De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

FEUILLETON

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

FEUILLETON

5 minuten leestijd

Kleine Luijden
SCHETSEN UIT HET FRIESCHE DORPSLEVEN
door IDSARDI.
33
Sander behoort niet tot de familie van Hinke Kaart en consorten, die op allerlei geheimzinnige wijze de verborgen oorzaken van menigerlei kwalen weten te vinden of raadselachtige gebeurtenissen weten te verklaren, of het toekomstig lot hunner cliënten zeggen te kunnen ontsluieren.
Daar ligt nu eenmaal in het menschenhart een begeerte naar het onbekende, het geheimzinnige, het toekomstige vooral, omdat God in dat hart „de eeuw" heeft gelegd
't Is hetzelfde wat Paulus opmerkte, toen hij de straten van Athene doorwandelde, en daar het altaar vond van den „onbekenden God!" En wat den menschen aldaar drong om altijd weer iets nieuws te hooren of te zeggen. Het komt ook, omdat de dingen van beneden niet in staat zijn het menschenhart bevrediging te schenken. Daarom is er een zoeken en tasten naar wat niet bezeten of geweten wordt, om daardoor te komen tot bevrediging van dien onbeschrijflijken nood en dat onvervulde ledig, daar binnen. Bij al de volken, onder alle hemelstreken, in alle tijden, ook onder alle rangen en standen. Het is de vraag naar het „vanwaar" en „waarom" en „waartoe" en „waarheen" Bij de heidenen, en onder de Joden, en in de Christenlanden. En het gaf macht en geld en aanzien aan waarzeggers en toovenaars en guichelaars, en aan allen die voorgaven meer te weten dan langs natuurlijken weg verkregen kan worden. En de tooveres van Endor is niet de eenige geweest die bij nacht en ontijd hoog publiek ontving, teneinde voor grof geld van haar te weten te komen wat de toekomst verborgen houdt. Zoowel in de groote steden onder de aanzienlijken, als ten plattenlande onder de eenvoudigen, worden zij er gevonden, die zeggen „iets groots" te zijn, of iets meer te weten dan aan anderen werd geopenbaard.
Maar tot dit gilde behoort Sander niet. Integendeel: Sander is vroom. Niet in naam, maar in waarheid. Niet met het woord alleen, maar met de daad vooral. Sander vreest God. Sander heeft een bizonderen eerbied voor het heilige. Hij vertoeft veel in de gemeenschap met den Heilige, — daarom is de weerglans van het heiligdom des Heeren op zijn gelaat zichtbaar en daarom vooral noemt de menigte hem „de Profeet".
Dat is ook de voornaamste reden, waarom de tegenstanders hem niet aandurven. Men mag eens smalend over hem spreken; men mag achter zijn rug nog trachten iets kwaads van hem te zeggen, zooals kleine zielen dat gewoonlijk doen, maar niet één, die ook maar iets in woord of wandel op hem weet aan te merken. Het is zelfs wel gebeurd, dat menschen die van God of Zijn gebod niets weten willen, het voor Sander opnamen en zeiden: „je moet van den Profeet afblijven".
Geen wonder, dat hij als koopman goede zaken deed. De stoffen, die hij verkoopt, zijn van goede kwaliteit; zijn ellemaat is eerder te groot dan te klein, en de prijzen zijn overeenkomstig de waar, die hij levert. Ook in de oorlogsjaren is Sander geen „O.W.-er" geweest. De voorraad goederen, welken hij had, werd door hem tegen dezelfde prijzen verkocht als vóór den oorlog, en toen daarna alles reusachtig in waarde omhoog liep, kon men bij hem altijd nog goedkooper dan elders terecht, omdat hij slechts een matige winst berekende. Niettemin zit Sander er volgens het algemeen oordeel warmpjes in. Het huis dat hij bewoont met den omliggenden grond is zijn eigendom. Dan verhuurt hij, midden in het dorp, nog een paar panden, en dan zegt men dat hij ook nog aardig wat geldswaardige papieren heeft.
Wat echter ook van hem gezegd mag worden, heel Zorgvliet weet óók, dat hij geen gierigaard is, en zijn geld, net zoo min als zijn geestelijke gaven, niet weg legt om er geen nut mee te doen, maar dat hij tracht om daardoor tevens ten zegen te zijn. Sander heeft de kunst van het geven geleerd. En, Sander heeft ervaren dat men juist gevende, rijk wordt. Precies het omgekeerde van wat de meeste menschen meenen, die zeggen: „hebben is hebben, en krijgen is de kunst". Sander zegt, dat hij heeft gekregen óm te geven, en dat er geen hooger dividend verkregen wordt dan in de naamlooze vennootschap der kinderen Gods met zijn bizondere voorschriften en regelen, die recht contrarie met die der gewone maatschappijen zijn of hoe die kapitaalkrachtige combinaties van deze wereld dan ook genoemd mogen worden. Omdat de Heere God, Wiens het goud en het zilver en het vee op duizend bergen is, Zijne bezittingen in leenbruik geeft aan allen, die Hij waardig keurt deze te ontvangen, maar dan met het doel om er Hem mee te dienen. Zoodat dus de inkomsten niet alleen, maar ook de uitgaven de controle van den hemel moeten kunnen doorstaan. Daarom is hij er zoo bij als er iets te verdienen valt, maar daarom is hij zoo mild, als er iets van hem gevraagd wordt. Heel anders dan velen, die nog oneindig meer bezitten dan Sander, maar altijd uitrekenen met hoe weinig zij kunnen volstaan als hun een gave gevraagd wordt.
Daar kan bakker Deelstra in zijn kwaliteit als diaken van getuigen. Meermalen is het voorgekomen dat Sander hem in stilte iets toe stopte om daarmede goed te doen: Deelstra wist wel, waar het noodig was. Op den Zondag, volgende op zijn verjaardag, was er grif een extra gift in het kerkezakje. Als het dankdag voor den oogst was, tegen welken datum Sander altijd zoo veel mogelijk zijn balans opmaakte om te weten hoe zijn zaken ongeveer stonden, miste het nooit, of er was een buitengewone bijdrage ontvangen voor het een of ander liefdadig doel. Als de Zendingsagent zijn jaarlijksch bezoek aan Zorgvliet bracht kwam hij nooit met ledige handen van „de Viersprong", maar nog minder met een ledige beurs.
(Wordt vervolgd).

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 2 november 1928

De Waarheidsvriend | 4 Pagina's

FEUILLETON

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 2 november 1928

De Waarheidsvriend | 4 Pagina's