Huisgezin en School.
V.
De school, de vrije school, neemt naast het gezin een eigen, zelfstandige plaats in. Tusschen de opvoeding en het onderwijs in het gezin door de ouders en in de school door de onderwijzers, bestaat velerlei onderscheid; ieder: gezin en school, beslaan een eigen plaats. Daarom ook heeft de school een zelfstandigheid, waaraan in niets te kort mag worden gedaan. Ze is niet de nederige dienstmaagd der ouders, waarbij de ouders alles en de onderwijzers niets te zeggen hebben. Maar als zelfstandig instituut voor onderwijs en opvoeding is er tegelijk zóó nauwe verwantschap met het gezin, dat ze onafscheidelijk aan elkaar verbonden rijn. Gezin en school hebben saam de zorg voor het kind.
En dat kind is een mensch, een beelddrager Gods, een mensch met lichaam en ziel, verwant aan de stoffelijke en geestelijke wereld — daarbij in alles hulpeloos en afhankelijk van anderen. Alles moet zich in het kind nog ontwikkelen; de knop moet nog tot volle rijpheid zwellen, om straks, wanneer de lentetijd voorbij is en de doodswind haar niet van de takken gerukt heeft, open te breken in vollen bloei en haar schoonheid in dit leven ten toon te spreiden, als — mensch Gods, volmaaktelijk toegerust tot alle goed werk (2 Tim. 3 vers 17). De ouders moeten daarbij het stuur der geestelijke ontwikkeling in handen hebben en houden, 't Is hun kind. Zij zijn de eerste onderwijzers; zij openen voor het kind die wereld, waarin het leeft en leven moet. Maar dan komen naast hen anderen te staan, die een deel van hun taak overnemen, omdat de ouders in den regel niet in staat zijn zelf alles te doen aan en voor hun kind. De school moet hen daarbij dan helpen.
Daarom bedoelt de school ook de kinderen in het bezit te stellen van die kennis, waardoor zij aan de noodzakelijke voorwaarden van het maatschappelijk leven kunnen voldoen, en door dat onderwijs verricht de school ook opvoedend werk. Het onderwijs is middel voor de opvoeding; en door de school als tusschenschakel wordt het kind van het gezin vereenigd met het leven, dat straks het kind wacht in het midden van de samenleving.
De leerstof, d.i. de kennis welke de leerling door middel van het onderwijs opneemt, vormt zijn geest. Het kind wordt tot denken geoefend, tot onderzoeken gedwongen, tot zelfbewustzijn geleid en die kennis maakt vertrouwd met het leven, vormt voor het leven en geeft wat voor het leven noodig is.
Een eigen methode heeft de school daarbij en het doel is: het kind te doen aanschouwen van welk een verstrekkende beteekenls het onderwijs is voor zijn geheele verdere leven. Dat is de paedagogische beteekenis van de school. Waarom in de school het gezag stuur geeft en de tucht herstelt wat verkeerd liep. Zóó moet het kind worden gevormd en zóó moet het jonge leven vroeg gewend aan vastheid en bestendigheid in al zijn doen, met het oog op het verdere leven. Wat zonder gezag en zonder tucht niet gaat.
Voor de school moet het een eere zijn, dat zij medewerkster mag zijn met den vader en de moeder, om het kind te oefenen en te vormen, te onderwijzen en te bekwamen voor het leven. Indien de school niet arbeidt in zeer nauw verband met het gezin, kan haar onderwijs geen goede vruchten dragen en wordt de opvoeding door de ouders in de school met groote gevaren bedreigd
Als christen hebben we ons dus bewust te zijn w a t de school is. En als we dan zeggen, dat de school voor ons is het instituut, hetwelk naast en zich aansluitend aan het gezin, een deel van de taak der ouders verricht, en door het onderwijs dat zij geeft, door het gezag en de tucht die zij oefent en de gemeenschap die zij vormt, arbeidt aan de opvoeding van het kind, — dan is er voor den christen ook maar één school, welke hij begeert en wel de Christelijke school, de School met den Bijbel, de school waar men leeft uit het positief christelijk geloof, dat zich zet op het tegenwoordig en toekomend leven, dat tegelijk lichaam en ziel wil verzorgen en het kind, als een schepsel Gods, wil opvoeden tot een mensch Gods, volmaaktelijk toegerust tot alle goed werk. (2 Tim. 3 vers 17).
(Wordt vervolgd).
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 19 augustus 1927
De Waarheidsvriend | 4 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 19 augustus 1927
De Waarheidsvriend | 4 Pagina's