De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Financiën.

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Financiën.

6 minuten leestijd

Van den Postcheque-en Girodienst heb ik bericht ontvangen dat mijn rekening weder is heropend, onder bovenstaand nummer. Dit is een verblijdende tijding. Het toezenden van bijdragen aan onze fondsen wordt hierdoor weder zeer gemakkelijk en veel goedkooper dan per postwissel of aangeteekenden brief.
Voor elk bedrag dat men mij toezendt beneden de ƒ500.00 behoeft slechts 5 cent betaald te worden.
Dat is toch weinig, vindt u niet ?
Ik hoop, dat er druk gebruik van gemaakt zal worden en dat ik wederom tal van stortingsbewijzen zal ontvangen. Aan het postkantoor kan men ze verkrijgen voor 1 cent per stuk.
Vóór 1 Dec. moet ik nog zeer, zéér veel ontvangen om aan het bedrag te komen van het vorig jaar. Ik wil onnoodig geen noodkreet aanheffen, maar naar wat ik er al van gezien heb, ben ik niet heel gerust, of wij het cijfer van het vorig jaar wel zullen halen. En het moet hooger zijn, want alleen de uitgaven van het Studiefonds zijn vast en zeker met 2 a 3 duizend gulden gestegen. November is de maand, die meestal onze rekening goed of slecht maakt.
Dus wilt u allen eens nazien wat u te missen hebt vóór 1 December, en het mij zoo spoedig mogelijk zenden?
Ik hoop daarbij niet, dat het moet komen van uw overvloed, want dan krijg ik niemendal ; maar dat ge hetgeen ge geeft, rekent onder uwe noodzakelijke uitgaven. Ik moest laatst eens een vrij aanzienlijk bedrag hebben voor een zaak hier in Arnhem en kwam. bij iemand, die zei : Jongen, jongen, het komt mij op 't oogenblik zéér ongelegen. Ik heb nog al wat tegenslag gehad en de zaken gaan op het oogenblik nu niet zoo vlot als een tijd geleden.
Ik geloof het best, zei ik, maar als u iets beslist noodig heb voor uw kleeding of huishouding, dan zegt u : Ja, het moet er wezen, en u koopt het. Nietwaar ?
Ja, dat is zoo.
Welnu, even noodzakelijk is het uw hand niet terug te houden als er in een speciaal geval zooals nu een beroep op uw beurs wordt gedaan. In geven voor de zaak van Gods Koninkrijk ligt een zegen. Men wordt er niet armer door. Daar zou menig bewijs van te leveren zijn. Dat ik niet zal doen. Maar ik wijs u alleen maar op de geschiedenis van prof. Gellert, in het feuilleton verhaald. Men heeft mij gezegd, dat 't zeer mooi en treffend was. Nu, ik hoop dat alle lezers die het mooi hebijen gevonden, de moeite van het vertalen flink zullen beloonen en het bedrag van postrekening no. 35683 deze dagen eens goed omhoog zullen brengen.
Mag ik nu zoo vrij zijn de afdeelingen te wijzen op artikel 8 van ons Huishoudelijk Reglement, laatste alinea, dat luidt :
„Alle gelden, ook die, welke verzameld zijn ten behoeve van den Leerstoel en het Studiefonds, worden vóór 15 November in de kas van het Hoofdbestuur gestort".
Daarin zijn ook de contributies der leden begrepen. De meeste afdeelingen hebben zich reeds van hun plicht gekweten, maar enkele nog niet. Die willen zeker wel zorgen, dat het vóór 15 November in orde is, niet waar ? Abonné's. Ja, die hebben wij wel aardig wat. Maar in lange niet wat het wezen kon. Ach, lieve tijd ! als daar nu eens ernstig werk van gemaakt werd, wat zou dat aantal dan groeien. Daarvan levert ons het bewijs de nieuwe, jonge predikant van Hagestein, die mij in twee of drie weken tijds U namen op gaf van nieuwe abonné's, doordat Z.Ew. bij zijn huisbezoek ook even de Waarheidsvriend ter sprake brengt. Wat een geringe moeite is dat toch, en wat grooten dienst bewijst hij hierdoor den Bond en wat werkt hij hiermede de verbreiding der Waarheid in de hand. Ik vind het flink en dank Z.Ew. zeer voor de hulp en de medewerking.
Dat is beter dan Neen. Ik zwijg Nog wat ! Een vraag !
Wie kan mij zeggen, hoeveel een „aantal" is ? Dat zou ik wel eens willen weten. Daar zit ik geducht mee. Hoewel ik vriendelijk verzocht heb een cijfer te noemen, schrijft men mij maar steeds : Penningmeester, stuur mij een „aantal" brochures.
Hoeveel zijn er dat, 10 of 25 of 50 of 100?
Hoe kan ik nu hier in Arnhem beoordeelen, zonder de minste aanwijzing, hoeveel men er denkt noodjg te hebben ? Ik zal mij dus aan den regel houden. Wie mij schrijft om een „aantal", die'krijgt er 10 stuks ; komt men er dan 40 of 50 te kort, dan is men daar zelf de schuld van.
Wat den prijs betreft, daar zullen wij geen moeite mede hebben. Men geeft daarvoor zooveel het kan. Ik beschouw deze brochure als een uitstekend propagandamiddel. Er zijn zooveel verkeerde en dwaze voorstellingen van den Bond, waarop deze brochure een duidelijk antoord geeft. De verspreiding er van omt het werk van den Bond ten goede. aarom hebben wij van den tweedten ruk, die vanzelf goedkooper was dan e eerste, een vrij grooten voorraad, elke bij de a.s. wintercampagne goede iensten kunnen bewijzen. Wij moeten vooruit !
Door kwaad gerucht en goed gerucht !
Ontvangen :
Putten o/d Veluwe, afgezonden door ds. H. H. van Ameide ƒ 3.— voor ihet Studiefonds uit de catechisatiebus.
Vaassen, afgezonden door G. Middelburg, diaken, ƒ5 gevonden in de kerkcollecte, waarbij vermeld : „van de kinderen van K. H., voor Leerstoel-en Studiefonds".
Hoogeveen, door K. Brunsting : „Hier bij heb ik het genoegen u ƒ 10.- toe te zenden van iemand, die onbekend wenscht te blijven en bestemd voor het Studiefonds".
Achlum (Fr.), van H. W. ƒ3.— voor toezending van de brochure.
Onstwedde, van C. W. ƒ1.— „uit dankbaarheid". (Vriendelijk dank voor uw schrijven).
Wolfheze, van een verpleger voor de brochure ƒ 1.—.
Berkel, van N.N. ƒ5.—, zijnde 10% van een meevaller. Voor het Studiefonds.
Meerkerk, door A. Woudenberg de som van f 26.2b, zijnde de contributie der leden na aftrek der 25%, waarvan enkelen ƒ 1.25 betaalden.
Zegveld, door A. Dekker, penningm. der afdeeling, aan contributie na aftrek der 25% ƒ46.50 ; jaarlijksche bijdrage Leerstoelfonds ƒ 6.— ; voor de beide brochures „Ons kerkelijk standpunt" en „Het kerkelijk vraagstuk" ƒ 12.— ; totaal ƒ 64.50.
Harderwijk, door F. van Dam, penningmeester der afdeeling, ƒ 37.50, zijnde de contributie der leden na aftrek der 25%.
Klaar !
Hartelijk dank voor alles.
Moge de Heere er Zijnen zegen over gebieden.
De Penningmeester, J. C. FLIEHE.
Arnhem, Parkstraat 6.

Postzegels, capsules en zilverpapier.
Ontvangen van :
Ie. mej. P. L. Verkerk, iQouderak, zilverpapier, capsules en zilver ;
2e. Huig en Philippus Bezemer, Oude Tonge, zilverpapier, postzegels en 30 halve centen ;
3e. R. van B., Rijsenburg, zilverpapier, postzegels en capsules ;
4e. mej. P. en mej. Buizert, Meerkerk, zilverpapier en 60 halve centen ;
5e. mevr. M. J. Streefkerk, Nijmegen, een zilverbon van ƒ 2.50.
De beide laatste opgaven mocht ik reeds ontvangen als gevolg van hetgeen ik in het vorig nummer bekend maakte. Die zijn er dus al vlug bij geweest. Dat velen spoedig hun voorbeeld volgen. Met zeer veel dank en aanbeveling.

Mej. J. DEN HARTOG.
Maliebaan 70a, Utrecht.

Aan Willem van Lunen, Oud-Beijerland, deel ik nog mede, dat door mij geen pakje van hem is ontvangen.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 24 oktober 1924

De Waarheidsvriend | 4 Pagina's

Financiën.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 24 oktober 1924

De Waarheidsvriend | 4 Pagina's