STAAT EN MAATSCHAPPIJ
Een andere oplossing mogelijk?
Zooals wij de vorige week schreven, is de eerste les, welke de Chr. Gereformeerde predikant ds. Janssen, in „De Wekker" uit de ministeriëele crisis trekt deze:
"dat er zonder medewerking van Rome in ons land geen enkele rechtsche regeerng mogelijk is".
De andere les, waarover wij in dit nummer van ons blad iets willen zegen, luidt: dat, nu wij, Protestanten, ons land niet meer zelfstandig kunnen regeeren, wij aangewezen zijn op een coalitie-regeering.
Deze les wordt nader toegelicht in het volgende:
Aan deze noodwendigheid — de coalitie-regeering — ontkomt in de toekomst geen enkele politieke partij. De gedachte, dat er een protestantsche partij kon ontstaan, die meer dan 50 Kamerzetels bezet, kan alleen gekoesterd worden door iemand, die blind is voor den afval van het protestantisme van onzen tijd. Die hier de ontbinding gadeslaat, ziet met groote vreeze de toekomst tegemoet omdat hij een partij ziet groeien, die het in de toekomst wel tot 51 zetels brengt; dat is de partij, die in haar banier 't: „Ni Dieu, Ni Maïtre" (het: geen God, geen meester) geschreven heeft. Daarom zijn wij op samenwerking met anderen aangewezen. Ik geloof niet, dat iemand dat kan miskennen. En waar moet dan die samenwerking worden gezocht? Bij de S.D. A.P. of de Vrijz. Democraten of de Vrijheidsbonders of de Communisten? Is er iemand van ons, die daar samenwerking mee begeert? De H.G.S. wil dezen weg op (red. Waarheidsvriend). Ik geloof het niet. Wat wij in samenwerking met deze partijen bereiken kunnen, is noodlottig voor onszelven en voor ons volk.
En nu is het wel heel opmerkelijk, dat de Roomschen die samenwerking evenmin begeerd hebben als wij. Het zou hun geen moeite hebben gekost om van de Socialisten alles te ontvangen, wat zij maar wenschten: gezantschap, processies, enz. De Socialisten hebben er genoeg naar gedongen en om geflrit, maar de Roomschen hebben standvastig geweigerd. Waar dus aan de eene zijde de Protestanten staan en aan de andere zijde de Roomschen, waar beiden niet met de mannen van het „Ni Dieu, Ni Maitre" te doen willen hebben, waar geen van beiden op zichzelf een meerderheid vormt en het land moet geregeerd worden, wat niemand ontkennen kan, is er dan een andere oplossing dan samenwerking?
Die een andere oplossing weet, had haar in deze crisis moeten aanbidden. En indien hij ze nòg weet, laat hij ze nòg bekend maken, en indien zij beter is dan de oplossing, die ons thans wordt aangeboden, dan ben ik onmiddellijk bereid voor die oplossing propaganda te maken. Maar men houde op met het stukbreken van dingen die men zelf niet kan herstellen. Dat niet in het belang van het land, niet het belang van het gezag en strekke niet tot eere van God.
Tot zoover „De Wekker". Over deze politieke beschouwing van ds. Janssen, die onze volle instemming hebben, willen wij twee dingen zeggen.
In de eerste plaats, dat de vergelijking, welke men tegenwoordig dikwijls maakt van onzen tijd met den tijd, waarin onze Gereformeerde vaderen leefden welke op hunne inzichten een bijzonder stempel plaatsten, niet opgaat.
In de 16de en 17de eeuw stonden mijn voorouders, als kinderen der Reformatie, die nog niet zoo lang geleden uit het diensthuis vam Rome door de sterke hand Gods waren uitgeleid, tegenover één tegenstander, n.l. de Roomsch katholieken, terwijl de omstandigheid waarin wij thans leven, zoo gansch anders zijn nu de revolutie aan de po.... staat en de wateren des ongeloofs .... ven wassen.
De groote hervormer Calvijn heeft in zijn dagen, als 't ware met profetische blik, voorspeld wat in onzen tijd komen zou. Daarom wees hij op de nauwere overeenstemming der beginselen met Rome, dan met de Libertijnen van zijn tijd. En was het niet de strijder voor de Gereformeerde levens- en wereld beschouwing Beza die schreef: „De Roomschen zijn geen heidenen. Wij staan tot hen als Juda tot Israël". Juda en Israël — beide deelen van het Bondvolk Gods van den ouden dag.
Prins Willem, de vader des Vaderlands, die met den Potentaat der potentaten een vast verbond had gemaakt zag er niet tegen op, maar handelt daarbij geheel overeenkomstig zijn overtuiging — zoo leert ons de historie - toen hij met machtige Roomsche vorsten tractaten en overeenkomsten sloot.
En Groen van Prinsterer haalde met insteimming de woorden Van Stahl aan „Indien de Geest dezer eeuw, Ongeloof en Godsverzaking, de overwinning behaalt, dan zullen geloovige Katholieken en geloovige Protestanten hand in hand het schavot bestijgen".
Is dat niet reeds in Rusland aanschouwd? Ze bestegen daar wel niet 't schavot, maar werden meedoogenloos zonder vorm van proces, doodgestoken. Gewis, zij, die de Roomschen met geweld jagen in de armen van de revolutionairen, hebben onze vaderen - niet aan hunne zijde.
En in de tweede plaats vragen wij of het samengaan der rechtsche partijen in een coalitie niet tot versterking van het gezag en tot zegen van heel ons land en heel ons volk heeft gewerkt?
Indirectelijk bij de handhaving van recht, de erkenning van de Souvereiniteit Gods, de verhouding in het gezin, den eerbied voor het huwelijk en bij, zoovele andere christelijke grondslagen van ons volksleven meer.
Maar ook in directen zin ten aanzien van het behoud van de nationale zelfstandigheid, de publieke eerbaarheid, de vrijheid van het onderwijs, de Schriftuurlijke verhoudingen op het sociale terrein des levens en ten opzichte van welke onderwerpen al niet meer.
Het stemde ongetwijfeld dankbaar toen niemand minder dan de leider der Staatk. Gereformeerden in de Tweede Kamer, ds. Kersten, bij het uitbrengen van zijn stem in October l.l. voor de bioscoopwet kon verklaren, dat ook deze wet eenige beteugeling zou geven van het kwaad.
Zeker, ten opzichte van de wetgeving blijven nog vele verlangens der Anti-revolutionairen onvervuld, niet altijd omdat de Roomschen bezwaren maken maar ook veelmaals omdat de Christelijk Historischen niet willen.
Maar meent men, dat bij een andere politieke constellatie, zoo deze mogelijk ware, meer voordeelen voor ons, Gereformeerden, zouden zijn te verkrijgen dan bij de coalitie? Wij zeggen het ook hier ds. Janssen na: die eene andere oplossing weet, moet haar maar aanbieden en indien ze beter is, dan hetgeen wij tot nu toe hadden, zal men ons te bereid vinden om mede den nieuwen weg te bewandelen, opdat het belang van het land daarmede worde gediend.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 12 februari 1926
De Waarheidsvriend | 4 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 12 februari 1926
De Waarheidsvriend | 4 Pagina's