huis Israels, zeggende: indien gijlieden u met uw gansche hart tot den HEERE bekeert, zoo doe de vreemde goden uit het midden van u weg, ook de Astaroth ; en richt uw hart tot den HEERE en dient Hem alleen, zoo zal Hij u uit de hand der Filistijnen rukken, " Over vier dingen werd gesproken : het klagen van het gansche huis Israels ; een verwijderen van de afgoden door het gansche volk dat zich voor God verootmoedigde ; een dienen van den HEERE met een volkomen hart ; een door den HEERE verlost worden van de vreemde overheerschers. Spr. wees er op, dat er een waarachtige verootmoediging van de Kerk moest komen voor het aangezichte des Heeren, een wegdoen van de afgoden, een zich voegen tot den dienst des Heeren, terwijl de Heere dan beloofd heeft en ook machtig is, dat Hij de vijanden zal verjagen en hun juk verbreken. De Ned Herv. Kerk toch is van den Heere afgeweken, heeft andere goden gediend, is ontrouw geworden aan de geboden en inzettingen des Heeren en behoort krachtens haar belijdenis aan degenen die den Heere naar Zijn Woord wenschen te dienen. Zooals eenmaal de Heere het volk van Israël geholpen heeft en wonderlijk bevrijd, zoo zal de Heere zich ook andermaal betoonen, indien er een waarachtige verootmoediging komt en een klagen achter den Heere aan. Nadat nog gezongen was Ps. 74 : 7 en de collecte voor Leerstoel-en Studiefonds werd aanbevolen eindigde spreker met dankgebed. Slotzang was Ps. 74 : 2.

B. H. KWANT, Secretaris.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 8 februari 1924

De Waarheidsvriend | 4 Pagina's

Uit de Afdeelingen.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 8 februari 1924

De Waarheidsvriend | 4 Pagina's