Eenvoudige Bijbellezing.
1 Timotheüs (50)
Beveel deze dingen en leer ze. Niemand verachte uwe jonkheid; maar zijt een voorbeeld der geloovigen in het woord, in wandel, in liefde, in den geest, in geloof, in reinheid. (1 Timotheüs 4 vers 11 en 12)
1 Timotheüs.
Beslist in de belijdenis en een voorbeeld in den wandel. Met deze woorden begint weer een nieuw gedeelte in dezen herderlijken brief. De apostel heeft van de verborgenheid der Godzaligheid veel geschreven. Ook waarschuwde hij tegen de verleidende geesten en de leeringen der duivelen, ook tegen menschen die zich druk maken over nietige kwesties. Onder dit alles zet hij nu een streep. Alles wat de apostel noodig achtte aan Timotheüs te schrijven overziet hij nu. Hiervan zegt hij: beveel deze dingen en leer ze.
Naar aanleiding van 1 Timotheüs 1 vers 3 was reeds iets opgemerkt over 't bevelend karakter van de prediking des Evangelies. Hier gebruikt de apostel weer dat woord. Het schijnt ons wat hard, alsof de waarheid den mensch opgelegd moet worden en men het dan maar heeft aan te nemen. Maar toch geloof ik dat de apostel het zoo niet bedoelt. Zulk eene prediking zou toch niet in overeenstemming zijn met het noodigend en lokkend karakter dat zij toch ook dragen moet. Als ik wel eens hoor van zulke predikers die den schijn aannemen alsof zij alléén het weten, zoodat het is alsof zij willen zeggen: zoo gereformeerd ben ik nu! dan denk ik wel eens: wat zou de Heere er van zeggen. Die weenend op Jeruzalem zag, rnet de klacht en de noodiging: Hoevele keeren heb Ik u bijeen willen vergaderen als eene hen hare kiekens en gij hebt niet gewild? Dit neemt echter niet weg dat de prediking een vasten grond hebben moet. Men moet weten wat men aan het Woord Gods heeft. Een prediker die wel tot vele vragen voert, maar het antwoord schuldig blijft, kent zijn plaats niet. Als een prediker over de belangrijkste zaken van het Evangelie ja en neen zegt, en dit ook in zijn prediking toont, wat heeft dan de gemeente daaraan? Wordt een mensch buiten de kerk al niet genoeg met ongeloofs-theorieën bestookt ? Moet het in de kerk dan ook nog gebeuren, zoodat de hoorders bemerken dat de dominee ook zit met deze en gene vraag en met de eene moeilijkheid na de andere? Wel dan vindt men niet in de kerk wat men er in verwacht. En het is waarlijk geen wonder, dat men de kerk leeg preekt door al die vragen en paradoxen. De kerk zelf wordt voor de menschen dan een groot vraagteeken. Neen, de prediker mag in het geheel den schijn niet op zich laden alsof hij daar staat om edicten uit te vaardigen, maar hij moet ook weten dat het Evangelie een echte boodschap is, een tijding van God, die de hoogste en de eenige levensgedachte bevat. De prediking heeft dan ook niet haar grond in de wisselende en onbestendige gedachten van den mensch, maar in de Heilige Schrift. Elke prediking is vaag, die niet de Heilige Schrift in haar heerlijke eenheid tot basis heeft. Daaruit roeit en bloeit zij op. Zij is de levende vloeibaar-wording van den diepen Schrift-inhoud onder de beademing van en Heiligen Geest in de Kerk des Heeen (Prof. dr. Haitjema, Stemmen voor Waarheid en Vrede. 1925, afl. 9). Alleen bij dezen grondslag zal de prediking een bevelend karakter dragen. Dan treedt de prediker op met de gedachte: ik heb iets belangrijks te zeggen. Een gedachte die hem verootmoedigen moet. Immers hij draagt den schat in een aarden vat. De eeuwige gedachten Gods moeten door zijn gedachten heen. Dit geeft vaak een moeilijken zielsarbeid. De Schriftinhoud moet vloeibaar worden. Dit is niet in vaagheid, onbelijndheid overgaan. Maar de inhoud der Schrift moet toegepast worden voor alle levensomstandigheden, aan alle vragen der ziel een antwoord geven, voor de ongeloovigen tot een waarschuwing zijn, een wapen tegen de macht van den twijfel, een vertroosting voor bedroefden, een opbouwing voor de geloovigen. Dan heeft men wat als men in de kerk zit. Dan staat de kerk in hare prediking daar niet als een vraagteeken, maar als een pilaar, als een vastigheid, als een rots zoo vast, tegen den storm van twijfel en den stroom der huidige ongeloofstheorieën.
Beveel deze dingen en leer ze! Zoo schrijft de apostel aan Timotheüs. Mocht deze vermaning nog altijd ter harte genomen worden. Het is ook in onze dagen zoo noodig. Er is zoo vaak op te merken een heulen met de ongeloofsvragen van een wereld die met God en Zijn Woord geen rekening houdt. Ik weet wel dat in die „goddelooze wereld" ook eene algemeene genade van God werkt, zoodat ook daarin een „woord Gods" ligt. Daarom moet een prediker en ieder geloovige wel degelijk zich daarvan op de hoogte stellen, zooveel hem in zijn kleine, korte leven mogelijk is. Maar hij late zich daardoor niet van zijn standpunt afbrengen. In die zelfde wereld werkt toch ook de macht der zonde. Hoe zal de geloovige nu onderscheiden tusschen goed en kwaad? Niet anders dan door de Heilige Schrift. Het Schriftgeworden Woord van God is de eenige grondslag der prediking. En al wat de geloovige prediker verder leest in deze wereld, in hare geschiedenis, in haar denken, in haar worstelen van het „Woord Gods" diene om zijn prediking des te overvloediger vloeibaar te maken, des te heerlijker te belichten, des te krachtiger te doen opgroeien uit den vasten grond van de Heilige Schrift. Dan oefent de prediking een greep op de gewetens der menschen, zooals Paulus deed te Athene, toen hij van het „Woord Gods" sprak, dat de heidensche dichters verkondigd hadden. Maar hij liet zich door die heidensche dichters niet afvoeren van de prediking van den levenden Christus. Vastheid moet er zijn, beslistheid in de prediking, opdat de gemeente wete wat zij aan het Woord van haren Koning heeft.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 25 september 1925
De Waarheidsvriend | 4 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 25 september 1925
De Waarheidsvriend | 4 Pagina's