MEDITATIE
En roep mij aan in den dag der benauwdheid; Ik zal er u uithelpen en gij zult mij eeren. Psalm 50 vers 15.
De Heere roept in Zijn Woord 't uit dat in alle benauwdheid de toevlucht tot Hem moet genomen worden. Wanneer ge toch in nood u bevindt, roept ge om hulp. Doordat het verstand verduisterd is, komt de mensch er toe om hulp en bescherming bij de afgoden en bij de menschen te zoeken. De mensch zoekt het van nature nooit bij den waren God.
Zoo de Heere echter den zondaar ontdekt, zijn verstand verlicht, dan bemerkt hij dat hulp en uitkomst alleen maar te zoeken en te vinden is bij den Heere. Het rechte aanroepen is een zaak des geloofs en wordt den zondaar door den Heere geleerd. De Heere brengt in de benauwdheid en leert dan den mensch in geest en in waarheid tot Hem roepen om uitkomst.
Het rechte aanroepen wordt door den H. Geest geleerd. De Heere zegt tot den zondaar: roep mij aan in den dag der benauwdheid. De dag der benauwdheid breekt dan voor den zondaar aan, wanneer hij zich van alle zijden door gevaren omringd ziet. De dag der benauwdheid is die tijd, waarop het voor u aan alle zijden donker wordt De dag der benauwdheid breekt voor den zondaar aan, wanneer hij ontdekt wordt aan zijn Godsgemis, en de wet, de duivel en 't geweten hem aanklagen. In den dag der benauwdheid ziet hij den dood voor oogen. En de benauwdheid kan alleen door den Heere worden weggenomen.
De Heere zegt: roep mij aan, want Ik ben een toevlucht, een vrijstad, een hoog vertrek, een sterke rots en tegenweer. Voor de ontdekte ziel wordt de Heere van de grootste beteekenis. Hij wordt de eenige toevlucht en uitkomst. Zelfs wanneer alle hoop is afgesneden, gij vluchten wilt en nergens kunt heengaan, is daar in den Heere nog uitkomst. Al wat u ontbreekt en waardoor gij dus benauwd zijt, is te vinden in het Volzalige Wezen. Hij toch is de Vader, die ingewanden der ontferming heeft. Hij is de Heere Jezus, die in alle uwe benauwdheden benauwd is geweest en die dus de oorzaak van uw benauwdheid kan wegnemen. Hij is de Heilige Geest en Hij troost het hart dat schreiend tot Hem vlucht. Het Drieëenige Wezen is vol van licht, redding en troost voor den benauwden zondaar. Wie bij dat zalige Wezen aanklopt, wordt niet afgewezen. Milde handen, vriendelijke oogen, zijn bij Hem van eeuwigheid. En zoo er onder onze lezers zijn, welke bevindelijk de benauwdheid kennen, laten ze dan eens lezen wat de psalmdichter zegt: Ik werd benauwd van alle zijden, En riep den Heer' ootmoedig aan. De Heer' verhoorde mij in 't lijden, En deed mij in de ruimte gaan.
De Heere, welke op het noodgeschrei der kinderen Israels zulke groote wonderen deed, spreekt naar waarheid, wanneer Hij uitroept: roep mij aan in den dag der benauwdheid. Hij toch onderwijst u, dat uw aanroepen niet tevergeefs zal zijn. De Heere geeft dus aan den benauwde van hart in onzen tekst een kostelijk bevel.
De bevelende God is ook de belovende God. Hij zegt: Ik zal er u uithelpen. Daar is geene benauwdheid, waaruit de Heere niet kan en wil helpen. Hij redt keer op keer. Hij helpt u af van het zware pak der zonde en der schuld. Hij zal u helpen door de woestijn dezes levens. Ik zal zijn die Ik zijn zal: Ik ben de wonderdoende God. De belofte Gods is vaster dan het gansche heelal, ja steviger dan de fundamenten des hemels. Deze belofte is zoo vast en zoo zeker als God Zelf. Wanneer toch de Heere eenmaal Zijne belofte gegeven heeft, dan kan Hij deze niet weder terugnemen.
Ik zal er u uithelpen. In de benauwdheid, ontstaan door de aanklacht der Wet de beschuldiging van het geweten en de aantijging van Satan, zal Ik u ruimte geven. Ik toch zal zeggen: Wie zal beschuldiging inbrengen tegen de uitverkorenen Gods? Ik zal zeggen: de Heere schelde u, ja de Heere schelde u, die Jeruzalem nog verkiest. Ik zal alles uit den Christus nemen wat gij noodig hebt om uitgeholpen te worden in uwe benauwdheid. Zoo spreekt het Goddelijk Wezen, Wiens Woord is ja en amen. Ik zal er u uithelpen. Ik geef in tijd van dorst water en in tijd van honger brood. In de benauwdheid wordt gij uitgeholpen met het lichaam en bloed van den Heere Jezus. Ik help uit banden van den dood en uit de angsten der hel.
De belovende God is ook de vervullende God. Hij maakt Zijn volk zeer gewillig ten dage Zijner heirkracht. Hij maakt dat Zijn volk Hem zal eeren. Het eeren Gods is groote dingen van den Heere te verkondigen. Het eeren Gods is steeds te vragen: Heere, wat wilt Gij, dat ik doen zal?
Nu is de Heere een jaloersch God. Hij wil niet, dat iemand of iets boven Hem gesteld worde. En daarom maakt de Heere, dat de tent der vromen weerklinkt van hulp en heil, hun aangebracht. En nu maakt de Heere, dat de nieuwe mensch overwint. Gij zult geene andere goden voor Mijn aangezicht hebben. Hiermee wordt veroordeeld alle mogelijke afgoderij, waarbij 't schepsel boven God geëerd wordt De Heere maakt dat gij Hem eert in Zijne personen, namen en eigenschappen, dat gij Hem eert in Christus Jezus, en door Hem brengt een offerande des lofs, dat is de vrucht der lippen, die Zijnen Naam belijden. Herdenk, gedenk, bedenk den grooten Naam des Heeren. Denk u in de wonderen van Zijnen grooten Naam. En wil nooit verdenken Hem, die doet gelijk Hij gesproken heeft
De Heere make, dat dit woord in u vervuld worde, en dat deze tekst u zij een psalm in den nacht en een gezang op de vreemdelingsreize.
Hebt gij kennis aan den bevelenden, belovenden en vervullenden God? Kent gij het aanroepen Gods, door den Heere u geleerd? Velen kennen Gods Naam alleen als vloekwoord. Zij lachen, dartelen en dansen den ernst des levens weg. Eenmaal zal de benauwdheid u bereiken, in den dag der dagen, wanneer gij zult uitroepen: Bergen valt op ons, en heuvelen bedekt ons. Dan is 't echter voor eeuwig te laat.
Onze tekst is tot grooten troost voor teedere gewetens, die nog niet welverzekerd zijn in het geloof. Bekommerde ziel, in uwe benauwdheid wordt u de Heere Jezus als uw broeder geboren. Op uw noodgeschrei zal de Heere groote wonderen doen. Dat is Hij aan zichzelf verplicht. Uw aanroepen wordt bestreden door den duivel, die zegt: het is het rechte aanroepen niet. En ook binnen in u woelen en gisten daar de stemmen, die zeggen: het is tevergeefs.
Vergeet niet dat een rechte zaak altijd bestreden wordt De Heere zal u uithelpen op Zijn tijd en dat zal zijn ongedacht onverwacht verrassend.
Gij, o volk van God, die klaagt dat u het getuigenis van Gods liefde voor u ontnomen is, en die nu twijfelt, roep aan den Naam des Heeren. In uwe benauwdheid is de Heere de eenigste toevlucht. De Heere benauwt u, opdat Hij u leere te bidden. De Heere geve u, dat gij weder bevindelijk moogt spreken van den belovenden en vervullenden God in Christus, door den Heiligen Geest.
A.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 14 juni 1929
De Waarheidsvriend | 4 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 14 juni 1929
De Waarheidsvriend | 4 Pagina's