De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

FEUILLETON

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

FEUILLETON

Kleine Luijden

5 minuten leestijd

Kleine Luijden
SCHETSEN UIT HET FRIESCHE DORPSLEVEN
— DOOR IDSARDI —

68) Maar de nacht bracht niet de verkwikking, die zij zoo vurig begeerde. Zij moest al maar denken aan hetgeen Symen gezegd had en in dien brief van Jacobus te lezen stond. Neen, daar was zij nog niet zoo bij bepaald geworden. Daar werd niet veel goeds van de rijken gezegd, maar nog minder van hun bezit. De rijkdom verrot, de kleederen van de motten gegeten; het zilver en goud verroest, — zou 't zoo wezen? 't Was zoo oppervlakkig niet te zien. Bij Rijpkema niet en bij dien rijken Burenga niet, en bij geen één van al die boeren, waar zij vandaag nog geweest was. Daar was heel veel, dat ook haar wel eens door het hoofd liep, als zij zoo alleen op den weg was, blij, wanneer hier of daar weer een paar centen verdiend werden, maar dan daartegenover de weelde zag, die haar vaak voorbij ging of tegen kwam, waarbij de guldens en rijksdaalders werden weggeworpen. Och neen, last had zij daar bepaald niet van gehad, 't Was altijd zoo geweest. Zij had het nooit anders gekend. Toen zij nog diende, ging het ook betrekkelijk voor een klein bedrag, waartegenover dan de rijkdom en invloed van de vrouw stond, die hier meesteres was, en doen kon wat zij begeerde. Natuurlijk, omdat zij geld had en boerin was, en omdat Syke maar de arme dochter van den armen Willem de Graaf was, die na den dood van haren vader ook nog wel eens één of ander aan hare hulpbehoevende moeder kwijt worden kon.
Maar nu Symen telkens op een heel andere wijze over die dingen sprak en vanavond den Bijbel er bij aangehaald had, werden ook onwillekeurig hare gedachten anders geleid. Was het waar, wat zij bij Jacobus gelezen had, dat 't loon der werklieden verkort werd, en dat het geschrei van degenen die den oogst telken jare inhaalden, opklom in de ooren van den Heere Zebaoth! Gold dat woord ook nu nog en voor Zorgvliet?
Neen, daar preekte dominé nooit over. Zou het soms wezen, zooals Symen zei, om­dat hij niet durfde? Omdat hij het onrecht wilde helpen bestendigen? Omdat hij ook een huurling was, die het kapitalisme diende? Maar dat gelooft zij niet. Allerminst van een man, als dominé Randwijk, die zoo nauwgezet is in alles; die de zonde bij den naam durft te noemen; die altijd voor ieder even vriendelijk is; die vooral een warm hart toont te hebben voor al wat nooddruftig is. En dan — zijn er onder de rijken óók geen vrome menschen? Die tevens milddadig zijn? Heeft de familie Rijpkema bijv. haar niet altijd op allerlei wijze hartelijke toegenegenheid betoond? Zelfs dezen middag nog, toen zij daar zoo nat aankwam, maar aanstonds binnen geroepen werd om zich te warmen en een boterham met een lekker kopje thee te gebruiken. En toen daarop de dochter in het voorhuis den afdruk van haar voetstap gezien had, omdat de klompen zoo lek waren, — heeft men haar toen niet een extra-gift gegeven om een paar nieuwe te koopen? Hebben deze menschen ook tante Sien niet geheel op de kluiten geholpen, zoodat deze reeds een aardig huishoudinkje krijgt, waar bij de hare niet in de schaduw kan staan? En dan die Burenga's. Heel andere menschen als op „Olga-State", die nooit, of ten minste zeer zelden, naar de kerk gaan, maar hoe goed toch voor hun personeel! Hoe lang heeft Trien daar al niet als meid gediend en is er als kind tehuis. En de knechten ook, — zij roemen altijd over den boer. Zoo zou zij wel kunnen dóórgaan. Vanzelf, daar zijn ook wel anderen, maar zijn de armen dan altijd even best? Mankeert er vaak ook niet heel wat aan de arbeiders of de meiden? Is Symen bijv. wel altijd op zijn plaats? 't Is haar eigen man, maar zou hij niet meer kunnen verdienen, wanneer hij in zijn werk wat flinker was? Wanneer hij zoo goed van aanpakken wist als van praten? 't Was heel gemakkelijk het kwaad in een ander op te merken en zichzélf daarbij over het hoofd te zien, maar waren niet allen zondige menschen, met tal van gebreken? En nu die sprekerij in de herberg, nog wel over een Bijbeltekst! Uit haar Bijbel, heeft Symen gezegd. Maar dat nooit. Dat Boek, waaraan zoovele dierbare herinneringen verbonden zijn, zal niet in een kroeg door onheilige handen voor dit doel geschonden worden. Wat zou haar vader daarvan zeggen? Die beste, vrome vader! Die haar altijd zoo gewaarschuwd en vermaand heeft, en naar wiens raad door haar zoo slecht is geluisterd! Anders was zij niet in deze omstandigheden gekomen, en was nooit met Symen getrouwd.
Maar zij wist het veel beter! Beter dan vader en dan die ouderling, en dan Sander, die haar altijd ten beste geraden had. Moeder óók, maar die was te zacht. Voor deze had zij in het geheel geen ontzag. Dat alles was nu voorbij. Zij moest nu voort op den weg, maar wat zou het einde zijn?
Wat zou het dorp er van zeggen, als bekend werd wat Symen van plan was te doen? Natuurlijk werd het mee op haar verhaald. Als zij overmorgen bij de klanten kwam, was het 't eerste dat haar voor de voeten geworpen werd, en wat moest zij dan zeggen? Want ook zij verwachtte geen heil in dezen weg, omdat zij wel voelde dat het zóó verkeerd ging. Haar man was nog nooit goed voor zijn huis geweest, en nu zou hij de maatschappij helpen? Van den wal in de sloot, — zoo kwam het.
(Wordt vervolgd).

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 23 augustus 1929

De Waarheidsvriend | 4 Pagina's

FEUILLETON

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 23 augustus 1929

De Waarheidsvriend | 4 Pagina's