De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

STAAT EN MAATSCHAPPIJ

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

STAAT EN MAATSCHAPPIJ

5 minuten leestijd

De verhouding niet gewijzigd.

De lezers van ons blad zullen zich herinneren, dat wij in de maand September bij de bespreking van de Troonrede, de opmerking maakten, dat in dit staatsstuk met geen woord werd gerept over den koers, welken 't extra-parlémentaire Kabinet voor zijn politiek beleid! zou volgen.

De algemeene klacht, welke bij die gelegenheid vernomen werd, was deze, dat de Troonrede over het karakter van het Kabinet ten eenenmale zweeg.

Intusschen heeft de regeering zich thans in de Memorie van Antwoord op het Verslag der Tweede Kamer ter zake van het optreden van het Kabinet gehaast, om duidelijk aan te geven, op welke politieke basis het Ministerie staat.

Het Kabinet zegt : dat het op elk terrein van wetgeving zal uitgaan van zijn beginselen, welke overeenkomen met de beginselen, levende in de groepen der rechterzijde.

Duidelijk blijkf hier dus, eerstens dat de beginselen van het Kabinet geen andere zijn dan die, welke de fracties der rechterzijde zijn toegedaan, te weten de beginselen, die rekening houden met de Christelijke levens-en wereldbeschouwing, en verder dat de maatregelen, welke het Kabinet zal nemen of zal voorstaan, overeenkomstig deze beginselen zullen worden getroffen. '^, ': , ^W-

Het extra-parlemehtalre Kabinet-Ruys wil alzoo een Christelijk Kabinet zijn en als zoodanig zijn politiek beleid voeren. Dat deze verzekering, door de regeering gedaan, tot dankbaarheid stemt, zal wel geen nader betoog behoeven.

In algemeenen zin kan dus de nadere verklaring van het Kabinet ten aanzien van zijn karakter bevredigend worden genoemd.

Echter zal veel |fhangen van den inhoud der maatregelen en voorstellen, welke het Kabinet in deze jplementaire periode bij de Staten-Generaat zal indienen.

Wat de maatregelen en voorstellen zelve betreft, heeft het Kabinet reeds een tipje van den sluier, welke zijne plannen en voornemens verborgen houdt, opgelicht.

Zoo zal met betrekking tot de vraagstukken van religieusen en zedelijken aard de Zondagsrust worden bevorderd en zullen vermaken, die de Christelijke volkszeden ondermijnen, worden bestreden.

Voorts zal de houding, welke de Regeering zal aannemen tegenover goedkoope pleiziertreinen op Zondag en ten aanzien van de sluiting van verschillende hulppostkantoren op dien dag, door het beginsel, dat het Kabinet belijdt, worden beheerscht.

Verder hoopt het Kabinet de herziening van de Zondagswet, van de Begrafeniswet (in verband met de lijkverbranding) en van de Drankwet tot stand te brengen.

En eindelijk verklaart het Kabinet onomwonden, dat het zal waken tegen ondermijning van de christelijke grondslagen van het volksleven.

Zal nu van ; deze mededeelingen van de regeering, door allen, die de politiek voorstaan, die beheerscht wordt door de begin­ selen, welke leven in de rechterzijde, mei instemming zijn kennis genomen, niet weinig teleurstellend daarentegen is, wat het Kabinet zegt over een aantal onderwerpen, die de bijzondere belangstelling hebben van het Gereformeerde deel van ons volk.

Zoo deelt de Memorie van Antwoofd mede :

, , 't Ontwerp tot afschaffing van de Staatsloterij behoort niet tot die, welke voor behandeling in aanmerking zullen komen".

„Wederinvoering van de doodstraf, opheffing van den stemplicht voor vrouwen, staan niet op het program van het Kabinet, evenmin als afschaffing van den vaccineplicht".

Wij betreuren de houding, welke het Kabinet tegenover de genoemde onderwerpen, die van principieele beteekenis zijn, inneemt. En niet voor het minst spijt ons de toon, waarop het zich van de bedoelde vraagstukken afmaakt.

Hier is geen motiveering, maar brute afv> /ijzing.

Gaan wij dus niet in alle opzichten accoord met het werkprogramma, dat het Kabinet zich heeft voorgenomen om in de loopende 4-jarige periode ten uitvoer te brengen, wij willen er toch nogmaals onze voldoening over uitspreken dat het Ministerie zich tot taak heeft gesteld om over de geestelijke goederen van ons volk te waken en zich voorneemt om de vragen van religieusen en zedelijken aard vanuit christelijk standpunt te bezien.

De slotsom, waartoe wij in dit verband komen, is, dat ons volk met welwillendheid de actie van het Kabinet zal tegemoet zien.

Het Kabinet laat op de klacht, dat het ontbreken van een kloeke beginselverklaring in de Troonrede had teleurgesteld, het fiere woord hooren, dat het zulk een veiklaring liefst geven zal door zijn daden.

Die daden wachten wij thans met belangstelling aL

Reeds wordt hier en daar in de pers de meening uitgesproken, dat na de verschijning van de Memorie van Antwoord, waarin de iRegeering haar nadere beginselverklaring gaf, het Kabinet een parlementair karakter zou hebben gekregen. Van dit gevoelen zijn wij niet. Ook de Regeering staat niet op dit standpunt, waar zij in de Memorie van Antwoord vasthoudt aan 't feit, dat de band tusschen Kabinet en rechtsche partijen verbroken is.

partijen verbroken is. Had deze band wél bestaan, dan zou het regeeringsprogram, althans voor wat het meldt over de houding van het Kabinet ten opzichte van de religieuse en zedelijke vragen, er wel ietwat anders hebben uitgezien.

Wij voor ons blijven dus van meening, dat, ook na de verklaring van het Kabinet, dat 't op de basis staat van de beginselen, levende in de groepen der rechterzijde, in de verhouding tusschen Kabinet en rechterzijde niets is veranderd.

Het karakter van het Kabinet-Ruys blijft extra parlementair, omdat het buiten eenig verband met de partijen optrad en de afzonderlijke ministers op eigen gelegenheid hebben gehandeld.

In den meest volstrekten zin wijzen de Antirevolutionairen daarom alle verantwoor delijkheid voor het optreden en het beleid van het Kabinet af, als zijnde extra-parlementair en geheel buiten haar medewerking tot stand gekomen. De beide geestverwante ministers zitten in het Kabinet in geen enkel opzicht als hare vertegenwoordigers. Zij zijn lid van het Kabinet geheel voor eigen risico.

Dat het Kabinet voor zijn wetgeving rekening zal houden met de christelijke levens-en wereldbeschouwing, brengt daarin geen verandering.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 8 november 1929

De Waarheidsvriend | 4 Pagina's

STAAT EN MAATSCHAPPIJ

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 8 november 1929

De Waarheidsvriend | 4 Pagina's