De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Staat en Maatschappij.

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Staat en Maatschappij.

4 minuten leestijd

Vrijzinnige beschouwingen.
„Het Vaderland", het bekende Vrijzinnig Dagblad van de Residentie, wijdt in zijn nummer van 16 OctobeT een hoofdartikel aan de onlangs verschenen Memorie van Antwoord op het wetsontwerp : „Voorziening tegen besmettelijke ziekten", bedoelende de geheel verouderde wet op de besmettelijke ziekten te herzien en waarin, zooals bekend is, een poging wordt gedaan om de bij een deel van de bevolking nog steeds bestaande bezwaren tegen vaccinedwang uit den weg te ruimen.
Uit den inhoud van dit hoofdartikel blijkt niet, dat er bij de redactie van het orgaan veel medewerking bestaat om een iegelijk de vrije beschikking te geven over zijn eigen lichaam en eigen consciëntie, ook al dient het blad zich aan als een voorlichter van de publieke opinie, die bijzonderlijk de vrijheid wil hoog houden.
Doch daarop willen wij ditmaal niet nader ingaan.
Wat ons in 't artikel trof, waren twee dingen, waarover we een enkele opmerking moeten maken.
Het eerste punt dat onze aandacht trok, betreft de wijze waarop de schrijver van het artikel de Antirevolutionairen in het debat betrekt.
Tegen deze groep gaat het verwijt, dat zij de verantwoordelijkheid draagt voor de indiening van het wetsontwerp, dat, naar het oordeel der redactie, voor den algemeenen gezondheidstoestand van ons volk in hooge mate verderfelijk is.
De Antirevolutionairen — en zij alleen — dragen de schuld, dat de regeering aan de verplichte inenting gaat tornen.
Intusschen, wat het benadeelen van den algemeenen gezondheidstoestand betreft, zal het nog moeten worden uitgemaakt, of de schrijver van het artikel in „Het Vaderland", benevens alle deskundigen, die aan hare zijde staan, het wel bij het rechte eind hebben.
Het punt, waarom het op dit oogenblik bij de herziening van de Wet op de besmettelijke ziekten gaat is, of er voortaan met de gewetensvrijheid zal worden gerekend.
En met het oog daarop, is de grief, welke jegens de Antirevolutionairen wordt geuit, voor hen eerder een complimentje, dan een verwijt.
Van Antirevolutionairen kant komt men voor op, dat de Overheid het conciëntiebezwaar als geen onverschillige zaak zal beschouwen.
Zij is voor de Antirevolutionairen een teere aangelegenheid.
En dat „Het Vaderland" van deze gezindheid een diepen indruk heeft gekregen, kan niet anders dan tot verheuging stemmen.
Het andere punt, waarover het stuk in het Vrijzinnig dagblad ons noopt iets te zeggen, betreft het verhaal, dat langzamerhand een legende gaat worden en dat hierop neerkomt, dat de Antirevolutionairen niet uit eigener beweging, niet krachtens hun beginsel, voor de gewetensvrijheid opkomen, maar dat zij dit doen als gevolg van pressie, welke van buiten op hen wordt uitgeoefend.
De man, die dan dezen druk doet voelen, zou ds. Kersten zijn.
Om tegenover dezen afgevaardigde en de Gereformeerde Staatspartij sterk te staan, zou het verzet tegen den vaccinedwang niet te versmaden zijn.
Op deze manier redeneert de schrijver van het artikel in „Het Vaderland". Wij begrijpen dit niet.
Zijne beschouwing zou juist zijn, zoo kon worden aangetoond, dat de Antirevolutionaire partij het bezwaar tegen den vaccinedwang van haar program had afgevoerd.
Maar het tegendeel is waar. Immers bij elke stembusactie is met onverzwakte kracht tegen den vaccinedwang opgekomen. Nog de laatste maal bij de verkiezingen in 1922.
De verwijzing naar de pressie, welke van ds. Kersten op de Antirevolutionairen zou zijn uitgegaan, lijkt ons dan ook meer door politieke overwegingen te zijn ingegeven, dan dat zij op historische gronden berust.
De gelegenheid zal nog wel eens komen om daarop eenigszins dieper in te gaan.

Mal vertoon.
Het orgaan van de Hervormd (Gereformeerde) Staatspartij geeft in het officieel gedeelte van het blad van de vorige week een nieuw wapen, dat door de Geuzen gebruikt kan worden in hun strijd tegen Rome. De lezer luistere :
Mededeeling aan de Afdeelingsbesturen.
Waarde Broeders !
Vanaf heden kunnen de groote. afdeelingen op verlangen tijdeUjk genzenpenmngen in depot krijgen, zulks ter vermijding van administratie-en portokosten, alsmede strikjes en cocardes.
Verder zullen binnenkort ook verkrijgbaar zijn : Zijden Zakdoekjes, in twee soorten : namelijk met een Oranje-Blanje-Bleu-rand en met twee gekruiste vlaggen en in het midden een origineele geuzenvlag er op. Deze doekjes worden naar verlangen geleverd met geborduurd opschrift : „Kerk Oranje en Vaderland", of wel zonder opschrift.
De Commissaris voor de Geuzenpenningen.
Naast de Geuzenpenningen, de strikjes en de cocardes, komen nu ook de zijden zakdoekjes.
Of Rome voor al deze dingen op den loop zal gaan, betwijfelen we.
Het is een mal vertoon, waaraan de „Broeders" worden verzocht mede te doen.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 24 oktober 1924

De Waarheidsvriend | 4 Pagina's

Staat en Maatschappij.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 24 oktober 1924

De Waarheidsvriend | 4 Pagina's