De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

STAAT EN MAATSCHAPPIJ

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

STAAT EN MAATSCHAPPIJ

4 minuten leestijd

Ontwapening.
Tot de werkzaamheden, waarvoor de Tweede Kamer na afloop van het reces geplaatst wordt, behoort ook het voorstel-ontwapeningswet, dat eenigen tijd geleden door de Sociaal Democraten is ingediend geworden, en thans voor openbare behandeling gereed ligt. Eigenlijk houdt het bedoelde voorstel geen ontwapening in, want wel wordt het leger als zoodanig afgeschaft, maar daarvoor komt in de plaats een veiligheidswacht met een totale sterkte van 25000 man, welke wacht een gedeelte van de taak van het tegenwoordig leger op oorlogsvoet zal hebben over te nemen. In hoeverre de nieuwe taak, die aan de veiligheidswacht wordt opgedragen, door haar vervuld zal kunnen worden, daarop zullen wij niet nader ingaan, de beraadslagingen in de Kamer zullen daarover wel het noodige licht doen opgaan. Wat voor ons van belang is, is om iets te zeggen over het beginsel der ontwapening.
Om de ontwapening recht te verstaan en het doel, dat met ontwapening beoogd wordt goed te begrijpen, zal men zich eerst eenigszins vertrouwd moeten maken met het probleem van den oorlog. Al dadelijk doet zich de vraag voor; mag oorlog gevoerd worden? Het antwoord op die vraag lijkt ons voor degenen, die zich aan het Woord Gods vasthouden, niet moeilijk. Immers de geheele Schrift en vooral het Oude Testament gewaagt van oorlogen. Vele van deze oorlogen waren zelfs door God gewild en dienden om het recht Gods te handhaven. In het Nieuwe Testament worden de natuurlijke verhoudingen van Staat en Overheid, van krijgsdienst en oorlog geƫerbiedigd. En in onzen tijd kan het plicht van Godswege e-zijn om de goederen, die Hij den mensch schonk, te bewaren en te verdedigen. Zoo kan oorlog plicht zijn: uit liefde tot God en Zijn recht.
In dat geval is een oorlog een rechtvaar dige zaak, maar daartegenover zijn er ook gevallen aan te wijzen, waarin oorlogen gevoerd worden, die niet dienen tot versterking, maar tot verbreking van het recht. Echter, wanneer Nederland ooit zou geroepen worden, wat God verhoede, om 't zwaard uit de scheede te trekken, dan zal dit geen ander doel kunnen hebben, althans wij kunnen dit niet anders inzien, dan om het land, dat de Heere ons tot een erve gegeven heeft, te verdedigen en voor het nageslacht te bewaren. Dit zal een rechtvaardige oorlog zijn, om op te komen voor de vrijheid van het Patrimonium, voor welks behoud de vaderen geleden, gestreden en gebeden hebben. Eenzijdige ontwapening, zooals in het ontwapenings-voorstel wordt gewild, gaat daarom vierkant tegen ons beginsel in.
Wij zeggen: eenzijdige ontwapening, want de ontwapening kan ook nog een ander karakter dragen, n.l. dat van algemeene of internationale ohtwapening, een ontwapening waarbij alle naties gaandeweg tot inkrimping van hunne legers overgaan. Voor het medegaan met zulk een gelijktijdige ontwapening van alle legers zouden de bezwaren niet groot zijn.
Intusschen verwachten wij van een algerneene ontwapening niet veel. In practischen zin niet, omdat de wereld er niet naar uitziet, dat de oorlogen reeds spoedig tot het verleden zullen behooren. Allerwegen toch, waar men het oog ook wendt, ziet men het tegendeel; de volkeren zijn nog tot de tanden toe gewapend. Maar ook op grond van de beginselen is van ontwapening niets, te verwachten. Daarvoor moeten wij den oorlog van een andere zijde bezien. En dan merken wij op, dat de oorlog een gevolg is van de zonde en samenhangt met allerlei zondige hartstochten. Dewijl nu het geheele menschdom onder de zonde ligt en de zonde in de bedeeling, waaronder wij leven, zal blijven heerschen, zal de oorlog wel nimmer voor goed ophouden. Tot ontwapening zal het dus nooit kunnen komen, want de mensch is van nature onbekwaam tot eenig goed en geneigd tot alle kwaad. Eerst als alles in Christus vernieuwd en hersteld is, zal het met den oorlog uit zijn, zal ontwapening niet meer noodig zijn en zal de vrede alomme heerschen. Het is om de redenen, die hierboven ontwikkeld werden, dat het voorstel-ontwapeningswet in ons oog verwerpelijk is.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 18 februari 1927

De Waarheidsvriend | 4 Pagina's

STAAT EN MAATSCHAPPIJ

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 18 februari 1927

De Waarheidsvriend | 4 Pagina's