Als verdriet komt.
Wanneer opeens een fel verdriet
Het hart komt prangen en benauwen,
Rijst de gedachte : kan ik niet
Meer op den Heere hopen, bouwen?
Dan zou in zulk een diepen smart.
De mond het bitt're woord doen hooren
Als uiting van wat woont in 't hart:
Waarom is mij dat nu beschoren ?
Indien de Heere, in dat leed,
Dan niet deed hooren : „wil gelooven,
Dat Ik het slechts uit liefde deed,
Laat niets u dat toch ooit ontrooven.
Weet toch. al treft u 't felst verdriet,
Ik zal uw Wachter altoos wezen,
Die waken zal, opdat gij niet
Zult wankelen, waarom dan vreezen ? "
Dan zwijgt de mond, rijst uit het hart,
Berustend, stil, de beê naar boven :
Leer Gij. o Heere, in mijn smart,
Mij dat vertrouwen en gelooven.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 14 maart 1924
De Waarheidsvriend | 4 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 14 maart 1924
De Waarheidsvriend | 4 Pagina's