FINANCIËN
„'t Was zeker weer niet veel de moeite", sprak iemand Vrijdag tot mij, toen hij in De Waarheidsvriend van de vorige week tevergeefs naar mijn verslag had gezocht. En ja, wat moest ik daarop zeggen ? Ik hield me natuurlijk tegenover hem een beetje groot, maar ik dacht bij me zelf : hij slaat den bal niet zoo heel ver mis. Eerlijk gezegd, veel had ik niet en veel heb ik nóg niet De vette letters kunnen den laatsten tijd wel in de kast blijven. Daar is ook nu weer geen sprake van dat we ze noodig hebben. Het zijn zoo echt de magere weken die we beleven. Gelukkig zijn er nu al vijf van de zeven om, en we willen maar hopen dat de twee laatste nog niet de allermagerste zullen zijn en dat, in ieder geval, als ze om zijn er weer betere tijden zullen aanlichten.
Toch waren mijn schrale ontvangsten niet de eenige, zelfs niet de hoofdreden, dat ik de vorige week niets te vertellen had. De hoofdoorzaak was dat ik den vorigen Dinsdag den heelen dag op sjouw ben geweest en dat ik dus werkelijk verhinderd was om mijn verslag saam te stellen. Of ik dan soms weer in Den Haag ben geweest ? Neen, hoor, zóóver heb ik het ditmaal niet gebracht, maar 'k ben er toch niet zoo heel ver vandaan gebleven. Gij moet n.l. weten, dat ik den heelen dag, van 's morgens vroeg tot 's avonds laat, in onze Prinsenstad, n.l. in Delft, ben geweest Ja, daar in Delft heb ik goede vrienden wonen, 't Is al jaar en dag geleden dat ik daar voor 't eerst kwam en er wijlen onzen vriend Fliehe ontmoette, 't Was in de dagen toen — neen, nog vóór dat wijlen mijn vriend Beekenkamp er als dominé stond. Sinds dien tijd zijn er haast geen jaren voorbij gegaan dat ik de oude Prinsenstad niet bezocht en zoo ben ik ook altijd zoo'n beetje met de Delftsche toestanden op de hoogte gebleven. Nu, dat ik nu erg jaloersch was op een heelen boel dingen die daar plaats hadden en dat ik ooit gedacht heb : 'k wou dat het hier in 't Veen ook maar zoo was, kan ik niet zeggen. Maar één ding was er waar ik altijd heel erg jaloersch op geweest ben. En dat was die mooie Oranje Nassau School, die in de Hugo de Grootstraat staat Als ik die op een goeien nacht eens heel stilletjes op rolletjes had kunnen zetten en het zou dan waar geweest zijn wat sommige menschen tegenwoordig zeggen, dat deugd en ondeugd stuivertje hebben gewisseld, dan waren ze in Delft vast al lang kwijt geweest en had ie met z'n heele hebben en houwen hier al lang in 't Veen gestaan. Jongen, jongen, wat een school is dat ! En niet alleen de school zelf, maar het onderwijs dat er gegeven wordt — en dat is immers het voornaamste — kan ook van alle kanten bekeken worden. Ik mag daar nu niet te veel van zeggen, ziet ge, omdat ja, omdat het Hoofd van die School, de heer Van Schuppen, een van m'n beste vrienden is, ik denk wel de allerbeste die ik in de Prinsenstad heb. En als je er dan te veel van zegt nu ja, ge weet ook wel wat er dan gezegd wordt Daarom wil ik alleen nog maar zeggen dat mijn bezoek aan Delft ditmaal gold het zilveren jubileum dat deze vriend van mij vieren mocht. Hij herdacht het feit, dat hij 25 jaar bij het onderwijs was. In Delft had men gemeend het tegendeel te moeten doen van dezen dag onopgemerkt te laten voorbijgaan. Men had aan alle kanten „de bloemetjes buiten gezet". En 't sprak "wel vanzelf dat wij heel graag blijde wilden zijn met de blijden en dat we dus vóór dag en dauw al waren opgetrokken om er tijdig getuigen van te kunnen zijn welk een breede plaats de heer en mevr, v. Schuppen in hun kring innemen. Wie iets kent van de nauwe relatie waarin wij reeds tal van jaren staan tot dit Schoolhoofd en zijn ons zoozeer bevriende familie, zal begrijpen dat wij mede genoten van de warme hulde hem op zoo ondubbelzinnige wijze en in zoo velerlei vorm gebracht En 't mooiste van dit feest was, gelijk ook een ander in onze kringen niet onbekend Schoolhoofd des avonds opmerkte, dat het geheel stond in 't teeken van het „Soli Deo Gloria". In dat teeken hopen we dan ook zoo van harte, dat onze vriend nog vele jaren voor zijn „Prinsenstad", waarover hij een niet onverdienstelijk werk h, eeft geschreven, tot rijken zegen zal mogen zijn.
Gij merkt dus wel, dat ik er dien dag tusschen uit ben geweest. Nu, dat gebeurt nog al eens een keer, nu hiervoor en dan weer daarvoor. Zoo denk ik dat ik de volgende week Woensdag ook wel weer niet thuis zal kunnen blijven. En ik vermoed zoo dat er onder mijn lezers velen zullen zijn, die zeggen : maar dan gaan wij ook, hoor ! Wel niet naar Delft maar naar Driebergen. Dan is het daar ook weer feest Neen, ik weet wel : wij noemen het eigenlijk zoo niet en er is ook wel reden voor dat wij niet spreken van Zendings feest maar van Zendings dag, maar we gaan toch ook niet voor ons verdriet Integendeel, in plaats van reden tot droefheid is het veeleer een reden tot blijdschap dat Gods gemeente haar roeping verstaat die zij ook op het terrein der Zending heeft te vervullen. En als we daar saam zijn in dien „tempel van ongekorven hout", dan wordt er toch ook niet zelden gezongen een loflied als dit :|„De volken zullen U belijden, O God, U loven al te zaam ; De landen zullen zich verblijden. En juichen over Uwen Naam". We hopen maar, dat de diepe en rijke beteekenis van dit loflied door alle bezoekers van onzen Zendingsdag recht verstaan zal worden en dat we dus in 't Rijsenburgsche bosch weer een goeden en rijk gezegenden dag hebben zullen. Natuurlijk is er collecte voor de Zending. Zorg dus maar, dat ge met een goed gevulde beurs van huis gaat en met een leege weer thuis komt Allemaal voor de Zending natuurlijk, maar ja als ge nu heelemaal niet laten kunt om als ge mij ziet ook eens heel even te denken aan de „magere jaren" die ik op 't oogenblik beleef, dan zal ik er u heelemaal niet boos om aankijken, hoor. Daar hoeft ge heel niet bang voor te zijn. Vragen mag ik natuurlijk niet doen en dat doe ik ook niet, maar ge moet maar denken dat het dan ook hier wel eens wezen kon : ongevraagd—ongeweigerd. Misschien dat er nog wel zijn die hun Paaschgave nog maar steeds niet kwijt zijn. Nu, als dat soms zoo is, dan hebben zij daar nu een prachtgelegenheid voor. In ieder geval hoop ik er ook te wezen en een voordeel, dat ik boven mijn voorganger heb, is dat ze mij allicht zien.
Maar kom, laten we nu eerst maar weer eens zien hoe „'t laatje" er uitziet. Nu, 't is weer magertjes hoor ! Maar als er geen vette letters zijn, dan ben ik des te dankbaarder voor de magere.
Rotterdam, van den heer J. Bot enkele nagekomen giften op de Paaschcollecte, samen een bedrag van ƒ 16.50, en van ds. Van Grieken van N.N. een gitt van ƒ 10.—.
Zegveld, van mijn vriend Bardelmeijer den Juni-inhoud van busje no. 20, een bedrag van ƒ2.60.
Zeist, van ds. Bartlema de volgende giften : van een catechisante ƒ 1.50 ; nog eens van een catechisante ƒ 1.50 ; van een beweldadigd echtpaar ƒ 1.—; nog eens van een beweldadigd echtpaar f 1.—, en deel van een gift van N.N., ƒ5.—, samen een bedrag van ƒ 10.—.
's-Gravenhage, van ds. Van Dorp van mej. N.N. voor het Studiefonds een gift van ƒ7.50.
Dordrecht, van den heer J. J. A. van Helden namens den Kerkeraad aldaar een bedrag van ƒ7.—.
Veenendaal, van een zuster der gemeente, op weg naar Gods huis, een gift van ƒ2.50.
En hiermee zou ik alweer aan 't eind van m'n Latijn zijn, wanneer het niet was dat ik ook de eerste contributies had binnengekregen, 'k Ontving n.l. uit
Schoonhoven, van den Penningmeester der afdeeling, A. van der Vlist, een contributiebedrag van ƒ21.—.
Alles saamgenomen kom ik tot een eindcijfer van ƒ 77.10.
Het blijft dus weer onder de streep, waar ik zoo graag boven wil zijn. Kom, wie heeft er nu eens een keer medelijden met me ? Neen, ik weet het wel, dat gaat mij in den regel niet erg af om het medelijden op te wekken, maar wie mijn gezicht eens kon zien, zou het nu toch heusch met me krijgen. Zie maar eens wat ge doen kunt om me weer wat vroolijker te stemmen. Intusschen mijn hartelijken dank aan allen die er voor zorgden dat ik het althans nog tot die twee zeventjes heb kunnen brengen.
De Penningmeester
Veenendaal.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 11 juli 1930
De Waarheidsvriend | 4 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 11 juli 1930
De Waarheidsvriend | 4 Pagina's