Financiën.
Postrekening 35683.
Onderstaande circulaire is aan alle Gereformeerde Kerkeraden verzonden : Waarde Broeders!
Het Hoofdbestuur van den Gereformeerden Bond neemt de vrijheid U te verzoeken in den aanstaanden winter weer een of meer spreekbeurten in Uwe Gemeente te doen vervullen in het belang van onzen arbeid en dan daarbij een collecte te doen houden ten behoeve van onze Fondsen.
Wij mogen wel Uwe bijzondere aandacht weer vestigen op ons Studiefonds waaruit reeds meer dan 20 jonge mensohen voor hun studiën financiëelen steun mogen verlangen.
Wij hopen dat U met ons doordrongen zult zijn van het groote belang van dit werk, dat, onder 's Heeren zegen, een middel in Gods hand kan wezen om het getal te vermeerderen van de dienaren des Woords die in onze diep gezonken Kerk den vollen Raad Gods wenschen te verkondigen.
Helpt ons mede dit schoone doel te bevorderen en laat Uw gemeente, mocht het zijn door gebed en gaven, ons steunen bij dezen arbeid, waarvan zij mogelijk op den duur zelve de vruchten zal kunnen plukken.
Zendt dus aan den Secretaris weer een lijstje van sprekers die gij begeert. Dan zal daarmede zooveel mogelijk rekening gehouden worden.
Namens het Hoofdbestuur van den
Gereformeerden Bond: Ds. M. VAN GRIEKEN, Voorz. Ds. M. JONGEBREUR, Secr.
Rotterdam, — September 1924. Veenendaal,
Aan deze uitnoodiging is reeds door velen gevolg gegeven en over de sprekers gecorrespondeerd. Ja, vorige week is er reeds een collecte binnengekomen en ook ditmaal kan ik melding maken van een collecte bij een spreekbeurt. Er is dus een begin en dat begin is zeer bescheiden. Er konden er reeds meer zijn ; ook de bedragen zijn nu juist niet bepaald hoog.
Niet opwekkend voor u, penningmeester, hoor ik al zeggen.
Och, dat weet ik nog niet. Ik ben daar tamelijk gerust over geworden.
Ik zal u eens iets vertellen. Vlak bij het station Arnhem ligt een ijzeren brug, welke den eenen berg met den anderen verbindt. Vanaf die brug hebt ge 'n prachtig gezicht over de verschillende spoorbanen, die in alle richtingen het station verlaten en alle onder de brug doorloopen. Heel vaak moet ik deze brug over en kan meestal niet nalaten, even stil te staan om vanuit de hoogte op de drukke beweging van komende en gaande treinen neer te zien. Zoo'n trein, dien ge uit de verte met donderend geraas ziet aankomen en door de wissels van het eene spoor op 't andere ziet overgaan, die wel met verminderde snelheid, maar toch nog met een fikschen gang onder dte brug doorgaat, om dan eenige tientallen meters verder plotseling tot stilstaan te worden gebracht — dit gezicht maakt altijd indruk op mij en telkens moet ik er naar kijken, zoo dikwijls ik de brug passeer.
Dit gebeurde mij ook juist gisteren. Een lange goederentrein was gereed tot vertrek. Een-25-tot 30-tal wagons, volgeladen met steenkolen en een reusachtig zware machine er voor. De chef geeft het sein tot vertrek, de machinist draait de kruk om, uit den schoorsteen komt een geweldige zucht, doch nauw merkbaar is de beweging waar te nemen. Toch beweegt zich de trein. Heel langzaam draaien de groote wielen van de machine. Het duurt lang eer ze één keer de wenteling om hun as volbracht hebben. Weer zucht de machine. De vracht is misschien te zwaar voor het ééne ijzeren trekpaard. Iets sneller bewegen zich de spaken der wielen, maar nog niet veel. Hij nadert de brug uiterst langzaam. Het is blijkbaar een geweldige last, dien hij te trekken heeft, maar nu gaat het toch al sneller en eer de laatste wagon onder de brug door is, heeft bij er den gang al aardig in en was ik ook de brug over.
Die zware trein met volgeladen wagons, welke zoo heel langzaam begint, zoo langzaam, dat men nauwelijks ziet dat hij vooruit komt bij het begin van zijn loop, kwam mij voor den geest nu ik u het begin moet verantwoorden van de reeks collecten die zullen volgen uit de winterspreekbeurten. Het is waar, dat begin is zeer gering, nauw merkbaar. Langzaam gaat het, zeer langzaam, en het bedrag is niet groot. De wielen draaien nog bijna niet, maar achter de machine zie ik een vracht, enorm groot en zwaar. En zooals ik nu de volgeladen wagons onder de brug zag door gaan, zoo zie ik in het verschiet de verschillende gemeenten met zware vrachten over de brug komen en allen volgen zij één en hetzelfde spoor : richting Parkstraat.
Ziet, zoo opende het gezicht op dien zwaren trein voor mij een blij vooruitzicht voor den a.s. winter en ontmoedigt mij dit trage begin niet.
Zuchten ! Neen ! Dat laten wij voor de machine over. Dat behoeven wij niet te doen. Niet waar, Kerkeraden en leden der Gereformeerde Gemeenten van de Hervormde Kerk, u zult de wagons wel vol laden en niemand zal zich aan dit werk onttrekken.
Zuchten ? Neen, dat zal ik bij bet begin niet doen en u zult wel zorgen dat het bij het eind óok niet noodig is.
Dat weet ik te goed ! Lage Vuursche, afgezonden door ds. J. H. Gunning ƒ 12 : zijnde de opbrengst van de collecte bij een spreekbeurt van ds. Van Luttervelt, van Dussen. Door de weersgesteldheid was de opkomst gering en daardoor ook de collecte niet groot.
Kralingen, door ds. N. van der Snoei ƒ 5.— van de fam. S. voor bet Studiefonds.
Leiden, door ds. G. H. Beekenkamp ƒ 2.50 van v. KI. voor het Studiefonds.
Dirksland, door ds. K. van As. Deel van ƒ 10.—, gevonden in de kerkcollecte, waarvan ƒ2.— voor het Leerstoelfonds en ƒ2.— voor het Studiefonds.
Utrecht, door den heer Joh. Weener, penningmeester der afdeeling, na aftrek der 25% en andere onkosten, die eigenlijk onder de 25% behoorden, ƒ66.56.
Driesum, door ds. C. Vlasblom ƒ 10 voor het Leerstoelfonds namens den Kerkeraad.
lerseke, van J. v. O. : „Hierbij ƒ 10, waarvan ƒ5 bestemd voor het Studiefonds en ƒ5 voor den Gereformeerden Zendingsbond. Moge Gods zegen rusten op éen arbeid van den Gereformeerden Bond om spoedig de oude beproefde Waarheid alom van de kansels der Ned. Hervormde Kerk te mogen hooren".
Wierden, afgezonden door J. Dollen, diaken der Ned. Herv. Gemeente, ƒ 2.50 voor het Leerstoel-en Studiefonds, gevonden in de kerkcollecte met bijschrift; „uit dankbaarheid, dat ds. Steenbeek, van Suawoude, de roeping naar deze gemeente heeft aangenomen, , waarover wij ons ook zeer verblijden".
Lexmond, f 1.—, gezonden door ds. S. Goverts, gevonden in de kerkcollecte, voor het Studiefonds.
Oud-Beijerland. Dat wordt een beste gemeente voor den Bond ; dat zult ge zien ! Vorige week een prachtcollecte. Nu weer een bericht, dat iemand lust had eens moeite te doen om eenige abonné's te werven ; en ziedaar, een 9-tal nieuwe abonné's kon hij reeds opgeven. Prachtig. Hartelijk dank. Ja zeker, ik zal u een 10-tal brochures toezenden. Goed succes verder !
En hiermede zijn wij weder aan het einde voor deze week. Hartelijk dank aan allen.
Moge de Heere over alles Zijnen zegen gebieden.
De Penningmeester,
J. C. FLIEHE.
Parkstraat 6, Arnhem.
Postzegels, Capsules en Zilverpapier.
Ontvangen : Ie. Ds. H. van Elst, Vinkeveen, capsules en zilverpapier ;
2e. mej. Aaltje Haring en Maria de Bree, Ouderkerk a.d. Amstel, twee kistjes zilverpapier, postzegels en caps. ;
3e. N.N., Utrecht, zilverpapier, postzegels en 100 halve centen ;
4e. ds. J. van Amstel, Oosterwolde, capsules, zilverpapier en postzegels ;
5e, de kinderen G. de Jeu, Alphen a.d. Rijn, postzegels, capsules, zilverpapier en 120 halve centen ;
6e. mej. H. te Z., een pakje zilverp. ;
7e. mej. N. Veen, Oude Rijn, postzegels, capsules en zilverpapier, verzameld door de Zondagsschoolkinderen ;
8e. Julius van Valkenburg, Hoogeveen zilverpapier, capsules en postzegels ;
9e. A. Wijnbergen, Veenendaal, postzegels, capsules, zilverpapier, benevens ƒ1.— en 2 halve centen ;
10e. de kinderen Fredrikse, Meerkerk, postzegels, capsules, koper, enz.;
11e. mej. D., Utrecht, een pakje postzegels ;
12e. Jo en Wim van Eek, Zeist, zilverpapier, capsules en postzegels ;
13e. L. B. te Oud-Beijerland, een postwissel van ƒ 1.— ;
14e. Martha en Jacob van Putten, Slikkerveer, capsules, zilverpapier en 27 halve centen ;
15e. mej. N. N. te O., postzegels, capsules, zilverpapier, benevens ƒ 5.— ;
16e. N.N., onder Ooltgensplaat, ontving ik wederom zooals vorige jaren, een bankbiljet, groot ƒ 10.—. Voorwaar een prachtige gewoonte.
Ten slotte ontving ik nog van N.N. een brief, inhoudende de niet onbelangrijke som van ƒ 15.—.
Het is mij nog nooit gebeurd, zoo'n groot bedrag inééns te ontvangen en 't was mij dus dubbel welkom. Wie weet, is dit misschien ook als gewoonte bedoeld.
Hiermede ben ik aan het einde mijner ontvangsten van deze week. Zeer hartelijk dank voor de vele en milde bijdragen, alsmede voor 't hartelijk schrijven waarvan sommige zendingen vergezeld waren, die van veel meeleven getuigden.
Ik vergat nog te melden de ontvangst van twee pakjes zonder naam, n.l. een uit Leerdam en een uit Hillegersberg.
Met hartelijke groeten en aanbeveling, Mej. J. DEN HARTOG.
Maliebaan 70a, Utrecht.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 7 november 1924
De Waarheidsvriend | 4 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 7 november 1924
De Waarheidsvriend | 4 Pagina's