De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Brief aan de Romeinen.

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Brief aan de Romeinen.

8 minuten leestijd

Romeinen 5 vers 1—5. ,,Wij dan gerechtvaardigd zijnde uit het geloof, hebben vrede bij God door onzen Heere Jezus Christus door welken wij ook de toeleiding hebben door het geloof tot deze genade, in welke wij staan en roemen in de hope der heerlijkheid Gods. En niet alleenlijk dit, maar wij roemen ook in de verdrukkingen, wetende, dat de verdrukking lijdzaamheid werkt en de lijdzaamheid bevinding en de bevinding hoop en de hoop beschaamt niet, omdat de liefde Gods in onze harten uitgestort is door den Heiligen Geest, die ons gegeven is.

Wat een schoon begin van dit hoofdstuk! In dien eersten regel: Wij dan gerechtvaardigd zijnde uit het geloof hebben vrede bij God door onzen Heere Jezus Christus, ontsluit de apostel al den rijkdom van het heerlijk evangelie. De weg der rechtvaardiging uit het geloof bleek de eenige weg ten hemel te wezen. Een zondaar, die bij het ontdekkend genadelicht zich als een vloekwaardig schepsel leert kennen, wordt door den Heere vrijgesproken en weer rechtvaardig verklaard door de zoen- en kruisverdienste van den Heere Jezus Christus.
De vruchten van deze rechtvaardigmaking zijn overheerlijk. Allereerst noemt Paulus den vrede bij God. Een vrede, die alle verstand te boven gaat! Een vrede, dien de wereld niet kent! De goddeloozen hebben geenen vrede, zegt God door den mond van Jesaja.
Neen in de wereld niets anders dan onvrede. Haat en nijd en twistgierigheid. En toch hebben de engelen gezongen van den vrede op de aarde in den heerlijken Kerstnacht. Toen zongen ze van dien zelfden vrede, waarvan ook hier Paulus getuigt. 
Toen God de Heere hem aan zijne verlorenheid ontdekte, kwam er een verschrikkelijke onvrede in zijn hart. Hij leerde zich kennen, als een, die een vijand is van den Heere. Zijn consciëntie begon tegen hem te getuigen. De gedachten aan de bedreven zonden, begonnen tegen hem te spreken. Uit het graf der vergetelheid, waar nooit geen gedenken meer uit zou opkomen, doemden de bedreven zonden weer op voor zijn geestesoog. Het werd benauwend. Het getuigde alles tegen hem. Zelfs de satan trok tegen hem op, om evenals bij Jozua te wijzen op zijne vuile zielekleederen. 't Werd hem benauwd van alle zijden. Hij kon niet eten noch drinken. Onvrede verteerde zijn ziel. Maar ziet, toen hij den Heere Jezus leerde kennen als zijn Borg en Middelaar, die ook voor hem betalen wilde bij den Vader en al zijn schuld wilde verzoenen, kwam er rust en vrede in zijne ziel. Die benauwende zonden had immers de Heere in een oceaan der vergetelheid geworpen. De Heere ziet immers geen zonde in Jacob en geene overtreding in Israël.
Nu werd de consciëntie gestild door het borgtochtelijk lijden van Gods dierbaren Zoon.
O, zalige toestand, het te mogen weten door het geloof, dat men met God verzoend is en nu vrede bij God mag smaken. En de toeleiding, d.w.z. de toegang tot deze groote genade om dien vrede bij God te bezitten, was alleen de Heere Jezus Christus. De apostel wijst ons telkens weer op Hem. Dat deden trouwens al de apostelen. Telkens lezen we in het boek van de Handelingen der Apostelen: En zij predikten hun Jezus Christus en dien gekruisigd. Als ge de zoen- en kruisverdienste er uit neemt, komt alles weer op losse schroeven. Kernachtig is het woord eens door den Heiland zelf gesproken: Niemand komt tot den Vader dan door Mij. Al onze bevindingen met den Vader zonder Christus zijn inderdaad met wat gradueel verschil niets anders dan moderne bespiegelingen.
Het is dan ook een droeve prediking, al mag die nog zoo gereformeerd schijnen, als enkel over den Vader en Zijn recht, maar niet over den Zoon en de verlossing en den Geest en de heiligmaking wordt gepredikt.
„En roemen in de hoop der heerlijkheid Gods". Dit is een voortzetting van vers 1. Men vertaalt dan ook wel eens met andere handschriften „en laat ons roemen in de hoop der heerlijkheid Gods", gelijk men vs. 1 wel eens vertaalt: Laat ons vrede bij God hebben, d.w.z. laat ons dien vrede genieten.
Gezien de handschriften, zou deze vertaling zelfs beter zijn dan de vertaling van de Statenvertalers. Het is ook mogelijk, dat de Statenvertaling gelijk heeft, ondanks de handschriften. De verschillen in vertaling van deze plaats hangen slechts af of er in het oorspronkelijke woord, hetwelk door „hebben" vertaald is, een groote of een kleine letter „o" voorkwam. Ook de afschrijvers kunnen de fout veroorzaakt hebben.
Al zouden we echter op wetenschappelijke gronden aan de vertaling: Laat ons roemen enz., de voorkeur geven, doet dit echter niets af aan de zekerheid des geloofs, waardoor Paulus zich gerechtvaardigd weet. Het is dan veeleer een opwekking om die heerlijk zekere vruchten van de rechtvaardigmaking te mogen genieten.
Wie gerechtvaardigd is uit het geloof door Jezus Christus, kan gerust de toekomst tegemoet gaan. Aan eigen kant is alles afgesneden en is ook alle roem uitgesloten. Ziende op de schatten van het genadeverbond, heeft hij echter groote stof om te roemen. Aan het eind van de reis wacht de heerlijkheid Gods. Reeds aan deze zijde des grafs blijft er een rust over voor het volk van God. Doch de rust die hier mag worden gesmaakt is slechts een voorproef van de eeuwige hemelsche rust. De wereldling, die deze beide eerste verzen heeft gelezen, zegt misschien met 'n schamperen lach: Ziet ge wel, weer dat goedkoope middel om de menschen te bemoedigen door wissels te trekken op de eeuwigheid.
Maar neen, Paulus zal juist het tegenovergestelde laten zien: „En niet alleenlijk dit, maar wij roemen ook in de verdrukkingen, wetende dat de verdrukking lijdzaamheid werkt".
De ontwikkelde bijbellezer denkt bij het lezen van deze woorden onmiddellijk aan den brief van Jacobus. Het zijn wel geen letterlijke aanhalingen, maar er is toch te groote afhankelijkheid om slechts aan toeval te denken.
Zeker heeft Paulus den brief van Jacobus gekend. Wat bij Jacobus de verzoekingen zijn, zijn bij Paulus de verdrukkingen. Is dat niet groot, dat de door het geloof gerechtvaardigde zelfs in de verdrukkingen roemen kan? Maar voelt dan een Christen niet het diepe leed van den druk hier op aarde? Maakt het Christen-zijn dan eigenlijk koud en gevoelloos? Is hier ook eenige overeenkomst met het fatalisme van den Mohammedaan, die zich schikt onder het noodlot van Allah? Volstrekt niet!
Neen, die verdrukkingen en verzoekingen zijn geen oorzaak van blijdschap, maar veeleer van groote droefenis. Neen, op zichelf beschouwd kunnen de verdrukkingen geen oorzaak tot roemen geven. Maar we moeten inzien, dat het juist in den weg van druk is, waarin God dien heilsketen smeedt, waarvan lijdzaamheid, bevinding, en hope de kostelijke schalmen zijn. 
De vertaling „lijdzaamheid" drukt eigenijk niet genoegzaam uit wat er in den grondtekst staat. Er staat eigenlijk „standvastigheid". In Jac. 5 vers 11 staat hetzelfde woord, hetwelk ook in Rom. 5 vers voorkomt en daar werd het vertaald door verdraagzaamheid. Lees maar: Jac, 5 vers 11: „Gij hebt de verdraagzaamheid Jobs gehoord".
Welaan, laat ons dus vertalen door volharding of door standvastigheid. Als Gods kind onder al de tegenheden, die het te verduren heeft op deze wereld, nu maar mag ervaren, dat hij door Gods genade ook gesterkt wordt om staande te blijven, wordt dan de hoop niet gesterkt? Het kruis moge zwaar zijn, als God maar krachten geeft om het kruis te dragen! Dan wordt er verdraagzaamheid geboren. Men wordt volhardende. Men wordt eenswillens met den weg en mag bij tijden jubelen; Het is goed, dat Gij mij verdrukt hebt. Die volharding werkt ook beproefdheid. Het grondwoord, dat hier door „bevinding" vertaald is, beteekent eigenlijk ,,beproefdheid". Het is de toestand van een, die de beproevingen doorstaan heeft. Als het goud getoetst is, als het schuim er afgeschept is, dank zij de hitte des vuurs, heet men het: goud, beproefd komende uit het vuur.
Zoo komt ook Gods kind gelouterd en beproefd uit den smeltkroes. Die bevinding, of liever die beproefdheid, geeft nieuwe hope. Men lette er dus wel op, dat het woord bevinding hier niet wil zeggen: de innerlijke ervaring, wat men er anders steeds onder verstaat. Die in de verdrukking door Gods genade wordt gestaald, heft het oog naar omhoog. De helm der zaligheid wijst naar omhoog. Die God, die uit zes benauwdheden heeft uitgered, zal in de zevende niet achterblijven. Hij zal immers nooit laten varen het werk Zijner handen.
„Dan mag Paulus getuigen, dat de hoop niet beschaamt, omdat de liefde Gods in onze harten is uitgestort door den Heiligen Geest die ons gegeven is".
Neen, er is geen reden om te denken, dat de hoop beschaamd zal worden, omdat de liefde Gods in het hart is uitgestort door den Heiligen Geest. O, welk een heilgeheim, hetwelk God aan Zijne vrinden naar Zijn vreêverbond betoonen wil. Dit is schier onder geen woorden te brengen als God den armen zondaar door den Heiligen Geest verzekert van Zijne eeuwige liefde en trouw. De Heere spreekt: Bergen mogen wijken en heuvelen wankelen, maar mijn goedertierenheid zal van u niet wijken en het verbond mijns vredes zal niet wankelen. Zoo behaagt het God den Heere om in wegen van druk door de werking van Zijn Woord en Geest de hoop te verlevendigen op de eeuwige zaligheid. Zoo gaat het door de diepte naar de hoogte. En als de ziener van Patmos ze ziet binnengaan in de eeuwige heerlijkheid, klinkt het hem tegen: Deze zijn het, die uit de groote verdrukking komen en hunne kleederen hebben gewasschen in het bloed des Lams.
§§§

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 22 november 1929

De Waarheidsvriend | 4 Pagina's

Brief aan de Romeinen.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 22 november 1929

De Waarheidsvriend | 4 Pagina's