De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

FEUILLETON

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

FEUILLETON

5 minuten leestijd

Kleine Luijden
SCHETSEN UIT HET FRIESCHE DORPSLEVEN door IDSARDI
47)
Dan was het maar 't beste, dat het tusschen hen beiden aan kant raakte en hij een ander zag te krijgen, want dan pasten zij elkaar toch niet meer. 't Leek er haar zoo weinig naar als om te gaan vliegen, dat zij dien kant met hem op wilde. In de week was het werken van heb ik jou daar, want al was zij eenig kind, zij werd niet ontzien, en een meid hield men er niet op na, maar nu 's Zondags óók nog aan den band, neen hoor, dat was niks voor haar. Zij mocht graag eens uit kijken, als hier of daar een lolletje was, graag meê doen ook, maar van zelf, als hij plan had om vroom te worden, dan zou dat niet kunnen. Dan mocht zij hier niet heen, en daar niet aan meê doen. Zij waren nu nog vrij van elkaar; elk kon zijns weegs gaan, en hoe gauwer dit dan gebeurde hoe beter.
Zoo heeft Griet in één adem door gesproken. Jasper heeft het later zelf verteld, en ook hoe die woorden als steenen op zijn hart vielen, waardoor 't hem nog moeilijker werd. Hij wist heel goed wat te moeten doen, doch kon zich tevens haar afkeer van de kerk wel voorstellen, omdat hij tot hiertoe eveneens zoo gedacht had. Zij moest niet meenen, dat hij niets om haar gaf, maar hij kon op 't oogenblik niet anders doen dan hij deed. Zij wist toch ook wel, dat hij veel van haar hield, en hoe zwaar het hem vallen zou als hun wegen uiteen moesten gaan. Of zij niet wat geduld met hem wilde hebben, 't Ging misschien zóó wel weer over. Zij moest hem maar goed opvroolijken. Hij had ook niets liever dan dat de verstandhouding tusschen hen bleef gelijk die altijd geweest was.
Maar Griet heeft gezegd, dat dit alles goed en wel was, wanneer hij haar beloofde niet naar de kerk te gaan. Zij wou door de andere jongelui d'r niet op worden aangezien, dat zij een vrijer had, die fijn was. Zijn eigen familie zou er zeker ook niet erg mee ingenomen zijn. In elk geval, zij paste er voor, en hield niet van zoo 'n kwezelarij.
't Was een zware strijd voor hem geweest. Hij begreep heel goed, dat het hier om groote dingen ging, al kon hij dat zoo niet zeggen. Aan den eenen kant stond zij en de geheele familie en al zijn kennissen; aan de andere zijde hoorde hij de stem van zijn verontrust geweten. Het einde werd, dat hij koos voor Griet. Hij beloofde haar alles wat zij vroeg, waarop de verhouding tusschen hen weer geleek op voorheen.
Vroolijk is hij dien nacht huiswaarts gekeerd, en vroolijk ging hij den volgenden morgen weer uit tot den arbeid. Moeder juichte. Omdat zij begreep, dat Griet het gewonnen had. Nu zou hij zulke muizenesten wel voorgoed uit zijn hoofd zetten. Verbeeld je, haar zoon onder de fijnen, en dat waar hare familie van weerszijden altijd tot de vrijzinnigen had behoord, 't Zou een blaam zijn op het heele geslacht! Maar 't kwam weer bij Jasper, dat onrustige, dat angstige gevoel en die zelfbeschuldiging daar binnen. Telkens weer meende hij dat woord te zien: ,,God laat niet met zich spotten!" Of het oordeel te hooren aankondigen, gelijk dominé daar Zondagmorgen van gesproken had. Immers, hij was een goddelooze, want hij was zonder God, evenals zijn vader en moeder en broers en Griet, en nog zooveel anderen. Hij kon ze zoo maar opnoemen, die, evenals hij, zich nooit om deze dingen bekommer­den, maar zij wisten het niet, wat dit inhield. Hij wist het wel, want hij wist dat God niet met zich spotten liet, en waar moest het met hem heen, als hij zóó eens stierf. Des nachts ontnam deze gedachte hem de rust en des daags den noodigen arbeidslust.
Toen heeft hij tot een ander middel de toevlucht genomen. Hij is naar „De Groene Weide" gegaan, heeft daar eerst een paar partijen gebiljart — immers een onschuldig spel! — en heeft zich toen bedronken als nooit. Toen het sluitingsuur was aangebroken, heeft de herbergier hem met moeite thuis gekregen en bij de deur afgeleverd, blij dat hij d'r af was. Gelukkig maar, dat niet velen hem gezien hadden. De veldwachter, die de rondte deed en hem aankomen zag, draaide vooraf een steeg in; alleen Berthus van den smid, die gewoonlijk laat op pad was, had zich achter een boom verscholen en vandaar dit nachtelijk avontuur in oogenschouw genomen.
Maar den volgenden morgen is deze weer kwansuis naar Griet gegaan, om na een aanloopje te vragen of zij het al gehoord had. Aanstonds begreep zij, dat deze vraag weer verband hield met Jasper, waarom zij, zonder van haar werk op te zien, hem te kennen gaf dat zij van zijn nieuwtjes niets hebben moest. Maar zoó liet Berthus zich niet afschepen. Hij had eenmaal het land aan haar, omdat zij hem eens een blauwtje had laten loopen.
„Ik kan 't mij begrijpen; zulke dingen zijn ook niet aangenaam te hooren" — heeft hij gezegd.
„Welke dingen" — heeft zij gevraagd, zonder er erg in te hebben dat 't hem juist hierom te doen was, terwijl een hooge blos haar kleurde.
„Wel, dat je vrijer bij donker door den herbergier moet worden thuisgebracht, omdat hij zoo stomdronken is dat hij niet meer loopen kan".
Zie zoo, nu wist zij het. Maar dat was voor haar te kras geweest. „Je zult 't hebben waar te maken, mispunt, en anders ben ik geen Griet meer" — klonk haar verontwaardigd wederwoord.
Daarop heeft hij fijntjes gelachen en gezegd dat hij haar wraak zou afwachten, maar dat zij niet beter kon doen dan even in „De Groene Weide" te informeeren.
(wordt vervolgd).

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 15 maart 1929

De Waarheidsvriend | 4 Pagina's

FEUILLETON

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 15 maart 1929

De Waarheidsvriend | 4 Pagina's