De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

FINANCIEN

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

FINANCIEN

8 minuten leestijd

Een paar weken geleden schreef ik iets over de Veenendaalsche klok en toren. Mijn gepeins daarover bracht ook een ander aan het peinzen over zijn kerk en over zijn toren, in zijn klein dorpje, 't Was  hem een behoefte des harten mij daarover eens te schrijven, 'k Behoef hem niet te antwoorden. Hij zou uit „De Waarheidsvriend" wel bemerken of ik zijn brief ontvangen had. Ja, m'n vriend, ik heb uw brief gelezen, met droefheid en met de weemoedige vraag : Waar moet het heen met onze Ned. Hervormde Kerk ?
Meer dan eens heb ik daar, in dat dorpje, gepreekt, toen ik nog in m'n eerste gemeente stond. Welk een belangstelling vond ik daar, welk een aandachtig luisteren naar de prediking van het Woord des Kruises ! En nu nu staan daar drie kerken. De laatste die er bij kwam, was die der „Gereformeerde Gemeente". Geen der nieuwe kerken heeft een toren. Dus ook geen toren met een kruis op zijn spits Dit nuchtere feit van die torenlooze kerken bracht m'n briefschrijver aan het peinzen. De Hervormde Kerk staat daar nog altijd met haar toren en haar kruis, om den mensch „naar boven" te wijzen, opdat hij door het Kruis zal zalig worden. Waarom dan toch zijn daar die andere kerken ? Staat bij hen wel het Kruis bovenaan ? Als dit zoo geweest ware, zouden zij dan ooit gebouwd zijn ? Nu moeten zij op dat kleine dorpje het van elkander hebben. Het meest moet de Hervormde Kerk het lijden. Hoe meer zij haar kunnen zwart maken, des te beter varen zij zelf. Als een enkel huis­ gezin „overgaat", dan juichen zij, dan winnen zij ! En dan komen de menschen in kerken zonder kruis.
Ja, m'n vriend, ik kan inkomen in uw droef gepeins. Drie kerken, alle drie „Gereformeerd", in zoo'n klein plaatsje! Zij zoeken elkander ; het leven onaangenaam te maken. En des Zondags bidden zij alle drie om den zegen des Heeren, terwijl zij elkander dien zegen niet gunnen.
Weet ge wat ik wel eens wilde ? Dat zoo'n kerk, die 't alleen hebben moet van het afplukken van de Hervormde Kerk, zich eens plantte in die streken van ons Vaderland, waar het moderne heidendom heerscht. Daar had zij : heel wat moeilijker werk. Daar zou zij moeten evangeliseeren onder hen, die geheel vervreemd zijn van de eerste beginselen van het Evangelie des Kruises. Daar zou haar prediking 't meer winnen in klaarheid dan in zwaarheid, omdat zij daar zou moeten worstelen met de fijn gesponnen theorieën van het ongeloof. Kon die afpluk-kerk daarheen, al was 't maar voor een tijd, verhuizen. Zij zou misschien tot het besluit komen : 't Was daar in ons dorpje toch nog zoo slecht niet gesteld bij de Ned. Hervormde Gemeente. Mocht het hier maar zoo worden !
Zij zou daar honderden huisgezinnen aantreffen, die naar God en Zijn Woord niet vragen. De kinderen worden alleen voor de wereld opgevoed, de jeugd weet en hoort van niets dat tot zielevrede en zaligheid strekt. Zij zijn toch ook menschen, die zullen verloren gaan als zij den Christus der Schriften niet leeren kennen door het geloof Zoo'n afpluk-kerk zou het daar ontzettend moeilijk hebben. Zij zou daar haar terrein niet hebben, terwijl zij in een gemeente, waar van geslacht tot geslacht het Woord der Waarheid in de Kerk onzer Vaderen is gepredikt haar slag kan slaan, door huisgezin na huisgezin, die wel Gods Woord eerbiedigen, van onze Kerk af te trekken. Dat vind ik met m'n briefschrijver zoo bedroevend. Een door God gezegende gemeente gaat men verwoesten. Men moet het van die gezegende gemeente hebben, om zelf een kerk te stichten, die bestaan kan ; om zelf een kerk te bouwen, die daar in zoo'n dorp staat als een zichtbaar teeken van scheuring en tweedracht van geslacht tot geslacht. Zeker, omdat men dan toch nog altijd moet worstelen met de geldmiddelen, moet zoo zuinig mogelijk gebouwd worden. Daar kan geen toren meer bij. Zie, dat zal de eenvoudige reden wel zijn, m'n vriend, dat daar in uw dorp die torenlooze kerken staan. Meer moet ge daarin maar niet zoeken. Maar 't is een veel ernstiger zaak dat onze kleine en groote Gereformeerde Hervormde gemeenten de operatiebasis vormen van hun droevig bedrijf. In Noord-Holland haalt men dat niet uit. Een "ethisch" predikant zei mij : Daar heb ik gelukkig geen last van in m'n gemeente Neen, dat begrijp ik. Maar daar waar een Gereformeerde Evangeliedienaar jaar in jaar uit trouw zijn werk verricht, daar geschiedt het. De door den Heere in het bijzonder gezegende gemeenten, ...., . die moeten 't lijden.
O, hoe zal die zegen Gods duizenden tot een oordeel zijn, in, maar ook buiten onze Kerk. 't Moet ons op de knieën brengen, tot diepe verootmoediging over de zonde van des Heeren Kerk, om de ontferming Gods af te smeeken over ons huidig, door en door verward kerkelijk-leven, 't Moet komen tot een wederkeeren tot den Heere, tot Zijn Woord, tot het ééne Evangelie der genade.
Als ik dit alles overdenk, wat mijn vriend mij schrijft, dan gevoel ik dat onze Gereformeerde Bond een belangrijke taak heeft, maar ook een geweldig moeilijke.
'k Was toch blij dat er in dat kleine dorpje nog een lezer van „De Waarheidsvriend" is. Misschien zijn er nog wel meer.
Laat ons in ons werk niet vertragen. Laat ons voortgaan. Nu vooral. Zooals wij bijna 25 jaren gedaan hebben. Nu met zooveel te meer kracht. Het zij ook met inniger gebedsleven. De Heere alleen moet het doen, door Zijn Woord, door onze getrouwe prediking, door onzen getrouwen arbeid.
M'n jeugdige vrienden kunnen alles wat ik hierboven schreef, misschien niet begrijpen. Laten zij het dan maar overslaan. Zij willen misschien iets lezen van de busjes ? 'k Heb al een paar bestellingen gekregen. Zij moeten nog even geduld hebben. Ondertusschen verwacht ik er nog meer. 't Zal mij zeer verheugen als velen iets willen doen, ook tot zegen van de Kerk, in wier midden ook zij gedoopt zijn.
'k Ontving daar juist een brief uit V. Daarover moet ik nog even nadenken, 'k Hoop 't antwoord te kunnen geven. Nu haal ik m'n laatje eens voor den dag. Bovenaan komt te staan :

Veenendaal. De collecte, die Zondag 18 Januari hier in alle vier beurten gehouden is, toen ds. J. C. Wolthers er twee van vervulde, heeft de som opgebracht van ƒ317.40. Natuurlijk ben ik daarover zeer tevree. De som is ƒ l5.— lager dan verleden jaar. Dit is een zeer gering verschil als men bedenkt dat in onzen tijd de zestig mannen hun werk deden voor de Herdenkings-Commissie. Die Commissie heeft mij hier dus al zeer weinig" „dwars" gezeten. Zoo behoort het ook. Hetgeen men voor de H.-C. over heeft, is iets extra's, 't Gewone moet doorgaan, 't Verheugt mij dat Veenendaal weer zoo'n goed voorbeeld gaf. De Kerkeraad had weer een Zondag daarvoor aangewezen. Waarom doet men dit niet veel meer? Dan kan er b.v. in den avonddienst wat meer gezegd worden over de uitwendige zijde van Christus' Kerk en 't werk van onzen Bond, dat daarmede nauw in verband staat. De nood onzer Kerk is zóó groot dat er bij zoo'n gelegenheid wel degelijk op gewezen moet "worden, opdat de geheele gemeente er meer werkzaam mede wordt in gebed en daad. Een paar flinke schooljongens hebben ook weer iets voor den Bond verzameld, zooals zij vroeger ook reeds deden. Zij brachten het dan bij hun dominé. Nu droegen zij het af bij diens weduwe, mevr. Jongebreur. Van Gijs Beukhof kwam er ƒ1.— in, en ook ƒ 1.— van Piet van Kruistum. Waarlijk, zij zijn al vroeg vriendjes van den Penningmeester. Dat belooft wat !
Bergschenhoek. De Kerkeraad zond mij ƒ50.98, de opbrengst van de collecte, die daar gehouden is bij een spreekbeurt, die ds.Pop van Monster vervulde. Om een bijzondere reden verheugt mij deze voor Bergschenhoek mooie collecte.
Charlois (Rotterdam). Door ds. O. J. Koolhaas ƒ85.25, n.l. ƒ80.— als opbrengst van de collecte bij een spreekbeurt, door ds. Remme van Amsterdam vervuld, ƒ 1.— gevonden in de collecte van 18 Januari in de Oude Kerk, 75 gespaarde stuivers van een catechisant en 100 halve centen eveneens van N. N., alles voor het Studiefonds.|
Bolnes. Door den eerw. heer P. A. Joen ƒ27.65, de collecte voor den Gereformeerden Bond gehouden bij het optreden van ds. G. van Montfrans van Barneveld. De optelsom is nu spoedig gemaakt. Dat gaat zoo als er zulke mooie getallen bij zijn. 't Maakt de som uit van
f 483, 28.
Hartelijk dank.
De Penningmeester,

Veenendaal, 27 Januari 1931.

P.S. Uit Linschoten ontving ik ƒ3.— voor den Gereformeerden Zendingsbond. 'k Weet dat de heer J. C. Fliehe zich over een dergelijke vergissing altijd verheugde. En dat wil ik ook doen, al geeft het mij even werk om het bedrag naar Den Haag, naar Ds. Bieshaar, te gireeren. Waarom verheugde zich onze eerste penningmeester daarover ? Wel, zei hij, de menschen zien de éénheid van alle Gereformeerde Hervormden in onze Kerk. Zij zeggen daardoor : die behooren bij elkaar Maar 't schijnt wel dat velen dat niet begrijpen. Zij zijn liever en gemakkelijker Gereformeerd voor de heidenen, dan dat zij dit zijn voor onze Kerk. Neen, Linschoter vriend, uw vergissing is zoo groot niet ! De hoofdzaak hebt gij wel begrepen !

DE PENNINGMEESTER.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 30 januari 1931

De Waarheidsvriend | 4 Pagina's

FINANCIEN

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 30 januari 1931

De Waarheidsvriend | 4 Pagina's