De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

GEESTELIJK OPBOUW

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

GEESTELIJK OPBOUW

8 minuten leestijd

De pluriformiteit der Kerk. (5)
In ons Vaderland heeft de Heere méér dan ergens elders van Zijn Waarheid ons bekend gemaakt en in de heerlijkheid van Zijn Woord ingeleid, door de lieflijke werking Zijns Geestes. Hier is het kerkelijk leven tot ongekenden bloei gekomen, en dan niet de Luthersche, maar met name de Gereformeerde Kerk, welke de Heere op 't nauwst wilde verbinden met onze volkshistorie. Niet ook de Wederdoopers, maar de Calvinisten kregen hier vasten voet, wat een stempel zette op alles.
Maar — de dwalingen, de secten, de scheuringem zijn niet uitgebleven en ook helaas! niet het verval der Kerk.
Hoe dat laatste ook al mee gekomen is?

De Heere had de Gereformeerde Kerk op 't nauwst saamgesnoerd met onze natie en onze volkshistorie, zoodat we ook wel spreken, niet alleen van de aloude Geref. Kerk hier te lande, maar ook van de Geref. Kerk als de Vaderlandsche Kerk.
Maar — als men kunstmatig het volk wil brengen binnen de muren van de Geref. Kerk, meer lettend op natuurlijke dan op geestelijke dingen en geheel vergeet, dat het verbond Gods heilig gehouden moet worden en de tucht der Kerk over leer en leven moet gaan bij hare leden, — dan wordt dit kunstmatig, ongeestelijk handelen voor de Kerk tot een ramp en het volk gewent aan huichelarij en onwaarachtigheid, waarbij de belooning voor vele families was een of andere betrekking of eenig maatschappelijk voordeel.
Dat heeft de Kerk in verval gebracht.
En de dagen van de Revolutie vonden onze aloude, Vaderlandsche Gereformeerde Kerk verzwakt en voor een groot deel geesteloos gemaakt, waarbij het oud-liberalisme gemakkelijk in 't begin van de 19de eeuw (in 1816) de Geref. Kerk onder haar macht kon brengen en haar kon inkerkeren in een Synodale Organisatie, welke een staatscreatuur is en geheel in strijd met het wezen der Kerk en daardoor de Kerk tot groote schade, ja, tot een vloek geworden!
Dan komt ook het onverstandig, dwaas menschelijk pogen weer voor den dag, om wat gescheiden ligt in gescheiden geloof en gescheiden kerkgemeenschap (Lutherschen, Doopsgezinden, Remonstranten enz. kunstmatig met sterken arm tot één te vergaderen en de Ned. Hervormde of Gereformeerde Kerk om te zetten in een Algemeen Protestantsche Kerk, met een algemeen protestantsch geloof, waarbij voor ieder plaats was. (Geloof boven geloofsverdeeldheid).
Gelukkig is het ten slotte niet zoover gekomen, maar indien het Koning Willem I en zijn raadslieden vrij gestaan had, zou het zeker tot zoo'n Algemeen Protestantsch Kerkgenootschap zijn gekomen en de ramp zou nog grooter geweest zijn voor Kerk en Volk dan nu 't geval is geweest.
Intusschen zijn er nu in ons Vaderland — om daarbij te blijven — onderscheidene schakeeringen van Christus' Kerk.
We hebben de Ned. Hervormde of Gereformeerde Kerk. De Waalsche Gemeente, die, wat de organisatie betreft bij de Ned. Hervormde Kerk behooren. De Evangelisch Luthersche Kerk. De Hersteld Ev. Luthersche Kerk. De Doopsgezinde Broederschap. De Remonstrantsche Broederschap. De Geref. Kerken. De Chr. Gereformeerde Keirk. De Geref. Gemeenten. De Bond van Vrije Evangelische gemeenten. De Apostolische gemeenten. De Hersteld Apostolisclhe Zendingsgemeente. De Unie van Baptisten. De Darbisten. De Adventisten enz. enz. Waarbij we ook hebben te noemen de Roomsche Kerk en de Oud-Roomsche Kerk der Jansenisten.
Voor het grootste gedeelte is het Rome gelukt de Kerk in haar éénheid te bewaren, die eenheid dan zoekend in den paus, in de priesterschap, in de liturgie, met uitschakeling van het Vrij onderzoek van Gods Woord. Maar ook zóó zelfs, waar de eenheid bij Rome in de Kerk, in den clerus, in de vormen gezocht wordt, is de eenheid toch ook niet gaaf, maar gebroken.
De Protestantsche Kerken hebben de éénheid niet kunnen bewaren, omdat ze de éénheid zoeken in het geloof, in de waarheid naar Gods Woord en de leden der Kerken daarin juist verschillen. En waar verschillen liggen ten opzichte van de geloofswaarheden, ten opzichte van de Sacramenten, ten opzichte van kerkelijke organisatie en tucht wordt het samenwonen altijd weer moeilijk en gaat men ten slotte uit elkaar, liever dan op onwaarachtige wijze een éénheid te handhaven, welke er niet is.
Zoo zijn de Lutherschen en de Calvinisten uit elkcaar gegaan of niet bij elkaar gekomen. Bij de Lutherschen heeft men zich gesplitst. Onder de Calvinisten zijn weer de Doopsgezinden en de Remonstranten een eigen weg gegaan, omdat men dogmatisch en ethisch, leerstellig en wat het leven betreft, verschilde; ook de verhouding van Staat en Kerk, van het natuurlijk en het geestelijk leven geheel verschillend aanvoelend. De Walen, de Engelschen, de Duitschers hebben zich gegroepeerd naar eigen taal, ook weer een verschillend kerkelijk leven aan den dag leggend. De Apostolischen hebben een andere opvatting van het ambt en houden vast aan de apostelen; de Danbisten willen geen ambt en vormen een kring van geloovigen, als broeders en zusters samenkomend rondom de Schrift vergaderend.
Dan hebben we de scheur in de Ned. Herv. (Geref.) Kerk bij de Afscheiding in 1834 en bij de Doleantie in 1886 verkregen, omdat men geknoeid heeft in de Ned. Herv. (Geref.) Kerk met de belijdenis, met het Woord, met de Kerkorde, met de Sacramenten enz. Door de Vereeniging van de Afgescheidenen en Doleerenden heeft men de formatie van de Chr. Gereformeerden gekregen, die met de samensmelting van 1893 niet konden meegaan, meest om dogmatische en ook om kerkrechtelijke oorzaken. Zooals men nu weer gekregen heeft de Geref. Kerken in hersteld Kerkverband (groep dr. Geelkerken en ds. van den Brink), om oorzake van dogmatische en kerkrechtelijke beslissingen van de Synode der Geref. Kerken van Assen. Hoe hebben wij nu te staan tegenover die verdeeldheid en die scheuringen?
Wij als Hervormden zullen moeten beginnen met de belijdenis, dat, om oorzake dat onze aloude Geref. Kerk schrikkelijk is afgedwaald van haar eigen belijdenis en geweigerd heeft sinds lang tot haar belijdenis en tot de rechte wijze van kerkelijk samenleven terug te keeren, in beginsel de oorzake van Afscheiding en Doleantie zelf gegeven heeft. Zooals in de 17de eeuw de Geref. Kerk door haar kloek belijden en door haar vasthouden aan de Gereformeerde wijze van kerkelijk samenleven, door de drijfkracht van het Woord en van den Geest, zelve gewerkt (heeft, dat die principieel met haar verschilden van haar weggingen, omdat ze niet van haar waren (de Remonstranten), zoo moeten we nu erkennen, dat de Geref. Kerk van de 19de eeuw door haar slappe en laffe houding ten opzichte van Schrift en Belijdenis, ten opzichte van geloof en leven, oorzake heeft gegeven van verzet en protest bij degenen die Schrift en belijdenis liefhebben. En door een samenloop van allerlei dingen, waarbij onder vele Hervormden de liefde tot Gods Woord en de liefde tot de Geref. waarheid waarlijk de drijfkracht niet was, is ten slotte eerst in 1834 en later in 1886 een scheur getrokken tusschen de aloude Hervormde of Geref. Kerk, die slap was in leer en leven, en vele belijders van de Geref. waarheid.
Wij, die gebleven zijn, erkennen dankbaar, dat de Heere onze Hervormde of Gereformeerde Kerk nog niet verlaten heeft en dat de waarheid Gods ons nog overig gebleven is, veelszins heerlijker dan in Ro­me's Kerk in Luthers dagen 't geval was — daarom zijn we niet heengegaan gelijk anderen, gevoelende, dat de zonde van onze Vaderen en van ons in deze het heengaan verbieden, om ons nu te roepen tot veel gebeds en tot veel arbeids, opdat de Kerk der Vaderen mee door hunne kinderen weer er toe gebracht mag worden om toch weder te keeren tot den Heere. Maar tegelijk moeten we eerlijk erkennen, zij 't met schaamte, dat de Hervormde Kerk zelve toch oorzaak heeft gegeven, dat Afscheiding en Doleantie aan de orde kwamen en konden plaats hebben, waarbij een niet gering deel van ons Gereformeerde volk van de Ned. Herv. (Geref.) Kerk is losgemaakt en veelszins nu tegenover die Kerk staat.
Die scheur zit vast aan het al of niet handhaven der belijdenis door de Kerk. En in beginsel zullen we moeten zeggen, dat, wanneer de Herv. Kerk tot hare belijdenis en tot de Gereformeerde wijze van kerkelijk samenleven terugkeert, die scheur in beginsel ook kan en zal worden weggenomen, terwijl aan den anderen kant moet worden uitgesproken, dat de scheur hoe langer hoe grooter zal worden, indien de Hervormde Kerk tenslotte weigert zich in gehoorzaamheid aan Gods Woord in haar belijdenis en kerkelijk samenleven te binden.
Of dan in beginsel Lutherschen, Doopsgezinden, Darbisten en Gereformeerden onderling niet één moeten zijn en ook één Kerk moeten vormen in dezen lande? Wie één zijn in geloof en één in belijdenis, wie op hetzelfde standpunt staan ten opzichte van de bediening des Woords en der Sacramenten en ook één zijn in wijze van kerkregeering en kerkelijk samenleven rondom de ambten, met oefening van de christelijke tucht — die hooren bij elkaar en moeten elkaar zoeken en moeten samenwonen in één huis tot eere Gods, tot eigen zaligheid en tot zegen voor land en volk. Maar na al hetgeen we nu gezegd hebben voelt men nu wel, dat het juist daarin nu zit, dat men verschillend — pluriform of veelvormig — de waarheden des geloofs en de stukken van het kerkelijk leven, wat betreft sacramenten, ambten, enz., aanvoelt en één zijnde in geloof, één Heere erkennend en rondom één Woord zich scharend, gansch verschillend — pluriform — georiënteerd is en indien het niet „als van zelf" naar elkaar toegroeit, zullen allerlei kunstmiddelen niet baten, wel schaden.
(Slot volgt).

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 30 december 1927

De Waarheidsvriend | 4 Pagina's

GEESTELIJK OPBOUW

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 30 december 1927

De Waarheidsvriend | 4 Pagina's