FINANCIEN
't Is de eerste keer in het nieuwe jaar, dat ik m'n verantwoording ga schrijven. Weer op een Maandagmorgen. Nu, omdat ik morgen twee begrafenissen achter elkaar te leiden heb. 'k Moet dus wat vooruit werken, terwijl de Veenendaalsche klok bezig is, vlak naast m'n studeerkamer, de dooden uit te luiden. Een eentonig geluid, maar toch veelzeggend. Niet meer is hij, niet meer is hij. Zoo gaat het tien, nu twintig minuten lang. Een oude gewoonte... dat uitluiden. Er zijn wel, die deze gewoonte willen afschaffen. Maar dat vind ik in de dorpen niet goed. Nu klinkt dit geluid over 't gansche dorp. De menschen vragen het elkander, zij vragen het nog den geheelen dag : Wie werd daar uitgeluid ? De naam wordt genoemd, zijn leven wordt overzien en het woord der Schrift wordt van mond tot mond herhaald, al is het niet met dezelfde woorden : De mensch gaat heen naar zijn eeuwig huis... Dat roept nu die Veensche klok over de straten, over de fabrieken, over de velden, over de kantoren 'en ook over de studeerkamers der predikanten heen. Het is opdat het Woord des levens zou worden ter harte genomen, dat zoo vaak van den kansel verkondigd werd, den kansel, die hier vlak onder de torenklok staat. Laat dan die Wok maar luiden en laat de menschen het geluid aan elkander overbrengen, opdat zij gedenken aan het wegstervende leven, maar ook aan Hem, Die den dood overwon voor allen die in Hem gelooven.
Gij begrijpt, ik zit nog in de oudejaarsavond gedachten. Ik kan er ook zoo moeilijk uitkomen. Dat jaar is ook zoo geweldig en zoo groot, zoo vreeselijk en zoo gezegend voor mij geweest, 'k Had op den oudejaarsavond geen beurt te vervullen, 't Zou mij een zware taak geweest zijn. 'k Mocht bij m'n collega kerken, die in gepaste woorden het droevige en 'het verblijdende gedacht, dat de gemeente ondervond Maar toen kwam mijn Nieuwjaarsbeurt en ik kon dat oudejaar maar niet kwijt. De Heere heeft kracht .gegeven, maar 't was mij niet gemakkelijk m'n oudejaarsavond-aandoeningen te verbergen. En nu ik naast die luidende klok zit te schrijven, komt het alles weer bij mij op. Niet meer is hij, niet meer is hij Hij, m'n gestorven collega, schreef de rubriek „Financiën" altijd zoo pittig, zoo opwekkend, zoo goed. Hij had altijd iets nieuws, om de menschen voor 't goede doel warm te maken. Dat kwam omdat hij met z'n hart er in leefde. Hij was een Bondsman op-en-top. Hij had den Gereformeerden Bond lief, omdat hij daarin de organisatie zag, waarin allen die goed Hervormd en goed Gereformeerd zijn, zich kunnen vereenigen, om eenparig te strijden voor het welzijn van de Kerk onzer Vaderen. Deze gedachte bezielde hem. Daardoor was ook zijn pen zoo vaardig. Maar zoo ineens was hij er buiten, zoo ineens och, laat ik er maar niet meer van schrijven, 't Zou u maar vermoeien. Ik zit nu eemmaal nog zoo vast aan dat oudejaar. Ge kunt het toch wel billijken ?
Ondertusschen heeft de klok opgehouden met luiden. Hè, da's rustig ! 't Maakt ook mij rustig. Nu zeggen de menschen het elkaar rond. Nu praten zij over de dooden. Als zij daarbij dan ook maar bedenken, dat zij klaar moeten zijn als de dood hen komt halen Het luiden is opgehouden. Morgen hoop ik bij de begrafenis van dien vieren-negentig-jarige over Simeon te spreken en over zijn bede : ,,Nu laat Gij, Heere, Uw dienstknecht gaan in vrede naar Uw woord" want mijne oogen hebben Uwe zaligheid gezien" Ja, 'k geloof dat ds. Jongebreur ook wel in zijn leven „Gods zaligheid" gezien heeft en dat de liefde voor den Zaligmaker hem 't allermeest dreef.
De klok luidt niet meer. Zie, daar staat de toren stil naar boven te wijzen. Ondertusschen woelt de zonde voort. De zonde, waardoor de dood in de wereld is gekomen. Ook de zonde in de Kerk. De menschen gaan weg, ook zij, die ernstig voor haar herstel gestreden hebben. Maar nog altijd blijft daar de groote ellende van de Kerk des Heeren in het midden van ons volk. Laat ons dan voortgaan, zoolang God ons het leven laat en er over ons nog niet behoeft geluid te worden, de Waarheid te verbreiden en te verdedigen, van den kansel en van den catheder, in de catechisaties en onder de studenten. Laat ons voortgaan, eenparig gedreven door de liefde voor Gods zaligheid en voor 's Heeren Kerk. Wij hebben elkander hierin zoo noodig. Laat ons dit jaar beginnen met het ernstige voornemen elkaar te helpen en te steunen. Niet langer van elkaar op een afstand blijven staan, om van nog erger niet te spreken.
De klok heeft opgehouden te luiden. Maar de Kerk roept, met een geweldige stem, om oprichting uit haar diepen val en tot wederverkrijging van hare plaats in het midden van ons volk, haar van ouds door den Heere aangewezen.
Toen verleden jaar ds. Jongebreur werd uitgeluid, had het kunnen zijn dat er twee achter elkaar werden uitgeluid, net zooals vandaag. Dat heeft de Heere verhoed Ge bemerkt het, ik ben nog telkens in het oudejaar. Maar ik wil er ook weer uit, den weg op van onze heilige roeping, met de banier des Evangelies, tot zegen van de Kerk, waarin de Heere ons liet. Trekt dan met ons op, gij allen die met mij gaarne Gereformeerde Hervormden wilt zijn.
De klok hier naast mij luidt niet meer. Eens zullen er nooit klokken meer geluid behoeven te worden. Dan eerst zal de Kerk zonder zonde zijn. 't Blij vooruitzicht van een Simeon ! Inmiddels tegen onze booze natuur ons gansche leven te strijden en tegen de zonde der Kerk, is onze roeping, ons voorrecht en onze zegen.
De Veensche toren zwijgt. Hij staat rustig naar boven te wijzen, van boven den kansel met den opengeslagen Bijbel,
't Woord zal het doen. 't Woord alléén. Nu ga ik eens zien wat er ingekomen is. 'k Geloof dat het niet zoo heel veel is. Als ik ga optellen valt het misschien nog mee. Veenendaal. Van mej. B. v. S. ƒ 1.— contributie.
Sommelsdijk. Van den kerkeraad P 47.22, opbrengst van de collecte, gehouden bij een spreekbeurt, vervuld door ds D Goslinga van Utrecht.
Feijenoord. Van den kerkeraad ƒ 10., gezonden door den heer N. J. G. Hijmering; voor den Gereformeerden Bond.
Zegveld. Van den heer A. Dekker ƒ9.— opbrengst van 20 ex. van de laatste preek van ds. M. Jongebreur. Mijdrecht. Door ds. Verkerk ƒ 3.—, De contributies van drie nieuwe leden.
Kampen. Door den Penningmeester der afd., E. Roest, ƒ 25.50, zijnde ƒ 20.50 als opbrengst der collecte, gehouden bij een spreekbeurt, die ds. Westra Hoekzema van Mijnsheerenland daar vervulde, met ƒ5.— van de afdeeling voor de Bondskas. 't Was koud en mistig dien avond. Daarom was de opkomst gering, enz. enz. Ja, dat vind ik altijd jammer. De dominee komt door de koude en den mist heelemaal van Mijnsheerenland af en de Kampenaren, die slechts een paar straatjes door moeten loopen, blijven bij de kachel Als er nu eens een paar flinke Kampenaren waren, en zij gingen eens wat thuisblijvers bij hun kachel opzoeken wie weet of de collecte dan nog niet echt goed gemaakt werd. Zij moeten dan vooral zeggen, dat de studenten, al is het koud en mistig, toch evenwel gesteund moeten worden. Nog beter is, dat de thuisblijvers even een girobiljet invulden. Dat kunnen zij bij hun kachel doen ! Schraard. Door ds. Van Dorssen ƒ5.— uit het busje van het Studiefonds. Mijnsheerenland. Van A. d. J. ƒ 10.— voor het Leerstoel-en Studiefonds. WapenVeld. Door ds. G. van der Zee ƒ4.—, zijnde een vijfde deel van een gift, voor het Studiefonds.
Utrecht. Van A. B. Woudenberg ƒ, 3.—, een Kerstgave voor het Leerstoel-en Studiefonds.
VIaardingen. Door ds. H. A. Heijer ƒ5.—, deel van een gift van ƒ25.—, gecollecteerd tijdens den dienst van Z.Eerw. in de Groote Kerk, den 28sten December 1.1. Zegveld. Door den heer C. Bardelmeijer, uit het bekende busje ƒ2.66. Utrecht. Door den iheer C. Berger, Penningmeester der afdeeling, ƒ11.44, contributies over 1930.
Hasselt. Door ds. A. C. Enkelaar ƒ2.50, gift van N. N. voor het Leerstoelfonds.
Charlois. Door ds. G. J. Koolhaas ƒ 10.—, gift van den heer B., voor het Leerstoel-en Studiefonds. Rijswijk. Door den heer B. Moor ƒ 20.—, contributies der twintig leden. Westbroek. Door ds. J. C. Klomp ƒ 25.—, opbrengst van de collecte voor het Leerstoel-en Studiefonds van Zondag 28 December 1.1., bij welke gelegenheid ds. Bartlema van Zeist sprak. Alles bij elkaar opgeteld geeft de som van f 194.32.
't Valt me nog mee. Hartelijk dank. Ik neem deze gedegenheid te baat om allen die mij, als Penningmeester, hun gelukwenschen bij de wisseling des jaars deden toekomen, daarvoor dank te zeggen. Daarbij wil ik ook nemen hen, die ons in de Veenendaalsche pastorie hun brieven en kaartjes zonden, al dachten zij nu juist niet bepaald aan m'n penningmeesterschap. Als een dominee al in z'n zevende gemeente staat, komt er van alle .kanten 'n stroompje gelukwenschen, die als een groote stroom in z'n huis vloeit. Bij saamgebonden bundels bracht de post ze. 'k Kan hen onmogelijk allen beantwoorden. Ik doe het maar langs dezen weg, in de verwachting dat al onze kennissen „De Waarheidsvriend" lezen. Ik wensch hun toe, dat zij door ons blad ook dit jaar veel zegen zullen ontvangen. En.... hier komt de Penningmeester weer voor den dag dat het papieren stroompje nu maar een zilveren mag worden, uit alle Gereformeerde gemeenten in het huis op de Markt van Veenendaal. Ge begrijpt mij wel ! 't Kan nochtans door papier gebeuren !
De Penningmeester
Ds. N. VAN DER SNOEK.
Veenendaal, 5 Jan. 1931.
POSTZ., CAPS. EN ZILVERPAPIER.
Ontvangen van :
Ie. H. Schilperoord, Dirksland, een kistje, inhoudende ongeveer 3000 halvecenten en eenige vreemde munten. Wat een massa. Nu, dit is de moeite waard en is een goede aanwinst voor mijn zoo goed als ledige kas. Ook ik hoop, dat er in den loop van het jaar veel dergelijke pakjes komen.
2e. de kinderen R. Sneller, Wezep, een doos zilverpapier ; 3e. Wilma, Maria en Aaltje Polak, Lage Zwaluwe, zilverpapier en 60 h. centen ; 4e. Nel van Wijngaarden, Vianen, zilverpapier en capsules ; 5e. M. J. Krook, Gouda, een doos zilverapier. Met zeer hartelijken dank en aanbeveling.
Mejuffr. J. DEN HARTOG.
Krommedijk 60, Dordrecht.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 9 januari 1931
De Waarheidsvriend | 4 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 9 januari 1931
De Waarheidsvriend | 4 Pagina's