Christus een Herder.
Ziet gij langs de groene voren
niet dien trouwen Scheper gaan?
Ziet gij niet hoe op Zijn sporen
bloeiend alle velden staan?
Kent gij niet de vrome kudde?
Ziet dan naar Zijn Herdersstaf,
dien de Vader in den Hemel
in Zijn Heilandshanden gaf.
Ziet, een schaapke ging aan 't dwalen
en Hij ijlt met snellen gang
om het aanstonds weer te halen;
heel de kudde wacht zoo lang.
Op de schouders thuis gedragen,
brengt de trouwe Herder 't weer:
niemand mag nu meer versagen,
schoon verdoold, ach, nog zoo veer.
Mocht gij and're weiden vreezen;
door dien Herder trouw gehoed,
Christi eigen schapen wezen,
die Hij loskocht met Zijn bloed!
Heer', mijn God, op Uwe weiden,
aan Uw waat'ren wille Uw hand
mij door wel en wee geleiden
tot in 't Hemelsch Vaderland!
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 4 juni 1926
De Waarheidsvriend | 4 Pagina's