De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

RONDOM DE LEESTAFEL

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

RONDOM DE LEESTAFEL

8 minuten leestijd

J.A. Hammerton, De Wonderen der Oudheid, voor Nederland bewerkt door W. J. Ankersmit. Amsterdam, Uitg-Mij. Elsevier. 24e aflevering.
Met deze 24ste aflevering, die weer bijzonder goed verzorgd is en rijk geïllustreerd, is deze belangwekkende uitgave van „Elsevier" compleet. Mr. Arthur Strong schrijft een opstel over Godentempels (XIX) en wel over „de vreemde onderaardsche Tempel te Rome", enkele jaren geleden in de nabijheid der Porta Maggiore, bij een aardschuiving, aan het licht gekomen. Het is een vóór-Christelijke tempel die alleszins merkwaardig is en een fraai bouwwerk vertoont. Het is niet een in den loop der eeuwen bedolven gebouw, maar van den aanvang af diep onder den grond gebouwd, opgetrokken in een soort beton. Men staat verbaasd als men van zulke dingen leest en de afbeeldingen van de schoonste bouwwerken ziet! In een volgend hoofdstuk wordt bij gekleurde afbeeldingen verteld van de kunstnijverheid van Oud-Brittannië. De heer H.R. Hall doet een mededeeling over den steen van Rasette, sleutel tot de kennis van Egypte. De steen van Rosette, in het Britsch Museum te Londen aanwezig, is een blok basalt van ongeveer 112 bij 70 c.m. waarop een opschrift in twee talen, het Grieksch en het Egyptisch; in drie letterschriften. De inscriptie is in beide talen hetzelfde en is een kopie van een besluit, door de Egyptische priesters uitgevaardigd, ter herdenking van de kroning van Koning Ptolemaeus V. Epiphanes, in het jaar 196 voor Christus. De heer Daeville Walker vertelt ten slotte bij prachtige platen van „De groote Hindoetempels van Engelsch-lndië". Een tabel van gelijktijdige gebeurtenissen besluit den tekst, in welken ten slotte een algemeen register den weg wijst. Voor „De Wonderen der Oudheid" is een prachtband in gereedheid gebracht, naar ontwerp van Anton van der Valk, rood linnen met goud en donkerblauw bedrukt. Het geheel in drie deelen is een voornaam werk, dat van groote beteekenis mag worden genoemd.

Het Echtscheidingsvraagstuk, Artikelen, verschenen in het dagblad „De Telegraaf", door mr. J. H. Telders: „Onze Wetgeving inzake echtscheiding"; prof. dr. H. W. Methorst: „De taal der cijfers" ; mevr. Jo van Ammers-Küller: „Huwelijk en levenshouding"; prof. dr. H. Y. Groenewegen: „Echtscheiding en ons zedelijk bewustzijn"; prof. dr. C. Snouck Hurgronje: „Echtscheiding en den Islam"; mevr. mr. B. Bakker—Nort: „Echtscheiding en de positie der vrouw"; prof. dr. J. L. Palache: „De echtscheiding naar de Joodsche Wet"; prof. dr. Ph. Kohnstamm: „Huwelijk en opvoeding"; Herman Poort: „Huwelijk en echtscheiding in den Ned. roman van onzen tijd"; prof. dr. D. Cohen: „Echtscheiding in de oudheid"; mr. R. M. Ligthart—Lion Cachet: „Echtscheiding en zelfzucht"; prof. R. Casimir: „Vorm en inhoud" Waar het aantal echtscheidingen voortdurend stijgt en de statistiek aangeeft, dat wij hier met een verschijnsel van den modernen tijd te doen hebben, kan het z'n nut hebben de artikelen van bovengenoemde mannen en vrouwen te lezen. Dat wij hiernaast ook gaarne nog andere stemmen zouden willen hebben gehoord, zal niemand verwonderen.

In Memoriam Ds. B. van Meer. Dit is een eenvoudig, keurig uitgegeven boekje, waarin ds. C. A. Lingbeek over het leven van zijn zwager en mr. J. Schokking over het leven van zijn vriend een artikel geschreven heeft. (blz. 7— 39). Vervolgens zijn enkele korte overdenkingen van de hand van den overledene opgenomen, benevens zijn entreepreek te Apeldoorn. Een mooi, goed gelijkend portret staat tegenover het titelblad. Waar wij den overledene meer dan eens hebben ontmoet, hebben hooren preeken en met hem hebben gecorrespondeerd, interesseerde ons dit boekje zeer en hebben wij het met stille aandacht en de grootste belangstelling gelezen. Uitgave: H. Veenman & Zonen, Wageningen

Nederlandsch Zendingsjaarboek voor 1926-'27. Uitgegeven door den Zendings-studie-raad De Bilt. Inhoudsopgave: Overzicht vsn het Zendingswerk in Ned. Oost-en West-Indië. In Memoriam Jonkvr. H. B. De La Bassecour Caan. jaarverslag Zendings-studie-raad. Gegevens betreffende den arbeid in Oost en West. Zending onder de Joden. Binnenlandsche propaganda, enz. Dat is een boekje, om telkens ter hand te worden genomen en leent zich uitnemend voor onze Jongelings-en Meisjesvereenigingen om daaruit gegevens te putten voor een opstel of voordracht over de hedendaagsche Zending.

Antirevolutionaire Staatkunde. Orgaan van de Dr. Abraham Kuyper-Stichting; ter bevordering van de studie der Antirevolutionaire beginselen. September 1926. Inhoud: Theol. faculteiten van de Rijks-Universiteiten, door prof. dr. J. A. C. van Leeuwen; In den strijd om een christelijke staatkunde, door prof. dr. H. Dooyeweerd; Vraag en Antwoord. Adviezen-rubriek, bewerkt door mr. J. W. Noteboom. Wij blijven dit tijdschrift, door J. H. Kok te Kampen gedrukt, hartelijik aanbevelen.

Thomas à Kempis. De Navolging van Chris­tus. Vertaald en ingeleid door dr. B. Wielenga. Uitgave: W. G. Meinema, Delft. Een voornaam boek. Als uitgave bedoelen we. De uitgever heeft eerste klas werk gegeven. Gaarne een woord van lof. En dan het boek zelf; de inhoud met z'n strekking en beteekenis? leder weet, dat „De Navolging van Christus', geschreven door Thomas a Kempis, een boek van hooge waardij is. Fijn gevoeld, mooi geschreven. Maar — toch wat eigenaardig. Toch voor ons, Gereformeerd-Protestanten, een weinig „roomsch". Zoo echt diep gevoeld, maar toch wat „roomsch". En dat zit vast, met de opvatting van den mensch, van den vromen menscih en met de opvatting van het werk van Christus. Verdienen — en uit genade bedeeld worden uit de volheid van Christus' zoenarbeid. Velen onderscheiden dat niet. Ook velen die „De Navolging van Christus" vertaald hebben, hebben dat niet weten te onderscheiden. Hoewel er mooie vertalingen zijn, b.v. van prof. Is. van Dijk. Maar nu komt dr. Wielenga, die eerst in een uitvoerige inleiding deze dingen zoo keurig uiteen zet en dan zoo'n fijn gevoelde vertaling geeft, met zulke korte, duidelijke, juiste bijschriften. Wij kennen geen mooier en geen beter vertaling dan deze. Waarom we dr. Wiielenga zeer dankbaar zijn voor den arbeid hieraan besteed en de uitgever heeft gezorgd voor een zoodanige uitvoering van dit wereldberoemde boek, dat ook hem een woord van waardeering en lof niet mag worden onthouden. Vinde deze uitgave een grooten kring van koopers en lezers! En die lezen, moeten dan lezen vanaf het eerste woord van de Inleiding; dat verhoogt het genot bij de lezing en doet de dingen beter verstaan.

Jan Amos Comenius. Het Labyrint der wereld en het paradijs des harten.
Uitgave: Kemink & Zoon, Utrecht 1926.
Kent ge de Pelgrimsreize van Bunyan? Natuurlijk, zult ge zeggen. Althans we hopen, dat ge het zeggen kunt. Anders maar eens een exemplaar gekocht en het dan de komende wintermaanden maar eens vlijtig gelezen! Het is zoo mooi. En nu voelt ge, dat we hier een boek hebben, dat er op lijkt. Hoewel het toch weer heel anders is. Comenius, die uit Bohèmen afkomstig is, heeft „de Christenreize" van Bunyan niet gekend. Want dat boek ontstond in de jaren 1678—'84, toen de levensdagen van Cornemius reeds geteld waren. Maar in beide boeken zwerft een pelgrim, begeleid door gidsen, door de booze wereld; in beide verleent Gods genade ten slotte den eenigen troost en 't hoogste geluk. Het boek van Comenius, hoewel in veel met Bunyan's geschrift overeenkomend, verschilt hierin, dat het ons in aanraking brengt met alle rangen en klassen der maatschappij; en dan zóó, dat de schrijver ze ziet in al de gebreken, in al de ijdelheden, in al de zonden, om tenslotte de wereld te ontvlieden en met Christus de reis voort te zetten. Het 1ste deel van het boek heet: Het Labyrint der wereld. De pelgrimstocht vangt aan; Overalbij voegt zich als gids bij hem; de Verblinding sluit zich bij hem aan, die hem een bril opzet; en dan gaat het over het marktplein der wereld, door de straat van het huwelijk; om te komen onder de handwerkslieden, de geleerden en filosofen, de rechtsgeleerden, de geestelijken, de overheden, de schrijvers van nieuwsbladen, enz. enz. Overal ijdelheid, zonde, bedrog, vervolging van de waarheid en bescherming van de leugen. Maar dan komt de pelgrim thuis. En dat is het tweede deel: Het Paradijs des harten. 
Wij hebben dit boek, waarvan we al eens gehoord hadden, maar dat we nooit in handen hadden gehad, met buitengewone belangstelling gelezen en we hebben telkens genoten van de origineele, rake manier waarop de dingen worden beschreven.
Wij zijn den heer Oosterhuis, die het boek uit het Tsjechisch vertaald heeft (voorwaar een bizonderheid) ten hoogste dankbaar. En de uitgever zorgde voor een zeer nette uitvoering. Wij hopen, dat dit bizondere boek door velen mag worden gelezen. En dat de wensch van den schrijver in vervulling mag gaan, die den lezer toebidt: „Dat het u welga, lieve christen en moge de Heilige Geest, de leidsman van het licht, u beter dan het mijn zwakken krachten mogelijk was, leeren, hoe ijdel deze wereld is en welke heerlijkheid en zalige vreugde den  met God vereenigden zielen van de uitverkorenen wachten. Amen".

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 15 oktober 1926

De Waarheidsvriend | 4 Pagina's

RONDOM DE LEESTAFEL

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 15 oktober 1926

De Waarheidsvriend | 4 Pagina's