Financiën.
Postrekening 35683.
Wij zullen vandaag eens zonder omhaal van veel woorden kort en zakelijk vertellen wat er aan de hand is.
Zooals u weet is het tot heden nog niet voorgekomen dat ik mijn boekjaar op 1 December moest afsluiten met een cijfer, iager d: an het jaar te voren, wat de ontvangsten betreft. Steeds gingen wij in opgaande lijn en zagen wij onze inkomsten met ieder jaar stijgen. Het eene jaar veel en het andere jaar minder, maar 't was immer vooruitgaande. Aanvankelijk dacht ik, als ik zoo terloops in mijn boek bladerde : dat zal dit jaar wel weer schikken ; het ziet er nog niet zoo slecht uit en daar ik er niet van houd om spektakel te maken als 't niet noodig is, heb ik mij maar stil gehouden en niet veel gezegd. Ik was tamelijk gerust en dan ga ik onnoodig ook de vrienden niet onrustig maken.
Evenwel, ik ben uit mijn zoete rust plotseling ontwaakt.
Gisteren had ik de eer de Commissie te ontvangen tot inspectie van de boeken en de rekening van het vorige jaar. Het heeft ditmaal wel lang geduurd - eer ik het genoegen had de heeren bij mij te zien ; maar daar waren versohillende omstandigheden de schuld van. Het resultaat van dat onderzoek vindt gij hier boven vermeld. Dat is dus in orde.
Maar met de heeren dfe rekening door loopende, kreeg ik ook de cijfers onder de oogen van de ontvangsten van de maand November van 1923. Ik zag aan de eene zijde met blijdschap hoe belangrijk die waren, maar ontwaarde aan de andere zijde met schrik, dat juist deze cijfers gemaakt hebben dat de rekening van bet vorig jaar zoo'n prachtig eindresultaat had. Toen de heeren dan ook vertrokken waren, ben ik eens gaan rekenen en kwam toen tot de ontdekking dat ik vóór 1 December minstens. £fw/zend gulden noodig heb om niet met een lager cijfer te eindigen dan.het..vorig jaar.
Duizend gulden moet ik nog hebben ! Hoe kom ik er aan ! Ik zag, dat in 1923 in November 12 spreekbeurten zijn gehouden, waaronder met groote bedragen aan collecten ; o.a. Dinteloord met ƒ 170.00. Voorts waren er twee giften, elk van ƒ 100.00 en tal van kleinere giften van 10, 25 en 50 gulden. Welke met elkander den doorslag hebben gegeven.
Duizend gulden is nog wei een groot bedrag, maar niet zóó groot, dat de mogelijkheid is uitgesloten dat het er vóór 1 December nog komt.
Er zijn er, die mogelijk gedacht hebben : wij zullen eerst nog maar eens afwachten tot de Penningmeester ons iets vertelt van zijn vermoedelijk eindresultaat, en hun toezending nog achtergehouden hebben.
Welnu, dat moment is er nu. Qij weet het thans.
Duizend gulden moet er nog komen. Zend rriij. dus spoedig wat ge hebt toegedacht en doe er liefst nog wat bij.
Wij mogen niet achteruit gaan ; voor al niet in 'n jaar, waarin 't Studiefonds minstens ƒ2000.00 meer aan uitgaven vorderde. Maar waarin wij ook, met grooten dank aan den Heere, mogen wijzen op het belangrijke feit dat thans in één jaar tijds de derde candidaat beroepbaar is om een open plaats te vervullen in een Gereformeerde gemeente, door 't Stüdfefonds, als middel in Gods hand, daartoe in staat gesteld.
Bij een zoo groote weldaad, wat is dan voor zoovelen eene duizend gulden!!? ?
Wij ihebben ontvangen uit: Monster, ƒ5.50 van J. Nieuwenhuysen als opbrengst uit busje no. 26.
Kampen, f 13.— van E. Roest, penningmeester van „Uw Woord is de Waarheid" als opbrengst uit busje 125 van de maand October.
Amsterdam, door ds. J. H. F. Remme van den heer S. ƒ 10.— voor het Leerstoelfonds ; ƒ 10.— voor het Studiefonds en ƒ 2.50 van dien heer S.; tezamen ƒ 22.50.
Maassluis, door ds. Jac. J. H. Pop ƒ 2.S0, gevonden in de collecte met bestemming voor het Studiefonds.
Oué-Beijerland, door ds. G. J. Koolhaas ƒ 1.- van een werkman, die bij de intrede niet 'tegenwoordig kon zijn. Bestemd voor het Leerstoelfonds.
Haarlem, van A. H. Hoefnagel, penningmeester der afdeeling, ƒ5.- voor de toezending van 40 broohures.
Zeist, van X P. ƒ 3.- voor het Studiefonds.
Vlissingen, f 36.40, zijnde ëe contributie der leden van de afdeeling na aftrek der 25%.
Verder heb ik nog mede te deelen, dat er een busje verzonden is naar RoU terdam en Amsterdam. Zoodoende zijn er van de 12 stuks nog 2 over.
Aan wien moet ik die zenden? ,
Hagestein, nog weder 4 nieuwe abonné's. Dat zijn er nu reeds 17.
Een bericht uit Genemuiden dat wij, in verband met die te houden spreekbeurt op 14 November a.s., tot de volgende week zullen uitstellen.
Wij zijn hiermede aan het eind en hopen u dé volgende week een flinke lijst te kunnen voorleggen. Met hartelijken dank. De Penningmeester
J. C. FLIEHE.
* Postzegels, capsules en zilverpapier. Ontvangen van : Ie. Nellie, - Jan, Jannetje en David van: Veen, Utrecht.
2e. J. Markestein, Papendreoht, capsules, postzegels en zilverpapier.
3e. Ds. Steenbeek, Bergambacht, postzegels, zilverpapier en capsules.
postzegels, zilverpapier en capsules. , 4e. K. W. de Haan, Ouderkerk a. d. Amstel, postzegels, zilverpapier en capsules.
5e. Mevr. Mulder, Enter, zilverpapier en postzegels.
De 'Ontvangst van de laatste week is niet groot geweest. Als ik naga, dat er in Vorige jaren in één week soms twinting (soms nog meer) pakjes kwamen, dan geloof ik dat lang niet allen mij hunne verzamelingen nog toezonden en verwacht ik de volgende weken meer.
'Het is nu nog de tijd wel, als ze mij maar niet heelemaal vergeten, daar wij nog niet zijn, waar wij hopen te jcomen.
Intusschen hartelijk dank voor hetgeen ik mocht ontvangen. Met hartelijke groeten.
Maliebaan 70a, Utrecht.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 14 november 1924
De Waarheidsvriend | 4 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 14 november 1924
De Waarheidsvriend | 4 Pagina's