FINANCIEN
Postcheque en gironummer 35683.
Wel verbazend! Wat is dat nu? M'n portret in de Waarheidsvriend!
Ik keek mijn wederhelft eens aan en zei: Zeg vrouw, hoe komt men daaraan? Weet gij er ook van?
Ze zette het onschuldigste gezicht van de wereld en zei: Neen, ik heb het niet gegeven.
Nu heb ik de goede gewoonte om mijn vrouw altijd te gelooven. Of dit nu een deugd is van mij, of dat het door de deugdelijkheid van haar komt, wil ik in 't midden laten. In ieder geval, het stond er in en 't was duidelijk ook. 't Is toch een fijn blad, die Waarheidsvriend, dacht ik. Wat helder en scherp is dat afgedrukt, 't Is, of het zoo van den fotograaf komt. Dat kan alleen omdat het zulk best glad papier is en doordat de uitgever het zoo goed verzorgt. Ik ben trotsch op de Waarheidsvriend. Je durft hem een ieder in de handen te geven. En hoe goedkoop! Slechts één gulden in de drie maanden, 't Is niet te gelooven, hoe het er voor geleverd kan worden! Alle andere bladen van dezelfde grootte en bij lange na niet zoo dicht gedrukt, kosten minstens ƒ 1.— per jaar meer.
Nu wilde men het op de jaarvergadering nog goedkooper hebben.
Ik ontmoette Dirk bij den uitgang.
Niet doen, zeg!
Wat?
De Waarheidsvriend goedkooper geven. Ik weet er wel wat op. Ik kom de volgende week wel even bij je aan, dan praten wij er eens over.
Goed, ik zal je wachten, want het kan ook niet.
Laat ik over de jaarvergadering niet veel zeggen en het aan den secretaris overlaten. Alleen dit, het was een druk bezochte, goede en gezegende bijeenkomst. Geen enkele wanklank werd gehoord. Toch kan ik niet nalaten allen te danken die bij monde van den voorzitter mij gelukwenschten met de herdenking van mijn geboortedag. Daar moet je tegen kunnen om zoo „gehuldigd" te worden. Het maakte me zenuwachtig. Mijn grootste blijdschap was wel dat èn uit het verslag van den secretaris èn uit de cijfers die ik der vergadering moest voorleggen, bleek, dat het goed gaat met onzen Bond. De Heere wil deze beweging kennelijk zegenen en dienstbaar maken aan de verbreiding van Zijn Naam in onze diepgevallen Kerk, die wij allen liefhebben, ondanks haar gebreken. Liefde en toewijding voor de taak die ons is opgelegd, vergoeden daarbij veel wat wij missen aan bekwaamheid. Daarom kon ik zoo gemakkelijk alle ,,hulde" aan m ij n werk naast mij neerleggen en stemde ik zoo volmaakt in met de woorden van het onderschrift: „Mijne genade is u genoeg. Mijn kracht wordt in uwe zwakheid volbracht".
Doch nu over iets anders. Het blad verscheen vorige week reeds op Woensdagavond. Achter mijn rug om had het Bestuur het met den uitgever klaar gespeeld om te zorgen dat het vóór de jaarvergadering reeds in ieders bezit was. Dit was een aardige verrassing. Ik wist echter van niets en zoo kwam mijn financieel verslag eerst te Maassluis aan, toen het blad reeds kant en klaar was en ter verzending gereed.
Niets erg, zult ge zeggen, 't Komt wel terecht.
Jawel. Maar ik had het daarin over de „Paaschcollecte". Ik was er toch al wat laat mede en nu is het door „de huldiging" nog een week later geworden, 't Zal er toch geen schade aan doen, is 't wel? Dat mag niet. De uitgever moet het vandaag nog maar plaatsen, want ik heb heusch mijn best gedaan om u onder den indruk te brengen van de noodzakelijkheid van een groote opbrengst van de Paaschcollecte. Ik hoop, dat het mij gelukt is. Dan vindt u daar meteen ook bij de ontvangsten van de vorige week. Ik zal u nu opnoemen wat er deze week is ingekomen.
Als ik alle brieven met hartelijke wenschen zou afschrijven, die ik heb ontvangen, zou ik de heele courant wel kunnen vullen; en nog dagelijks komen er in, waarvoor ik geen woorden kan vinden om u allen te danken. Ik moet er dan ook maar van af zien om ze te beantwoorden en u wilt zeker allen wel voor lief nemen dat ik het in ons blad doe. Ik hoop, dat de Heere er de vervulling van zal geven en mij nog eenige jaren kracht en lust en opgewektheid geven zal om als een werktuig in Zijn handen nog iets te mogen doen aan de verbreiding van de kennis van Zijn grooten en onvolprezen Naam.
Met één brief maak ik een uitzondering, omdat die een eigenaardige bijzonderheid bevatte, en dan laat ik het er bij.
Geachte Penningmeester, In de Waarheidsvriend lazen wij, dat U j.l. Maandag uw 65sten verjaardag mocht herdenken. Nu, ook wij willen U er dan nog hartelijk mee feliciteeren en dat U die dag nog een groot aantal malen zult mogen herdenken, ook als penningmeester van den Gereformeerden Bond. Wij sturen U hierbij v ij f g u l d e n als een kleinigheid voor het Studiefonds en hopen dat U nog vele van deze felicitaties in de volgende weken zult ontvangen. Uw verjaardag is wel al voorbij, maar U wilt het nog wel aannemen, niet waar? Toen ik kort geleden het portret van ds. Beekenkamp zag staan, kwam de wensch in mij op dat we nu ook den Penningmeester eens in de courant kregen. Dus die wensch is al gauw vervuld. En ik zag U, zooals ik in mijn gedachte onzen Penningmeester mij altijd heb voorgesteld.
Wil naam en woonplaats verzwijgen, en ontvang onze hartelijke groete en beste wenschen.
Ziet, die eigenaardige bijzonderheid waar ik het oog op had, zit 'm, dat begrijpt u zeker al wel, in de ƒ 5.— die er bij was. Nu is het veelal de gewoonte dat iemand een cadeautje krijgt op zijn verjaardag. In dat opzicht ben ik nu juist niet verwend. Mocht het nu zijn, dat ge bij het lezen van dezen brief zegt: Och ja, hoe jammer, daar heb ik heel niet aan gedacht, dan neem ik u dat niets kwalijk, maar dan wil ik u gaarne in de gelegenheid stellen uw verzuim goed te maken. Ik zou zeggen, het eenvoudigste is maar dat u het in de Paasch collecte doet, dan komt het toch op zijn plaats.
Van de jaarvergadering bracht ik mee uit
V e e n e n d a a l, door ds. Jongebreur ƒ 10.— bezorgd in de brievenbus, ƒ 2.50 gecollecteerd in de kerk op Zondag 20 Maart, ƒ 12.50 uit mijn catechisatiebus. Bij elkaar ƒ 25.—
S o e s t, spreekbeurt door ds. G. van Montfrans ƒ 27.50
B o 1 n e s. Busje van den heer P.A. Joen ƒ 5.—
N i e u w L e k k e r l a n d ƒ l.— omdat ds. Alers bedankt heeft voor Soest ƒ 1.—
M e e r k e r k, van mej. wed. B. en mej. A. B. ƒ 12.50 X , van N.N. door ds. Luteijn van Goudriaan ƒ 25.—
U t r e c h t, contributie '27 van een nieuw lid ƒ 1.— Utrecht, van mej. A. ƒ 1.—
De collecte gehouden bij den uitgang voor de fondsen, bedroeg ƒ 79.93 Totaal van de jaarvergadering ƒ 177.93 Verder:
Z w o l l e, van den heer Hollander, concierge van „Elim", ƒ 12.40 uit busje no. 242 van de fietsenbergplaats.
Z e i s t, van den kerkeraad der Ned. Hervormde gemeente ƒ 25.—, zijnde een gedeelte van de Zendingscollecte 1926 en bestemd voor het Studiefonds van den Gereformeerden Bond.
O l d e b r o e k, afgezonden door ds. J.E. Klomp ƒ 75.72, zijnde de opbrengst van de collecte bij een spreekbeurt door ds. Koolhaas, van Oud-Beijerland, met inbegrip van een nagift van ƒ 5.—.
W i e r d e n, ƒ 2.50 voor het Studiefonds, gecollecteerd in de godsdienstoefening aldaar „voor genoten zegeningen en uit dank dat ds. Steenbeek voor Putten bedankte".
T u i l e n 't W a a l, ƒ 10 als opbrengst van de collecte voor het Studiefonds, gehouden bij den bidstond voor het gewas, door ds. C.J. van de Graaf, van Ameide en Tienhoven.
N i e u w e T o n g e ƒ 44.60 als opbrengst van de collecte gehouden bij een spreekbeurt door ds. J. Goslinga, van Utrecht.
U t r e c h t, door ds. J. Goslinga ƒ 10.— van N.N. voor het Studiefonds.
D e n H a a g, door ds. S. van Dorp van den heer E. ƒ 1.— en van N.N. ƒ 10.— gevonden in de collecte van de Laakkapel, zijnde nagiften van de collecte spreekbeurt ds. Van Grieken. (De collecte komt zeker later).
A s p e r e n, van N.N. ƒ 5.— voor de beide fondsen.
G e n e m u i d e n, van de Vereeniging v. Uit-en Inw. Zending ƒ 10.— voor het Studiefonds.
S p r a n g ƒ 27.50, zijnde de opbrengst van de collecte gehouden bij een spreekbeurt door ds. Ewoldt, van Raamsdonksveer. 't Weer was zeer ongunstig. Toch viel de collecte nog niet tegen.
Hiermede ben ik aan het eind van de opsomming der ontvangsten van deze week. Als ik soms vergeten heb iets te noteeren, wil mij dit dan even herinneren.
Ze bedragen totaal
f 416.65.
Een prachtig cijfer, waarvoor hartelijk dank. Moge de Heere over alles Zijnen zegen gebieden. De mededeeling over nieuwe leden en nieuwe abonné's willen wij om der wille van de ruimte, maar tot de volgende week bewaren.
De Penningmeester,
Arnhem, Parkstraat 6.
Nu volgt het achtergebleven verslag van de vorige week:
Onder den indruk van de jaarvergadering, die binnen een paar dagen D.V. zal plaats hebben en reeds voorbij is, wanneer dit nummer van ons blad u onder de oogen komt, heb ik nu juist gelegenheid om uw aandacht te bepalen bij een zeer gewichtig feit, dat binnenkort voor de deur staat. Te weten: Volgens den kalender hebben wij dit jaar Paschen op 17 en 18 April. Zulke dagen worden veelal uitgekozen om een bijzondere collecte te houden. Zoo hebben wij op de Kerstdagen een bijzondere gave af te zonderen voor de armen. Met de Pinksterdagen gedenken wij bijzonder de Zending in het buitenland, en in de laatste jaren houden wij op Paschen een collecte voor de fondsen van den Gereformeerden Bond. Voor het Leerstoel-en het Studiefonds. Wij komen dus zooals wij dit gewoon zijn, ook nu wederom tot alle kerkeraden, predikanten, kerkvoogden en tot allen die daarover te beslissen hebben, met de vraag
Wilt U op de PAASCHDAGEN een collecte doen houden voor het LEERSTOEL en het STUDIEFONDS?
Het is mogelijk, dat enkele kerkeraadsleden bij het lezen van deze vraag een bedenkelijk gezicht zetten en denken: Hoe nu? weer een collecte voor de fondsen, en wij hebben nog kortelings een spreekbeurt in onze gemeente doen houden, waarbij wij een collecte hielden voor deze fondsen?
Gelukkig zullen er niet veel zijn, die zelf geen antwoord klaar hebben op deze vraag. Daar geven de voorgaande gehouden Paaschcollecten een afdoend bewijs voor. Maar voor hen, die nog niet voldoende overtuigd zijn van de noodzakelijkheid, wil ik even duidelijk maken, dat ik het vorig jaar alleen aan het Studiefonds heb uitgegeven aan plm. 35 a 40 personen een bedrag van ƒ 13000.—. Dit was bijeengekomen, in ronde cijfers uitgedrukt, door: de opbrengsten der spreekbeurten ƒ 5000.—, aan Paaschcollecten ƒ 5000.—, aan giften, rente, enz., ƒ 3000.— ; tezamen ongeveer ƒ 13000.
Uit deze cijfers, die ik nu maar openbaar maak omdat de jaarvergadering voorbij is, waar allen, die deze vergadering bijwoonden, dit vernomen hebben, blijkt u, welke voorname, onmisbare plaats de Paaschcollecten bij onze ontvangsten innemen. Dit hooge cijfer hebben wij noodig om op den zelfden voet te kunnen blijven doorgaan en onze tactiek te kunnen volhouden om niemand om financiëele redenen te weigeren, welke na ernstig onderzoek voor steun in aanmerking zou kunnen komen. Vorig jaar werd in 90 gemeenten een Paaschcollecte voor onze fondsen gehouden, terwijl uit nog verscheidene plaatsen, waar de kerkeraad zulk een besluit niet kon of wilde nemen, grootere en kleinere bedragen mij werden toegezonden. De behoefte aan Gereformeerde predikanten is sedert niet af, maar wel toegenomen, zoodat de vraag naar voorgangers die de gemeente de Waarheid naar Gods Woord verkondigen, steeds grooter wordt en met dankbaarheid gadeslaan den weg, dien de Heere in dezen grooten nood ter bewandeling heeft aangegeven. Wij vertrouwen dan ook dat geen enkele gemeente aan de lijst zal ontbreken en elkeen die de Gereformeerde Waarheid lief heeft, gaarne in de Paaschdagen zijn offer zal brengen.
Ontvangen:
L e e r d a m ƒ 57.05, zijnde de opbrengst der collecte, gehouden Zondagavond l.l. tijdens een spreekbeurt van ds. J.E. Klomp, van Oldebroek, voor het Studiefonds.
O n s t w e d d e, ƒ 2.50 als nagift der gehouden collecte voor het Studiefonds.
H a z e r s w o u d e, van mej. Cor Qualm ƒ 23.60 uit busje no. 73, voor het Leerstoelfonds.
H a r d e g a r ij p, van B.V. ƒ 1.— als medelezer van de Waarheidsvriend.
R e e u w ij k, ƒ 4.— voor het Studiefonds, gevonden in de collecte bij het houden van een bidstond voor het gewas, waar voorging ds. H.A. de Geus, van Waddingsveen.
V r e e s w ij k ƒ 28, zijnde de opbrengst der collecte gehouden bij een spreekbeurt door ds. B. Batelaan, van Utrecht.
F e ij e n o o r d. Aldaar heeft gesproken in 't belang van den Gereformeerden Bond ds. D.J. van de Graaf, van Ameide, op Donderdag 24 Maart j.l.; onderwerp: „Het zout der aarde". Aan het einde collecte voor de beide fondsen, door den spreker warm aanbevolen, welke bedroeg ƒ 51.30. Waarbij ƒ 5.— voor de Bondskas en ƒ 10.— door bemiddeling van ds. F. Kijftenbelt; alzoo tezamen ƒ 66.30.
Mededeelingen.
Uit E r m e 1 o bericht van de namen van nieuwe abonné's, waarvan ik met de andere de volgende week mededeeling hoop te doen. Uit B e r g s c h e n h o e k een lijst van 67 namen, waarheen proefnummers zullen gezonden worden, welke lijst verzameld is door ds. L. G. Bruijn en waarvan ik hoop, dat de meesten abonné zullen worden. Ons blad is aldaar zeer weinig bekend, en onbekend maakt onbemind. Men behoeft niet voor heel zijn leven zich te verbinden. Laat men het voorloopig eens voor één jaar probeeren; als het niet bevalt, is men met één jaar niet bedorven. Het kost slechts ƒ 1.— per drie maanden. Dat is in vergelijking met andere bladen van dezelfde grootte, buitengewoon goedkoop.
Het totale bedrag van de van deze week is ontvangsten
f 182.45
waarvoor hartelijk dank. Moge de Heere er Zijnen zegen over gebieden. En nu zullen wij eens zien, wat de jaarvergadering ons zal brengen.
De Penningmeester,
J.C. FLIEHE.
Arnhem, Parkstraat 6.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 8 april 1927
De Waarheidsvriend | 4 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 8 april 1927
De Waarheidsvriend | 4 Pagina's