De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

INGEZONDEN

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

INGEZONDEN

6 minuten leestijd

OPBOUW ONZER HERVORMDE KERK.
Kerkeraden, Zondagsschoolbesturen, leiders van Zondagsscholen en belangstellenden !
Allerwegen, en vooral onder onze menschen, wordt veel gesproken-over het diepe verval en den mogelijken opbouw onzer Hervormde Kerk.
'k Vraag mij wel eens af : Is er wel een hartelijk leedwezen over den toestand en een biddend werken tot herstel van onze Kerk ? Als 't bij allen diepen ernst was, dan zou er meerdere vrucht gezien moeten worden. Zouden we tegenwoordig niet meer klagers dan bouwers, meer praters dan werkers hebben ? Dat is bedroevend. Bidt en werkt. Praten en doen. Het werk niet op enkele schouders laten rusten. Er is verscheidenheid van gaven, maar gezamenlijke arbeid verlicht en is productief. Er moet een hechte eenheid, een gemeenschappelijk streven, een werken van allen voor allen komen. Allen, die waarachtige liefde tot onze Hervormde Kerk bezitten, moeten dan ook het gemeenschappelijk doel levendig voor oogen houden. Daar worden zoovele personen en colleges in onze Kerk gevonden, die hun blik niet verder laten gaan dan hun woonplaats. Als het in de plaats der inwoning maar kerkelijk goed gaat, dan zijn ze tevreden. Hoewel een groot voorrecht voor het plaatselijk leven, moet men zijn blik toch over de geheele Kerk laten gaan. Men leeft niet voor zichzelf. Eendracht geeft kracht. Voora! ten opzichte van onze jeugd moet men elkander zoeken. Op het terrein der jeugd ligt nog zooveel braak. Wel hebben we onze jeugdbonden voor Jongelingen, Meisjes, Knapen en Zondagsscholen, maar de medewerking om de jeugd te behouden en ze overeenkomstig haar eischen te ontwikkelen en te vormen, wordt zoo weinig gevonden, en toch ligt in haar de toekomst verborgen.
Hoe beter het werk onder het opgroeiend geslacht verricht wordt, des te hoopvoller mag men de komende tijden tegemoet gaan. Onze roeping van Godswege is om voor het jongere geslacht te zorgen. Maar zoovelen blijven van verre staan en laten anderen het werk verrichten, zonder zelfs eenige offers te brengen.
'k Denk hierbij aan den pas opgerichten Ned. Hervormden Zondagsscholenbond op Gereformeerden grondslag. Welk een heerlijk arbeidsveld wordt hier aanschouwd. De jeugd in haar vroegste jaren. Moet men nu den onderbouw van geheel het kerkelijk leven het slechtst verzorgen ? Velen gevoelen wel iets voor den jongeling en de jongedochter, maar knaap en kind laat men onverzorgd aan hun lot over, en toch is een goede vorming van beide zoo broodnoodig. De Zondagsscholenbond tracht in den arbeid onder de kinderen van onze Kerk eenige lijn en richting te brengen. Is dat niet prijzenswaardig ? Moet niet bij de jeugd begonnen worden om ze in de voorzeide leer te onderwijzen ? Moet het zaad der Kerk niet opgevoed worden ? 'k Denk hierbij aan de wekelijksche vertellingen uit Gods Woord, aan de te leeren verzen, aan het uitdeelen van christelijke jeugdlectuur bij de Kerstfeestvieringen, aan het zingen van Christelijke liederen enz. enz.
Moet in deze zaken geen eenheid komen ? Moet ieder werken naar eigen inzichten ?
Neen. Een gemeenschappelijk doel vraagt gemeenschappelijken arbeid. Daarom moeten allen, dien het welzijn der jeugd ter harte gaat, zich vereenigen. Op iedere plaats bestaat over het algemeen een Zondagsschool, uitgaande van den Kerkeraad, Vereeniging, Zondagsschootbestuur of particuliere personen. Zij behooren elkander te zoeken in een nationale vereeniging teneinde gezamenlijk de belangen van het kind te bespreken.
Wordt daarom lid van den Zondagsscholenbond !
Aan het hoofd van sommige Zondagsscholen staat een Bestuur. Zulk een Bestuur moet in zijn geheel als lid tot dezen Bond toetreden. Waar de Zondagsschool van een of meer leiders uitgaat, moeten deze lid worden.
Ook de Kerkeraden hébben groot belang bij een gezonde en vertrouwde opleiding der jeugd. Al was het alleen maar om kerkelijk toezicht uit te oefenen. Om te zorgen, dat het beginsel op waardige wijze wordt toegepast.
Het Bestuur van genoemden Bond bestaat dan ook uit leden, die aangewezen worden door de Zondagsschoolbesturen of Zondagsschoolleiders, maar ook uit leden, uit Kerkeraden gekozen. Daarom moeten alle Zondagsschoolbesturen, Zondagsschoolleiders en Kerkeraden van onze richting zich als lid van den Hervormden Zondagsschoolbond opgeven.
't Is noodzakelijk in het belang van 't kind. Leiders betalen per jaar ƒ1.— contributie; Kerkeraden ƒ3.— en Zondagsschoolbesturen van Zondagsscholen tof 250 leerlingen ƒ3.—, en boven de 250 leerlingen ƒ5.—.
Verscheidene Zondagsscholen zijn reeds aangesloten. Indien niet in haar geheel, dan gaven de leiders zich persoonlijk op. Ook eenige Kerkeraden traden toe.
We mogen niet eerder rusten, alvorens alle Kerkeraden en Zondagsscholen van onze richting zijn aangesloten. Vandaar mijn verzoek : Wordt allen lid tot heil van het kind.

Brieven aan Gouderak.
M. NOTEBOOM.

DE ZUIDERZEE-COMMISSIE.
Hooggeachte Redacteur,

Uit het verslag zag ik, dat op de laatst gehouden Jaarvergadering van den Gereformeerden Bond, bij de rondvraag is ter sprake gekomen de houding, die de Gereformeerde groep in de Hervormde Kerk heeft aan te nemen ten opzichte van het werk van de Zuiderzee-Commissie. Ik had de vergadering reeds verlaten. Ware ik er geweest, wellicht zou 'k getracht hebben hierover iets te zeggen.
Beleefd verzoek ik u, alsnog, langs dezen weg mij in de gelegenheid te stellen.
Het Zuiderzee-fonds is een stichting, in het leven geroepen door de Vereeniging van Kerkvoogdijen. Het stelt zich ten doel, gelden bijeen te brengen, waarmede het straks leden der Hervormde Kerk, die het drooggelegde land zullen bewonen, kan helpen aan kerkgebouwen, scholen, enz. Op welke wijze het dit doen zal, is nog niet vastgelegd, aangezien dit veel van omstandigheden zal afhangen. Het beweegt zich enkel op stoffelijk terrein en mengt zich niet in den strijd der richtingen. Dit is uitdrukkelijk in den stichtingsbrief vastgelegd.
Nu vraag ik mij af: Welk bezwaar is er tegen dat ook menschen van Gereformeerde richting aan dit doel medewerken ?
Van Roomsche zijde is men reeds klaar. Van de zijde der Gereformeerde Kerken werkt men ook hard. Moet dan de Hervormde Kerk weer achter blijven ? Zeer zeker werkt ook hier weer de groote richtingsstrijd verlammend en werpt een schaduw op dit werk. Maar is niet alles, wat met ons kerkelijk leven verband houdt, hiermede „erfelijk belast" ? Zullen niet straks ook onze menschen, — vermoedelijk meestal jonge menschen — de hulp van deze stichting noodig hebben, en is het dan moreel geoorloofd steun te zoeken bij een instelling, die men links heeft laten liggen ?
Het lijkt mij toe, dat ook in Gereformeerde gemeenten dit werk kan worden gesteund en dat daarnaast de Bond (tot verbreiding en verdediging van de Waarheid) een taak kan vinden om straks jonge menschen van Gereformeerden huize aan te moedigen — indien mogelijk door financieelen steun — zich in die drooggelegde gebieden te vestigen.

Met vriendelijken dank voor de plaatsing.
Hoogachtend, Uw dw.,
JOH. WEENER,

Lid van het Dagelijksch Bestuur van het Zuiderzeefonds.
Utrecht.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 2 mei 1930

De Waarheidsvriend | 4 Pagina's

INGEZONDEN

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 2 mei 1930

De Waarheidsvriend | 4 Pagina's