FINANCIËN.
Postrekening 35683.
Een geweldige dikke brief uit Zeist ontvangen. Ik ben altijd zeer nieuwsgierig als er iets komt uit deze plaats. Zeist doet veel voor de verbreiding der Waarheid; vooral over onze grenzen, onder de Toradja's op Celebes. Een zeer groote, bloeiende afdeeling van den Zendingsbond is er, waar allen met ijver aan medewerken en die jaarlijks groote sommen offeren voor de Zending onder de heidenen. Dat is heerlijk, dat is een teeken van opgewekt geestelijk leven, waar wij den Heere niet dankbaar genoeg voor kunnen zijn. Met onze twee Gereformeerde predikanten aan het hoofd, is de afdeeling van den Gereformeerden Zendingsbond aldaar er een, die een eerste plaats inneemt. Hoeveel leden die afdeeling wel telt, weet ik niet, maar ik geloof niet, dat er een Gereformeerd Hervormd mensch te Zeist woont, die daar niet bij aangesloten is. Is dat niet prachtig, zulk eene samenwerking? Dat geeft een onderlingen band, waar ook voor de gemeente zelf een zegen in ligt.
Een dikke brief uit Zeist en een dunne uit een andere plaats, die ik op verzoek niet noemen mag. Och, zoo'n dikke is een zeldzaamheid, maar van die korte, kleine briefjes ontvang ik er nog al eens eentje. Ze zijn vaak van denzelfden inhoud en luiden:
Waarde Penningmeester,
Het is ons gelukt om na veel arbeid en moeite en na de laatste stemming den kerkeraad er toe te bewegen om in de vacature, die al zoolang bestaat, een predikant te beroepen die de Gereformeerde Waarheid predikt. Het liefst zouden wij er een hebben, die bij den Bond is aangesloten. Kunt u ons niet eenige namen noemen, van wie verwacht zou kunnen worden een beroep naar hier aan te nemen? enz.
Wat voor antwoord moet ik daar nu op geven, als ge wilt bedenken dat er wel 50 plaatsen zijn, die om een Gereformeerd predikant vragen?
In Zeist bestaat ook een afdeeling van den Gereformeerden Bond tot verbreiding van de Waarheid, niet over onze grenzen, maar binnen onze grenzen. Nog enger binnen de grenzen van onze Ned. Hervormde Kerk.
Is dat dan noodig?
Ja, dat is noodig. Ik zou te breedvoerig worden om te zeggen waarom. Dat doe ik eens op een anderen keer. Laat het ditmaal genoeg zijn u er op te wijzen dat er predikanten zijn in onze Hervormde Kerk die hun gemeenteleden opvoeden en leiden in het grofste ongeloof; erger dan de Toradja's op Celebes. Deze laatsten trachten wij in kennis te brengen met de hooge waarde van de leer der verlossing die in Christus Jezus is. Onze moderne ongeloovigen hebben het Christendom al achter den rug en verachten en bestrijden het in de Kerk, naar Christus' naam genoemd.
Welnu, de Waarheid te brengen onder de heidenen over onze grenzen is heerlijk en goed. De naam van Christus uit te dragen onder de wildste volkeren, is een taak die op de schouders aller geloovigen rust. Maar laten wij niet vergeten welke taak wij hebben vlak bij de deur. Laten wij het eene doen en het andere niet nalaten.
De leden van den Gereformeerden Bond tot verbreiding van de Waarheid in onze Hervormde Kerk zijn allen zonder uitzondering lid van den Gereformeerden Zendingsbond. Maar omgekeerd scheelt er nog veel aan. Te veel. Vooral in Zeist. De afdeeling van den Gereformeerden Bond wil dit groote verschil kleiner maken. Zij heeft gevoeld dat er in die richting in Zeist wat gedaan moet worden, méér dan voorheen. Zij wil leden winnen en bekend maken in Zeist, wat de Bond is en wil. Zij heeft ingezien dat daartoe de Waarheidsvriend in deze gemeente meer gelezen moet worden. Daar voor wil zij gaan werken en daarvoor was die dikke brief. Die bevatte 187 namen en adressen van Gereformeerd Hervormde mannen en vrouwen, aan wie het verzoek gericht wordt abonné te worden op de Waarheidsvriend.
Daarmede steunt gij geldelijk onzen Bond en kunt u elke week lezen alles waar een Gereformeerd Hervormd mensch belang in stelt. Wij zenden aan deze 187 personen nu gratis drie weken lang de Waarheidsvriend. Dat kost ons veel. Maar wij rekenen, dat dit ruimschoots vergoed zal worden door het groot aantal abonné's dat wij hiermede winnen.
"Het zal je niet meevallen", hoor ik iemand zeggen. Dat zal 't wél. Dat kan niet tegenvallen, als wij zien wat Zeist voor de verbreiding van de Waarheid over heeft. Ze gaan in zee, de 187 proefnummers, en ik geloof dat het best zal uitkomen. Ik ben vol moed.
De namen van nieuwe abonné's ontving ik uit Apeldoorn 1. Den Haag 1. Haarlem 1. Heiningen 1. Huizen 1. Nieuw Beijerland 1. Oegstgeest 1. Rotterdam 1. Wapenvelde 1. Winkel (N.-H.) 1. Zwolle 1. Tezamen 11 stuks.
De namen van nieuwe leden ontving ik uit Veenendaal, Rotterdam en O.-Beijerland. Ik meende nu aan de ontvangsten te beginnen, maar neen, daar komt de post met een expresse bestelling uit Groningen.
Een dikke brief! Tot de volgende week bewaren?
Neen, dat gaat niet. Wij zijn allen veel te nieuwsgierig om iets van onze »aalmoezeniers« (zoo zijn ze gedoopt door den heer Plomp, van Oud-Beijerland) te hooren. Daar gaat hij dan.
Groningen Juli 1926.
Hooggeachte Heer!
't Was wel een prettige gedachte te midden van alle examendrukte: »Straks mag je er op uit voor den Bond«, Zoodra dan ook alles achter den rug was, ben ik gegaan, of beter: zijn wij gegaan. Wij? Ja! Den Zaterdag voor m'n vertrek ontving ik een brief, waarin de zoon van ds. de Bruin, de heer C. de Bruin, z'n diensten voor het Studiefonds aanbood. Met beide handen greep ik dit aan. Op je eentje naar Gereformeerde menschen te gaan, is goed. Maar twee jongelui, één van hart, één van zin, ja, dat is beter.
Via Rotterdam ging onze tocht naar Oud-Beijerland. Daar wonen menschen, die van aanpakken weten. Onder leiding van den energieken predikant ds. Koolhaas is de Gereformeerde actie hier in volle kracht. Het was te wenschen dat alle gemeenten er zoo bloeiend voor stonden. Veel dank zijn we ds. en mevr. Koolhaas verschuldigd, niet alleen omdat ze ons van Donderdag tot Woensdag logies verschaften, maar ook omdat ze ons op alle mogelijke wijze met hun vriendelijken raad en daad terzijde stonden. De Heere zegene hen voor alles wat ze voor ons en het Studiefonds geweest zijn. Vooral, mag niet vergeten worden onze vriend, de heer B. Schippers. Van Donderdag tot Woensdag heeft hij ons willen vergezellen. Moesten we naar andere plaatsen, dan reed hij ons per auto.
Bedelaars per auto! Wie heeft er ooit van gehoord? Onzen hartelijken dank aan hem en aan zijne ouders!
Met Oud-Beijerland als operatie-basis hebben we ook Zuid-Beijerland en Mijnsheerenland bewerkt. Veel hebben we hier te danken aan ds. en den heer Vermaas, theologisch student. Verder hebben we per auto Numansdorp bezocht, waar de heer Heemskerk ons gastvrij ontving. God sterke hem op zijn moeilijken post. 't Wordt Woensdag. We verlaten de Hoeksche Waard om naar Ridderkerk te trekken, waar de pastorie van ds. en mevr. van de Graaf voor ons open staat. Ridderkerk is een plaats waar nog menschen wonen die de Waarheid liefhebben, omdat de Waarheid hen het eerst heeft liefgehad. Hier was ook heel wat te verzamelen voor ons doel.
De pastorie als ons hoofdkwartier, hebben we te Krimpen a.d. Lek en te Hendrik-Ido-Ambacht een inval gewaagd. En »Jan Slof« is op den loop gegaan. Zie maar naar den buit.
Op verschillende plaatsen in den omtrek was men aan den hooibouw bezig. Daarom vond men het beter, dat we daar wat later kwamen. We zijn dus eerst opgehouden, maar bij leven en welzijn komen de aalmoezeniers (zooals een geestig man te Oud-Beijerland ons noemde) terug. 't Waren goede dagen. Een plasregen van tientjes, rijksdaalders en guldens! 't Was een getuigenis, dat de Heere Zijn Kerk bezocht. Een ritseling des levens. Want God maakt mild, ruim, royaal. Als Hij de harten voor Zijn Woord opent, opent Hij ook de beurzen en de handen. En daarom ben ik zoo blij dat ik die dagen heb meegemaakt en daarom ga ik vol vertrouwen naar de plaatsen, waar men ons verwacht.
De Heere bezoekt Zijn erf. En een ieder die de Gereformeerde belijdenis lief heeft merkt het en zingt:
De Heer' wil ons in gunst aanschouwen
Hij wil Jeruzalem herbouwen;
Vergaren en in vree doen leven,
Hen, die uit Isrel zijn verdreven.
Met vriendelijke groete ook namens m'n collega de Bruin.
Uw dw. dnr. ABBRINGH.
B ij s c h r i f t. Geachte Heer, Daar men ons in verband met den hooibouw nergens direct kan ontvangen, zijn de Bruin en ik eens naar huis gegaan om na eenige dagen onze reis weder voort te zetten.
Ziehier de ontvangsten die ik u achtereenvolgens als giro heb gezonden:
Oud-Beijerland ƒ325.55 Met een nagift van ƒ 10.— ƒ335.55
Oud-Beijerland (Zuidzijde) 2.—
Mijnsheerenland ƒ27. + ƒ9— , 36.—
Zuid-Beijerland 67.—
Numansdorp 51.15
Ridderkerk 113.50
Krimpen a.d. Lek 20.50
Hendrik Ido Ambacht , 17.—
ƒ 642.70
Met vriendelijke groete.
DE BRUIN—ABBRINGH.
Ik heb er niets meer bij te voegen. Alleen mijn hartelijken dank voor de goede zorgen aan onze »aalmoezeniers« besteed. Het is inderdaad verrassend en wat getuigt het van eene heerlijke samenwerking en liefde voor de Waarheid van onze Gereformeerden in de Hervormde Kerk. Zooiets geeft je weer moed. En wat een ontvangst voor den penningmeester! Goeie menschen, dat had ik niet verwacht in één week tijds.
Voor alles hartelijk dank aan allen. In het bijzonder aan onze beide reizigers, die zeker wel eens een paar dagen mogen uitrusten na den eersten vermoeienden tocht. Wij willen hopen dat de gunstige resultaten van de eerste reis op de volgende mogen blijven bestaan en dat de oogst van »onze aalmoezeniers« eenigermate zal zijn geëvenredigd aan den hooioogst van onze landbouwers. Dan komt het zeker best uit, heeft men mij verteld.
Maar we zijn nog niet aan het eind van onze ontvangsten van deze week.
Rotterdam, van ds. J. de Bruin ƒ 15.- uit de catechisatiebus.
Z .....m. Van eenige lezers van de Waarheidsvriend ƒ 40.— voor den Gereformeerden Zendingsbond en ƒ 10.— voor het Leerstoelfonds en ƒ 10.— voor het Studiefonds; tezamen ƒ 60.—.
Zoo ziet ge, Zeistenaren, dat het lezen van de Waarheidsvriend ook den Gereformeerden Zendingsbond nog wat oplevert.
Amersfoort, door ds. K. J. van den Berg ƒ 2.50 van mej. W. B. voor het Studiefonds.
Kampen, van den penningmeester van het »goudmijntje«, busje no. 125, opbrengst van de maanden Mei en Juni ƒ 23.—. Bij de inzegening van een echtpaar ƒ2.50; ƒ 15.— van de Zondagsschool op Gereform. grondslag. Alles tezamen ƒ40.50 voor het Studiefonds.
Suawoude, door ds. G. Lans ƒ1.— van een mede-lezer.
Uit. Een prachtweek ditmaal en dat in den slappen tijd!
Hartelijk dank aan allen.
Moge de Heere de gevers en gaven zegenen.
De Penningmeester,
J. C. FLIEHE.
Arnhem, Parkstraat 6.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 16 juli 1926
De Waarheidsvriend | 4 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 16 juli 1926
De Waarheidsvriend | 4 Pagina's