Van Onderwijs en Opvoeding.
Onze bezwaren.
In aansluiting op hetgeen wij geschreven hebben over de mentaliteit der Herv. Gereformeerden, georganiseerd in den Gereformeerden Bond of niet, georganiseerd, maar dan toch daarmede nauw verwant, meenen wij nu onze bezwaren te kunnen ontwikkelen ten opzichte van de bestaande organisaties. Deze bezwaren zijn niet zoozeer gericht tegen de organisatie zelf, dan wel tegen de verhouding, waarin zij staan ten opzichte van de Herv. Gereformeerden.
Onze bezwaren bezien wij dus uitsluitend vanuit dit gezichtspunt.
In de allereerste plaats de alleroudste onzer Chr. Schoolorganisaties: Chr. Nat. Schoolonderwijs, In haar hoofdbestuur treffen wij aan „vogels van diverse pluimage". Twee onzer mannen, ds. Van Grieken en ds. Goslinga, hebben zitting in dit college. Het spreekt vanzelf dat wij dat ten zeerste op prijs stellen. Voorts vinden wij nog een enkelen Hervormden, eenige Gereformeerde en één Chr. Gereformeerden vertegenwoordiger Voor gemengde scholen op positief chr. grondslag is zij daarom de aangewezen organisatie.
Men heeft dus getracht in het hoofdbestuur weerspiegeling te geven van de schakeeringen, die in het gemeentelijk leven naar voren treden.
In deze deugd schuilt nu tevens de moeilijkheid.
Wij hebben reeds aangetoond, dat wij, Gereformeerden in de Hervormde Kerk een eigen plaats innemen, met een eigen karakter. Dit brengt zijn eigenaardige, moeilijkheden met zich, vooral in de opvatting omtrent het leervak der Bijbelsche Geschiedenis. Wij hebben het genoegen gehad dat wij mochten kennis maken met twee inspecteurs in verschillende Inspecties van Chr. Nat., die ons beluisterden bij een Bijbelles. Na afloop van den schooltijd hadden wij daarover een gesprek en daaruit bleek dat wij in de opvatting omtrent de vertelling van een Bijbelles, verschilden. Niet over de hoofdwaarheden, maar over de verklaring en de wijze van vertellen en voorstellen. Klaarblijkelijk voelde men zich niet thuis in 't levensmillieu van de Gereformeerde Bondsmenschen, zoo men al niet vijandig daartegenover stond. Het debat verliep heel vriendschappelijk en eindigde in een gesprek over de actie en de menschen van den Geref. Bond. En dan moeten wij zeggen, dat wij heusch niet zoo hoog staan aangeschreven. Men heeft een zeker vooroordeel tegenover onze menschen, en dat bemoeilijkt in de praktijk de samenwerking.
De historie heeft haar stempel gedrukt op het schoolleven. Het historisch gewordene der laatste zestig jaren, vooral op kerkelijk gebied, laat zich niet op zij zetten en daarom zou het misschieh wenschelijker zijn dat er een reorganisatie kwam.
Een organisatie, waarin federatief samenwerkten, laten wij zeggen : Geref. Schoolverband, Vereen. voor Chr. Ger. Schoolonderwijs, en misschien in de toekomst ook nog Herv. Geref. Schoolverbond. Eigenlijk vinden we dit centraalpunt reeds in den Schoolraad en zou de schakel Chr. Nat. Schoolonderwijs als centraal lichaam gemist kunnen worden.
Voor gemengde scholen is zij eigenlijk de aangewezen organisatie en uit piëteit tegenover onze voortrekkers die haar gesticht hebben, vinden wij het altijd nog als een soort van heiligschennis er veel van te zeggen, maar Chr. Nat. bekleedt niet meer dezelfde plaats van beteekenis als weleer. Dit is niet de schuld van Chr. Nat., maar veeleer van de veranderde toestanden op schoolgebied. Intusschen als het getij verloopt, moet men de bakens verzetten.
leder kon dan baas blijven op eigen terrein ; in het bewerken zijner scholen en naar behoeften naar eigen goeddunken en bevinden handelen, terwijl dan voor het trekken der groote lijnen in gemeenschappelijk optreden kracht kon worden gezocht, doordat de afgevaardigden der verschillende corporaties elkaar zouden ontmoeten in den Schoolraad.
't Is opmerkelijk, hoeveel scholen op onze Herv. Geref. plaatsen uitsluitend zijn aangesloten bij den Schoolraad en verder nergens bij. Dit verschijnsel, moet zijn oorzaak hebben.
Geven wij thans onze bezwaren weer. over Chr. Volksonderwijs. Sinds de vorige week is de tijd voorbij, dat „De Waarheidsvriend" kon schrijven; bij Chr. Volksonderwijs is het allemaal ethisch, wat de klok luidt. Een man van onverdachte Geref. Confessie, lid van den Gereformeerden Bond, ds. Bieshaar, ziet zich in het hoofdbestuur van Chr. Volksonderwijs gekozen. Toen wij het bericht lazen, konden wij niet nalaten te glimlachen. Wij gaan er op vooruit! 't Komt ons wellicht wat zonderling voor, tusschen al die ethische heeren zoo'n naam te lezen. En toch, het is een symptoom van stilzwijgende erkenning! Chr. Volksonderwijs stelt zich als haar voornaamste doel: bevordering van den bloei der Ned. Hervormde Kerk. ; De tijd raakt wat voorbij, dat de mannen van den Gereformeerden Bond uitsluitend als scheurmakers werden uitgekreten. Zij schijnen dus ook wel den bloei van de Hervormde Kerk te bedoelen.
Met al of niet zitting nemen van ds. Bieshaar in het hoofdbestuur van Chr. "Volksonderwijs", worden intusschen onze bezwaren niet weggenomen; Nog in veel sterkere mate dan bij Chr. Nat. het geval is, voelen wij dat men de toestanden en opvattingen in onze Herv. Gereformeerde kringen niet kan aanvoelen bij Chr. Volksonderwijs. Er is hier meer dan een gradueel verschil, er ligt tusschen ethisch en gereformeerd een principieel verschil !
En nu mogen èn de Ethischen èn de Confessioneelen èn de Gereformeerden den bloei der Hervormde Kerk bedoelen, de wijze waarop en het doel, dat men zich voorstelt, zal toch nog wel wat verschillen. In nog veel sterker mate zal het hier gelden : Baas op eigen terrein ! En wij ontzeggen den Ethischen het recht te oordeelen over het christelijk karakter onzer scholen. Daar moet bij hen een nog veel sterker vooroordeel schuilen dan bij Confessioneelen en kerkelijk gescheiden levende Gereformeerden. Het is met het bezetten van een zetel niet goed te maken, in de praktijk blijven de moeilijkheden bestaan. De vlag dekt met een enkele gereformeerde streep de lading niet.
Intusschen zijn er verschillende scholen op gereformeerden grondslag aangesloten bij Chr. Volksonderwijs. Hoe dat verschijnsel te verklaren ? Op vele plaatsen stelt men zich tevreden als men maar aangesloten is bij een Vereeniging, waarin als 't u blieft geen Doleerenden en Afgescheidenen zitten; als die er maar niet inzitten, slikt men alles.
't Is een bedenkelijk verschijnsel, maar men moet er intusschen rekening mee houden. En nu voelt men zich blijkbaar ook bij Chr; Volksonderwijs niet thuis, maar dat is toch Hervormd. En zoo leven wij nu gescheiden, onder verschillend onderdak. En wij bedoelen toch 't zelfde ! Och, juist de benoeming van ds. Bieshaar in Chr. Volksonderwijs, de zitting van ds. Van Grieken en ds. Goslinga in Ghr. Nat. wijst er ons op, dat de tijd rijpt voor eigen organisatie. Als het zoo moet gaan, dat men den één vindt gespannen in dit gareel en den ander in dat, verspelen wij onze kracht.
De aansluiting wordt nu een zaakje van dominocratie ! Den één klinkt den naam van ds. Bieshaar beter in de ooren, dus sluit aan bij Chr. Volksonderwijs ; de ander hoort liever ds. Van Grieken of Goslinga noemen, sluit aan bij Chr. Nat.
Politiek, politiek, ja, waar zit tegenwoordig geen politiek luchtje aan. Bezinnen wij ons, eer het te laat is !
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 20 juni 1924
De Waarheidsvriend | 4 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 20 juni 1924
De Waarheidsvriend | 4 Pagina's