De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Staat en Maatschappij

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Staat en Maatschappij

4 minuten leestijd

Bij de afdeeling : „Kosten der Eerediensten" van de begrooting van Financiën zijn ook weer voor het Komende jaar rijkstractementen uitgetrokken ten behoeve van nieuwe predikantsplaatsen in de Ned. Hervormde Kerk.
Twee gemeenten zullen van dien maatregel profiteeren.
In de eerste plaats de gemeente Vlaardingen, die thans voor haar 4e predikantsplaats een rijksbijdrage zal ontvangen. Dat de regeering er toe over ging om Vlaardingen te helpen, geschiedt op grond van de omstandigheid, dat te Vlaardingen-Oost, tengevolge van het in gebruik nemen van de Vulkaanhaven, zich de behoefte aan Kerkstichting heeft doen gevoelen.
En in de tweede plaats de gemeente Emmer-Compascuum, waar in 1928 een uit plm. 1400 leden bestaande Ned. Hervormde gemeente werd gesticht.
Doch tegelijkertijd, dat de Protestanten hier met nieuwe predikantstractementen werden begiftigd, heeft ook Rome's Kerk zich bij den Minister van Financiën aangediend om voor een tweetal priesters, den pastoor te Boekelo en den pastoor te Groesbeek, een jaarwedde van het Rijk te mogen ontvangen.
Natuurlijk is ook dit verzoek ingewilligd, omdat het regel is, dat wanneer de Ned. Hervormde Kerk nieuwe rijksgelden ontvangt, Rome's Kerk gelijkelijk opdeelt.
Dat wij het bejammeren, dat jaarlijks van de zijde van Ned. Hervormde gemeenten, waarbij dan de Christelijk Historischen als spreekbuis bij de regeering fungeeren, om meerderen rijkssteun wordt gevraagd, terwijl die gemeenten er geheel van op de hoogte zijn dat ook Rome's Kerk daarvan profijt trekt, hebben wij bij meer dan ééne gelegenheid.onomwonden uitgesproken.
Voor een luttel bedrag van ƒ2500.— steunt men de actie van de Kerk; van Rome en dan zijn de menschen die dit doen, degenen, die dag aan dag waarschuwen tegen de macht, die Rome in onze dagen ontwikkelt.
Wij kunnen voor deze houding weinig bewondering koesteren, ook om deze reden niet, dat de zilveren koorde, die de Kerk aan de Rijksoverheid bindt, steeds vaster wordt aangesnoerd.
Het drijven van de Kerk op de geldelijke uitkeering, welke het Rijk doet, kan, wanneer de zilveren koorde op ruwe wijze wordt verbroken, de Kerk in groote moeilijkheden brengen.
Daarom begrijpen wij het niet, hoe er nog steeds bezwaren worden gemaakt tegen financiëele afrekening van de Kerk met de Rijksoverheid.
Een Kerk, die voor haar eigen geldmiddelen zorgt, kan hare krachten beter ontplooien dan een Kerk, die met het Rijk in financiëele relatie staat.
En doordat het dan afgeloopen zal zijn met Rome's Kerk jaarlijks meer gelden te laten putten uit, 's Rijks kas, zal een dergelijke houding ook meer dan tot op het oogenblik medewerken tot het ontplooien en vastmaken van het Protestantsch karakter van ons volksleven.

Ontstellende cijfers.
De jaarlijks verschijnende statistische gegevens over de verbruiksartikelen, in het bijzonder over de genotmiddelen, leveren somtijds een eigenaardig beeld van wat ons volk alzoo noodig heeft.
Zoo troffen ons dezer dagen de cijfers, die gepubliceerd werden over hetgeen de bevolking aan alcohol en tabak gebruikt.
Over 1928 werd gemiddeld per hoofd van de bevolking aan bier, wijn en gedistilleerd uitgegeven een bedrag van ƒ21.50, wat voor ons land met zijn ruim 7, 5 millioen inwoners een totaal van 167 millioen gulden maakte.
Zou men van de 7, 5 millioen inwoners de geheelonthouders, de afschaffers van sterken drank, en de kinderen aftrekken, dan zou een ontzettend hooger cijfer van het gebruik van sterken drank per inwoner worden verkregen.
Voor bier, wijn en gedistilleerd wordt dus in een jaar 167 millioen gulden uitgegeven.
Nog hooger komt het cijfer, dat door de rookers aan sigaren, cigaretten en tabak wordt besteed.
Stond 't totaal-cijfer voor 1925 reeds op ruim 138 millioen gulden aangeteekend, de statistiek geeft voor 1929 een bedrag aan van meer dan 173 millioen gulden met een gemiddelde per hoofd van de bevolking van ƒ 22.34 per jaar.
Bij elkander opgeteld, wordt dus in één jaar voor drinken en rooken uitgegeven een som van 340 millioen gulden.
Dit is ongetwijfeld een belangwekkend cijfer, waarmede de meeste menschen waarschijnlijk nog niet bekend waren.
„De Amsterdammer", wiens aandacht ook op dit cijfer gevallen was, voegt aan zijne opmerkingen toe :
Voor Kerk en Zending en Stichtingen van Barmhartigheid is er altijd te weinig.
Hoe staat het met een ieder persoonlijk ?
Hoe is de verhouding tusschen onze uitgaven van rooken en drinken en het geen we-afzonderen voor de zaak van Gods Koninkrijk ?
Ons dunkt, dat het Christelijk Volksblad deze vragen met recht mag stellen.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 10 oktober 1930

De Waarheidsvriend | 4 Pagina's

Staat en Maatschappij

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 10 oktober 1930

De Waarheidsvriend | 4 Pagina's