De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Geestelijke opbouw

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Geestelijke opbouw

Het Duizendjarig Rijk

5 minuten leestijd

Nergens wordt de gemeente van Christus opgewekt, om het duizendjarig vrederijk op aarde te verwachten. Van een tusschentijds genieten van duizendjarigen vrede is in de H. Schrift geen sprake. Wat voor de eeuwigheid is weggelegd, trekt men neer in den tijd, en wat voor den hemel is bewaard, wil men pasklaar maken voor de aarde. De uitzichten van Christus' bruidskerk zijn anders. Hunkerend heeft zij met heilig heimwee te verwachten Zijn wederkomst op de wolken, als rechter over levenden en dooden, over rechtvaardigen en onrechtvaardigen. Dan zal de groote volheid des tijds zijn en de deuren der eeuwigheid zullen zich wijd ontsluiten. Dan zal het werk Gods in al z'n heerlijkheid uitschitteren en het recht Gods zal triomfeeren ; en al Abrahams kinderen, die het geloof in Christus deelachtig zijn, het ware, geestelijke Israël uit alle volk en natie saamvergaderd, zullen als vrucht van Christus' arbeid zalig worden en een nieuwen hemel en een nieuwe aarde beerven; Dat is het werk, dat gelukkiglijk is voortgegaan, toen Jezus Christus, Abrahams grote Zoon, die tot een zegen van alle geslachten der aarde is gesteld, is geofferd op Golgotha en Zijn ziel heeft uitgestort in den dood. Hierbij is van voorrechten des vleesches voor Abrahams zaad, de Joden, geen sprake. Israël heeft den Christus voortgebracht. De zaligheid is uit Israël voortgekomen. Maar Israël heeft, als volk, den Christus verworpen. Diensvolgens heeft de Heere Zijn voetstappen gezet in het midden der heidenen om te bezoeken een land van stikdonkeren nacht in het licht, het groote licht, van de Zonne des Heils. En van alle volk en taal zijn gekomen, om te schuilen bij dien Verlosser en Heiland. Het mosterdzaad is geworden tot een boom, en de vogelen zijn van alle kanten gekomen om in de takken te nestelen. Ook Israël, Abrahams zaad, is daarbij een zegen bereid. God heeft Israël niet vergeten. Maar na en met de heidenen moeten ze leeren knielen als arme zondaren voor den Christus, Die gezegd heeft „vleesch en bloed zullen het Koninkrijk Gods niet beërven".
Het gaat om de ééne, heilige, algemeene Christelijke Kerk ; met één geloof, één hoop, één doop.
't Gaat niet om een Nederlandsche Kerk, ook niet om een Amerikaansche Kerk, maar ook niet om een Joodsche Kerk. Ook niet om een Christelijke Kerk, die Joodsch georiënteerd zal zijn, met een bizonder eereplaatsje voor zonen en dochteren Abrahams. Niets van dat alles ! Al de uitverkorenen, al de geroepenen, al de gerechtvaardigden en geheiligden van héél de wereld, van alle geslacht, van alle vleesch, zullen zalig worden, 't Is een wereldkerk. En God wil niet, dat er van één volk, van één land zullen worden uitgesloten. Hij wil, dat alle menschen zullen zalig worden. Wat geen algemeene verzoeningsleer is. Maar wat de prediking is van het zaligmakend werk des Heeren in Christus over heel de wereld. Overal heeft Christus, de Opperste Herder, Zijn schapen. Overal heeft God, de Vader der barmhartigheid. Zijn uitverkorenen. Ze waren des Vaders, maar ze zijn des Zoons geworden. En het is Zijn vreugd, om straks te mogen zeggen : „Vader, ze waren Uwe, Gij hebt ze Miji gegeven ; zie, daar zijn ze allen, er wordt er niet één gemist", in die Kerk zal de wereld behouden worden, zooals God in Christus d e wereld met Zichzelf heeft verzoend en het zall zijn als een nieuwe wereld, met een nieuwen hemel en een nieuwe aarde, vol van gerechtigheid en zaligheid.
Dat zal geopenbaard worden als Christus komt op de wolken. Dan zal gansch het werk Gods eere ontvangen tot in eeuwig­heid uit der menschen en uit der engelen mond !
En Jezus zal komen als een dief in den nacht.
Vele teekenen zullen aan Zijn komst voorafgaan. Veel strijds moet nog gestreden, veel leeds geleden, veel gebeds gebeden. En dan zal men telkens praten van Christus, die komt, maar Hij zal niet komen. Hij komt niet op 's menschen tijd, naar 's menschen berekening, op 's menschen commando. Gelooft hen niet, die dwaselijk daarvan spreken, vol eigenwijsheid en eigengerechtigheid. Christus komt op Gods tijd ; — en intusschen moet het Evangelie verkondigd worden aan alle schepselen, tot aan de uiterste einden der aarde. Intusschen moet er gewaakt, gebeden worden. Hij komt, Hij komt om d' aard te richten, de wereld in gerechtigheid.
Zalig het volk, dat Hem mag kennen, dienen en vreezen. Want ze zullen Hem allen zien, ook die Hem hebben doorstoken. En terwijl Hij de bokken zal zetten, aan Zijn linkerhand, zal Hij tot de Zijnen spreken : Komt in, gij gezegenden mijns Vaders, en beërft het Koninkrijk, dat voor u is weggelegd, van vóór de grondlegging der wereld.
Dan zullen ze ingaan, die komen uit de groote verdrukking. En ze zullen zingen : Niet ons, niet ons, o Heere ! Uwen Naam zij tot in eeuwigheid de eere.
Die ooren heeft om te hooren, hoore wat de Geest tot de gemeenten zegt !

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 21 maart 1930

De Waarheidsvriend | 4 Pagina's

Geestelijke opbouw

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 21 maart 1930

De Waarheidsvriend | 4 Pagina's