De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Eenvoudige Bijbellezing

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Eenvoudige Bijbellezing

1 TIMOTHEUS.

5 minuten leestijd

Ik vermaan dan vóór alle dingen, dat gedaan worden smeekingen, gebeden, voorbiddingen, dankzeggingen, voor alle menschen. Voor koningen en allen, die in hoogheid zijn, opdat wij een gerust en stil leven leiden mogen, in alle Godzaligheid en eerbaarheid.. 1 Timotheus 2 vers 1 en 2.

De voorbede der Gemeente. Wel gaat de apostel nu over een ander onderwerp handelen, maar hij sluit zich hierin nauw aan bij 't geen hij gezegd heeft. Timotheus moest toch den goeden strijd strijden, n.l. in zijn ambtelijke loopbaan. Als prediker moest hij strijden tegen allerlei dwalinig en tegen een wereld van ongerechtigheid.
Tot dien strijd roept Paulus nu ook heel de Gemeente op, waarvan Timotheus de voorganger is. Wel te verstaan de Gemeente in haar samenkomst. Dat wij aan hare godsdienstoefeningen moeten denken, bewijst heel het verband. Straks handelt de apostel over de mannen en het opheffen hunner handen, in tegenstelling met de vrouwen. Dit kan niet zien op de particuliere gebeden, ook niet op het gebed in het huisgezin, maar enkel en alleen op de gebeden van de vergaderde Gemeente.
En nu wil de apostel zeggen dat het die Gemeente maar niet slechts om haar zelf te doen moet zijn, zoodat zij alleen maar bedacht is op haar eigen geestelijk welvaren. Neen zij is er opdat het Woord Gods ook buiten haar zijn loop zal hebben. Zij is in hare godsdienstoefeningen een strijdend leger voor Christus. Ook als zij zich in het gebed vereenigt. Zoo is er nauw verband tusschen den goeden strijd waartoe Timotheus geroepen is en de hierboven geplaatste vermaning.
De apostel heeft nu over het Gemeente-leven vele dingen te zeggen. Maar vóór alle dingen wil hij wijzen op het gebed. Het gebed voor de onchristelijke wereld. En nu blijkt het dat in het gemeenschappelijke gebed dit er maar niet bij aan moet hangen. Zooals het helaas vaak geschiedt. In het gebed wordt dan een zeer ruime plaats gewijd aan den nood van eigen ziel, en de behoefte van het geestelijk leven der Gemeente wordt breed den Heere voorgelegd, maar de wereld buiten haar wordt even terloops genoemd of soms in het geheel niet bedacht. Paulus zegt het Timotheus wel anders. Er moeten gedaan worden smeekingen, gebeden, voorbiddingen, dankzeggingen voor alle menschen. Uit deze reeks van benamingen der voorbede blijkt wel dat het gebed voor anderen een groote plaats dient in te nemen in het gemeenschappelijke gebed der Gemeente.
Nu is het niet gemakkelijk om te verstaan wat de apostel met deze verschillende benamingen bedoelt. Voorop sta : hij heeft het over de voorbede. Hij onderscheidt deze in smeekingen, gebeden en voorbididingen. Naar het ons voorkomt zijn met „smeekingen" bedoeld de verschillende voorbeden die samengaan met het gemeenschappelijke gebed, in de gewone samenkomsten der Gemeente. Wanneer dus de Gemeente bidt (niet slechts de leeraar, terwijl de anderen als „toehoorders" luisteren) en de leeraar haar behoefte vertolkt en haar dank uitspreekt, worde daarbij nimmer vergeten dat er ook nog andere menschen zijn, die een ziel te verliezen hebben en op wier gehoorzaamheid God recht heeft. Bij „geboden" moeten wij denken aan afzonderlijke gebeden, die van het begin tot het eind geheel en al voorbeden zijn. Zooals zij b.v. in bepaalde bidstonden gedaan worden. Wij lezen dat er van de Gemeente een gedurig gebed opging voor Petrus, toen deze door Herodes in de gevangenis was geworpen. Nu was dit wel niet voor iemand, die buiten Gods Koninkrijk stond, maar daar hebben wij dan toch een vooribeeld van eene algeheele voorbede der Gemeente. Als nu in zoo'n voorbede, in een bidstond b.v. voor het Koninklijke huis gehouden, of ten opzichte van den nood der tijden voor land en volk, voor de Zending, ook nog weer afzonderlijke dingen aangeroerd worden, dan hebben wij te doen met „voorbiddingen", waarvan de apostel in de derde plaats gewag maakt. In een bidstond voor den nood der heldenen wordt dan in het bijzonder gedacht ; aan een of anderen Zendeling, aan zijn arbeid of aan een bepaalde ramp die zijn huis trof, of ook gaat de bede over een of anderen hoofdman der heidensche volken, Wiens bekeering tot grooten zegen zou zijn. Als de Gemeente, bij monde van haren leeraar, alzoo tot bijzonderheden afdaalt, is dit naar den wensch van den apostel. De „smeekingen" zijn dus de voorbeden, ingevlochten in het gewone gebed, de „gebeden" de algeheele afgeronde voorbeden, terwijl de „voorbiddingen" bepaalde personen of omstandigheden, in zulk een bidstond, op het oog hebben.
De apostel houdt door deze verschillende benamingen de beteekenis der voorbede aan Timotheus met allen nadruk voor oogen. Ook wij moeten over deze dingen niet heenloopen. Zij staan ons in Gods Woord opgeteekend. En het staat niet goed met ons en met de Gemeente, wanneer wij van het Woord iets afdoen. De gedachte schijnt wel eens voor te zitten dat een leeraar, als hij in het gebed niet meer spreekt over het geloofsleven, het eigen zieleleven der Gemeente, minder beteekenende zaken aanroert „waaraan een mensch zelf toch niets meer heeft." Ja, een mensch is soms zeer egoïstisch bij al zijn godsdienst ! Vóór alle dingen wilde de apostel dit eens aan Timotheus schrijven. Denk om de voorbede ! Maak daarin nauwkeurige onderscheidingen. Immers zijt gij ook in die voorbede der Gemeente een strijdend volk, om terrein voor Christus te winnen. En gij roept met de Gemeente in haar gebed den almachtigen God aan, Die Zijn zegen schenke aan de gansche wereld. Wanneer de Heere Zelf het bevel gaf: „Wendt u naar Mij toe, alle gij einden der aarde", dan late het gebed der Gemeente de echo hooren van dit Goddelijk bevel.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 15 februari 1924

De Waarheidsvriend | 4 Pagina's

Eenvoudige Bijbellezing

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 15 februari 1924

De Waarheidsvriend | 4 Pagina's