De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

FEUILLETON

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

FEUILLETON

5 minuten leestijd

Kleine Luijden
SCHETSEN UIT HET FRIESCHE DORPSLEVEN
12)
Vader was anders óók maar een gewoon werkman, die een groot gezin had te verzorgen. Maar hij was tevreden, en daarom gelukkig. Hé ja, wat hadden zij het thuis altijd gezellig. Vooral 's avonds, als zij uit haren dienst zoo graag even kwam overwippen. Vader in den ouden leunstoel, met trijp bekleed, op een boelgoed voor enkele stuivers gekocht; moeder dito, bezig met breien of naaien; de jongsten aan het lezen, teekenen of knutselen, alles opgevroolijkt met een kopje thee.
Zoo was het bij haar nooit. Omdat de een hier heen vloog en de andere daar, en men eigenlijk nooit rustig bij elkaar was. Hier ging elk zijn eigen gang. D'r was geen band.
't Voornaamste ontbrak in haar huis: de eenheid in het geloof en daardoor ook de eenheid in de liefde. Zooals ds. Randwijk eens op huisbezoek gezegd heeft. Een beste man die het met haar en haar huis goed voor had. Maar Symen wilde niets van hem weten. Omdat volgens zijn zeggen alle dominees een bederf voor de maatschappij zijn en de ware ontwikkeling tegen houden. Behalve degenen natuurlijk onder hen, die socialisten zijn.
Symen zei ook altijd, dat de heele boel eerst onderstboven moest, voor er betere toestanden in de wereld konden komen, en dat de kerk niet anders deed dan houden en keeren om alles te laten zoo het was. Maar dan zouden de arbeiders ten eeuwigen dage slaven blijven en dat wilde Symen niet. Zij zat er maar mee. Precies zooals de straatjongens zongen:
Japie is getrouwd,
Hij zit in de misère.
Zij was ook getrouwd en kon niet weer terug. Bovendien, wat had zij dan? Dan werd zij misschien ook een zwerveling als die onverwachte logé van bakker Deelstra.
Heden menschen, wat vatte de vrouw vuur, toen zij maar even iets van haar zeggen ging. Zou zij ook eens familie van haar zijn? Je kon niet weten. Een nicht of zoo iets. Waarom anders dadelijk zoo kort aangebonden, toen zij even vroeg naar dit en dat? Zij moest vandaag toch iets te vertellen hebben als zij bij de klanten kwam. Dat verwachtten de menschen en ook, dat het iets heel bizonders was. En dat scheelde haar vandaag vast een stuiver of wat in de verdiensten. Zij had dat wel eens meer, wanneer er zich iets buitengewoons voordeed. Gewoonlijk zei men dan hier en daar: „kom maar even in, Syke, 't is bij de deur zoo koud, en je zult zeker wel trek aan een warm bakje hebben".
Dan kon het gebeuren dat zij den trommel met speculaas openen moest of boven de gewone leverantie ook nog een Deventerkoek of zoo iets verkocht en hoe meer zij vertelde, hoe meer de menschen haar begunstigden.
Maar wat wist zij nu feitelijk van dit avontuurlijk geval bij den bakker? Nu ja, dat het mensch nog jong was, en een kind had, en de man er niet bij was, en dat men nog geen woorden van haar gehad heeft en dat vrouw Deelstra in onverklaarbare redenen het zoo met die vrouw op heeft en met haar ompakt alsof het familie was. Dat kon zij zeggen, en dan moest elk maar weten, wat hij daarvan maken wilde.
Zoo pruttelende en overleggende is Syke dien morgen bij de klanten gekomen.
„Volluk!" „Wie is daar?" ,,De bollekorf".
„O, kom maar even verder; 't is zoo winderig en de koffie is bruin".
„Daar heb je het al" — denkt Syke — „dat is 't begin vandaag, en zoo zal het wel goed komen".
En 't kwam goed. Want iederen keer gingen de gesprekken over hetzelfde onderwerp. Tenslotte was er een heel verhaal in elkaar gezet dat ongetwijfeld waar moest zijn, waarbij zelfs op zeer verdachte wijze de naam van vrouw Deelstra genoemd werd, en hoe meer Syke vertelde, hoe meer zij verkocht. Voor haar part mocht er elke week zoo'n vervalletje komen. Waar zoo'n schooister al niet goed voor wezen kon!

't Getal was niet eens zoo groot van degenen, die voor hare mededeelingen geen oor hadden of er anders over dachten. Op „Olga-State" had vrouw Rijpkema, die toevallig zelf bij de deur kwam, haar gevraagd of zij wel zoo zeker was van hetgeen zij vertelde. Als de bakkerin zélf nog niets geen bizonders wist van dat vreemde bezoek, hoe wist Syke dat dan wel? Vrouw Rijpkema en vrouw Deelstra waren beiden afkomstig uit dezelfde gemeente ergens op de hooge klei. Zij hadden samen op de schoolbanken gezeten en kenden elkanders familie van haver tot gort. Dat deze vreemdelinge tot hare weldoenster in familiebetrekking bestaan zou, was in elk geval al niet waar, want dat kon niet. Syke mocht wel oppassen wat zij zeggen ging. 't Was heel gemakkelijk iemand een kroon op het hoofd te zetten, *) maar die er weer afnemen, ging moeilijk. O, 't gevaar was voor haar zoo groot, om meer te zeggen dan zij kon waar maken. Daarom paste haar de bede zoo: „Zet Heer een wacht voor mijne lippen, behoed de deuren van mijn mond".
Toen de wind uit dien hoek begon te waaien, ging Syke aanstonds over stag. 't Was zooals de vrouw zei. Oppassen was de boodschap, want de tegenwoordige wereld was zoo boos. Maar och, hoe ging het, vooral wanneer men, gelijk zij, veel onder de menschen moest verkeeren. Uit zichzelf was zij er zoo bang voor over een ander te spreken! Daar was het eind van weg!
(Wordt vervolgd).


*) Bedoeld wordt: iemands naam te bekladden.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 11 mei 1928

De Waarheidsvriend | 4 Pagina's

FEUILLETON

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 11 mei 1928

De Waarheidsvriend | 4 Pagina's