De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

FINANCIËN

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

FINANCIËN

6 minuten leestijd

Postrekening 35683.
Of het Alexander de Groote, of Pepijn de Korte, of Karel de Stoute, of Napoleon de Kleine geweest is, ik weet het niet en ben het vergeten. Maar één van deze vechtersbazen moet eens gezegd hebben: „Geen grooter gevaar voor eene nederlaag, dan vlak na de overwinning. Waarmee hij bedoelde dat, als men na 't verslaan van den vijand zich in den roes der overwinning overgeeft aan een zorgelooze vreugde, het kan geschieden dat de vijand zijn verstrooide troepen verzamelt en zijn overwinnaar, welke niet waakzaam is gebleven, overvalt en de overwinning in een nederlaag veranderd wordt.
Iets van dien aard vinden wij ook in de Schrift, waar wij lezen van de Amalekieten die Ziklag, waar David met zijn beide vrouwen tijdelijk een schuilplaats gevonden had, innamen en met vuur verbrandden. Zij doodden de mannen en namen een grooten buit mede; ook de vrouwen, waaronder de beide vrouwen van David. Toen David ze najaagde, vond hij ze etende en drinkende en dansende om den grooten buit, dien zij uit Ziklag medegenomen hadden. In den roes der overwinning had men alle waakzaamheid veronachtzaamd en David had met dezen zorgeloozen vijand 'n gemakkelijke taak. De Amalekieten werden verslagen en gedood, de buit en de vrouweh, ook de beide vrouwen van David, werden teruggevoerd. Ete overwinning werd veranderd in een nederlaag.
Ziezoo! Dat is de preek. Nu de toepassing.
Eerlijk heb ik u verteld, dat ik mijn boeken met een gunstig saldo kon afsluiten. De ontvangsten van het afgeloopen jaar waren weer hooger dan het jaar te voren. Wij hadden geen reden tot klagen en konden alles uitbetalen wat wij op ons hadden genomen. Dank zij de offervaardigheid en de medewerking die wij het afgeloopen jaar mochten ondervinden. Dat wij het cijler van het vorig jaar iets te boven konden komen, vond in den middellijken weg niet het minst zijn oorzaak hierin, dat in de zomervacantie een paar studenten een rondreis gemaakt hebben en toen meer dan twee duizend gulden voor onze fondsen meebrachten. Onze leden, onze lezers, onze belangstellenden, hebben natuurlijk deze mededeeling met groote blijdschap ontvangen, evenals het voor mij een groote verrassing was. Wij hadden met onze financiën een groote overwinning behaald. De tijd van achteruitgang en inzinking is nog niet gekomen. Wij hebben nog den bloeitijd.
Het is echter wel zaak, "om nu niet in rustige rust neder te liggen en ons te wachten voor de fout van de Amalekieten bij Ziklag en te letten op het woord van den grooten, den korten, den stouten of den kleinen vechtersbaas, dien wij u daar straks noemden. Alzoo niet te denken: Hij heeft zooveel ontvangen en het afgeloopen jaar is zoo gunstig geweest, dat hij het nu buiten onze hulp wel een poosje stellen kan. Onze penningmeester heeft nu vooreerst geen krimp, daarom doen wij dan ook maar weinig in de collecte voor de fondsen.
Mis, vrienden, heelemaal mis.
Ik moet u ernstig waarschuwen, want dit doende, zult ge de overwinning in een geduchte nederlaag veranderen. Het afgeloopen jaar is gunstig geweest. Wij zijn rondgekomen. Maar een nieuw jaar ligt vóór ons. In dit jaar hebben wij meer noodig dan het jaar te voren, daar de uitgaven voor het Studiefonds elk jaar toenemen. Als ge er prijs op stelt dat wij op denzelfden voet doorgaan en niemand afwijzen, van wiens geschiktheid wij ons bewust zijn, dan dienen wij waakzaam te blijven, niet in rustige rust neder te liggen, maar allen mee te helpen om onze fondsen krachtig te steunen. U moet niet denken: omdat hij vorig jaar zulke extra inkomsten heeft gehad door middel van onze rondreizende studenten, kan de penningmeester het nu wel met wat minder doen bij de spreekbeurten. Wij hadden dit extraatje hard noodig om de verhoogde uitgaven te bestrijden en als ge nu uw hand gaat inhouden, dan houdt het op een extraatje te zijn, dan hebben wij er niets aan. Wilt ge daar eens goed over nadenken? Dit is heusch niet overbodig, want zonder namen te noemen zijn er onder de collecten, tijdens de spreekbeurten gehouden, bedragen uit plaatsen waar ik versteld van sta. Goed begrijpen. Niet van zoovéél, maar zoo wéinig.
Weet ge wel, dat ik elke week ƒ 250.— noodig heb om niet achteruit te gaan en weet ge wel, dat de collecten bij de spreekbeurten al mee één van de voornaamste bronnen van inkomsten behooren te zijn? Weet ge wel, dat er thans 280 vacatures in de Hervormde Kerk zijn? Zorg er voor, dat het niet aan uzelf ligt als er geen Gereformeerde predikers zijn om deze te vervullen.
Wij gaan nu eens zien, wat er is ontvangen.
O u d e r k e r k  a.d.  IJ s s e l. Collecte, gehouden bij een spreekbeurt voor de beide fondsen door ds. G. Enkelaar van Ter Aar ƒ 35.60.
O c h t e n. Afgezonden door den heer G.S. Stam, diaken en koster, collecte gehouden bij een spreekbeurt door ds. J. van Amstel van Putten ƒ 25.98 en ƒ 10.— uit de catechisatiebus van ds. Van Elst; tezamen ƒ 35.98.
B l e i s w ij k, afgezonden door ds. A Dekker ƒ25.—, zijnde het bedrag der collecte gehouden bij een spreekbeurt door ds. J.G. Dekking van Kesteren op Woensdag 26 Jan. 1927 voor de beide fondsen.
F e ij e n o o r d, afgezonden door den hr. Jb. Bot, penningmeester der afdeeling, aan collecte, gehouden op het jaarfeest der Jongedochters-en Meisjesvereeniging „Hanna" ƒ 5.— voor Leerstoel-en Studiefonds, en ƒ 2.50 van mej. N. A. D. voor het Studiefonds. Totaal ƒ 7.50. s
L a g e V u u r s c h e, afgezonden door ds. Gunning aan opbrengst van de collecte voor de beide fondsen ƒ 17.55, ter gelegenheid van een spreekbeurt van ds. G. Benes van Maarssen.
O n s t w e d d e, afgezonden door ds. J.C. Wolthers ƒ 10.— als gevonden in de collecte ten bate van het Studiefonds.  Hartelijk dank. De naam Onstwedde heeft bij mij een goeden klank, want ik heb daar meer dan eens bij gelegenheid van een spreekbeurt een geweldige collecte uit ontvangen.
Z e g v e l d, van C. Bardelmeijer ƒ 3.33 uit busje no 20 over de maand Januari. 
Wij zijn hiermede aan het slot van onze mededeelingen. Hartelijk dank aan allen.
Moge de Heere het met Zijnen zegen bekronen.
De Penningmeester,
J. C. FLIEHE.
Arnhem, Parkstraat 6.

Postz., capsules en zilverpapier
Ontvangen van:
1°. den heer M. Nauta (? ), Gouderak, zilverpapier, capsules, enz., verzameld door de kinderen der Christelijke School aldaar;
2°. den heer J. C. Fliehe, Arnhem, postzegels en zilverpapier van de kinderen der Chr. School aan den Nieuwenweg te Veenendaal, door bemiddeling en zorgen van mej. Tr. Beekenkamp.
Deze inzenders hebben weer goed hun best gedaan, wat mij goed te pas komt in dezen slappen tijd.
Met zeer hartelijken dank en aanbeve ling.
Mej. J. DEN HARTOG.
Krommedijk 60, Dordrecht.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 4 februari 1927

De Waarheidsvriend | 4 Pagina's

FINANCIËN

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 4 februari 1927

De Waarheidsvriend | 4 Pagina's