De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

FEUILLETON

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

FEUILLETON

Kleine Luijden SCHETSEN UIT HET FRIESCHE DORPSLEVEN

5 minuten leestijd

Kleine Luijden SCHETSEN UIT HET FRIESCHE DORPSLEVEN
27)
Hoe verlangden zij allen als om strijd naar het oogeniblik dat de bel het sein gaf tot stopzetting, en men naar buiten kon gaan. Hoe was hier de arbeid voor verreweg de meesten aan alle afwisseling gespeend, doch juist daardoor verlammend voor lichaam en ziel!
Met ontzetting zag hij hier, hoe de stof het leven beheerschte. Lage loonen, lange werkdagen, een ongezonde atmosfeer menigmaal, en daarbij een samenbrenging van allerlei goed en kwaad, maar waarvan het laatste de overhand had en dat zich openbaarde in de grootste lichtzinnigheid of in spotternij met alles wat heilig was. Hoevele jonge menschenlevens gingen hier niet voor altijd ten gronde!
Hier bevond hij zich midden in de worsteling tusschen het grootkapitaal en het arme proletariaat, dat anders niet had dan zijn lichaamskracht. Hier ging het om de koude, nuchtere broodvraag die alles beheerschte, waarbij elk zichzelf het naaste was en alleen gewerkt werd omdat 't niet anders kon!
En aan den anderen kant, hier zag hij ook, hoe groote woekerwinsten en hooge dividenden het kapitaal ging opstapelen om als een vreeselijke macht het leven te beheerschen en de zielen te kluisteren aan de stof. Hier was een sociale worsteling, die talloos vele levens reeds verwoest had en waarin even zoovele anderen dreigden onder te gaan.
Wat stond de kerk daar machteloos tegenover! Wat stond hij zélf daar machteloos tegenover!
Met de beste bedoelingen was hij hier gekomen, het hoofd vol kennis, geput uit de beste bronnen der grootste economen, het hart vol idealen, omdat het warm klopte van liefde tot den Heer en tot de menschen, maar wat werd hij geweldig ontnuchterd! Door de rijken, die den weg naar de sociëteit beter konden vinden dan naar de kerk; door het volk, dat slechts vroeg om brood en spelen.
„Of men dan nooit meer naar de kerk ging?" — had hij meermalen op huisbezoek gevraagd, doch niet zelden brak er dan een storm van verwenschingen los. Tegen alles en allen, die met den godsdienst in betrekking stonden. Niet het minst tegen de predikanten, die de geheime politieagenten in burger, de beschermers der brandkasten van de kapitalisten en de vijanden van het proletariaat werden genoemd.
„Of hij misschien ook gehuurd was om het volk met een wissel op de eeuwigheid af te schepen, teneinde de menigte zoo zoet te houden?"
Men wilde nu, in den tijd, genieten, evengoed als de rijken, die reden en rosten, die aten en dronken, die partijen gaven en in het buitenland hun geld stuk sloegen, waarvoor hunne ondergeschikten het gansche jaar krom lagen!
Wat er later kwam, was van later zorg. Nu was het de tijd van werken, maar dan ook van verdienen, en óók van genieten, — van wat later kwam had niemand, ook de knapste dominé niet, eenig weet!
In den beginne had ds. Randwijk meermalen paf gestaan, als niet enkel de mannen, maar ook niet minder de vrouwen zóó tegen hem uitvoeren. Soms zocht hij door een bijbeltekst aan te toonen dat het levensgeluk toch niet gelegen is in vergankelijk goed, doch slechts weinigen die hier oor voor hadden. De meesten waagden het er op aan den voederbak dezer wereld een goede plaats te krijgen, in afwachting van hetgeen hiernamaals komen zou. De arbeid en de strijd om het bestaan had bij de menigte alle hooge aspiraties gedood. Er was geen vraag meer naar geestelijk goed en geestelijke waarden, — daarom liep men de kerkdeuren voorbij.
Dit heeft ds. Randwijk menige nachtrust gekost. Zonder ook maar iets van zijn geloof of zijn belijdenis aan kant te doen, heeft hij gevoeld dat er voor het volk velerlei oorzaak was om geen vrede te hebben met de bestaande maatschappelijke verhoudingen. Van nabij zag hij de ellende in de huizen en op de vlieringkamertjes, waar de harde strijd van het leven moest worden uitgevochten te midden van menigvuldig leed. O zeker, het kon vaak wel anders en veel beter. Er waren huisvrouwen, die hoegenaamd geen acht op haar huishouding gaven en er blijkbaar niet van wisten haar huis tot een gezellig „tehuis" te maken, maar hoe zouden zij het ook geleerd hebben, waar zij reeds als kind de fabriek binnen gingen. En daar waren mannen, die dronken. Die veel van hun verdiende geld offerden aan Bacchus, en ds. Randwijk als geheelonthouder kwam daar het eerst op als hij met hen sprak, maar was de verleiding hiertoe niet groot in zulk een omgeving, onder zulk een levenslast?
Neen, men kerkte niet meer, doch waren er ook niet, die met den besten wil van de wereld niet zouden kunnen gaan, naar het bedehuis, omdat het hun aan de noodige kleeding of schoeisel ontbrak? Wat zouden vele, trouwe kerkgangers zeggen, als die menschen uit de achterbuurten eens kwamen en plaats gingen nemen in de kerkbanken naast de welgestelde burgers?
Toch hadden de zielen dezer menschen voor God dezelfde waarde als die van de anderen. Doch de vraag was: „hoe deze menschen te bereiken?"
Die vraag heeft ds. Randwijk gepijnigd, dag en nacht. Toen hij er voor 't eerst mee in de kerkeraadsvergadering kwam, waren er, die hem vreemd aankeken. Wat of dominé bedoelde? 't Was immers altijd zoo geweest en zou ook wel zoo blijven. Dominé wou toch zeker geen nieuwigheden beginnen? D'r was op kerkelijk gebied ook verdeeldheid genoeg en arbeid te over, zoodat men er niet iets vreemds bij behoefde te halen, 's Zondags werden de kerkdeuren opengezet voor elk. Wie wilde, mocht binnenkomen en wie niet wilde — nu, daar was toch niets aan te doen. Men kon de menschen niet dwingen. De godsdienst vooral moest vrij blijven.
(Wordt vervolgd).

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 31 augustus 1928

De Waarheidsvriend | 4 Pagina's

FEUILLETON

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 31 augustus 1928

De Waarheidsvriend | 4 Pagina's