De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

STAAT EN MAATSCHAPPY

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

STAAT EN MAATSCHAPPY

De uitslag.

8 minuten leestijd

De uitslag van de verkiezingen voor de Provinciale Staten heeft ons aan de eene zijde verblijd, doch aan den anderen kant teleurgesteld.
De teleurstelling, om daarmede maar te beginnen, ziet op de verschuiving der stemmen naar de revolutionaire partijen. Het aantal Communistische stemmen, dat bij de Provinciale stembus van 1927 op 70.246 stemmen stond, klom thans tot 76.887 stemmen. In nog sterkere mate ging liet stemmencijfer van de Sociaal Democraten omhoog. Bedroeg het aantal Socialistische stemmen in 1927 reeds 609.690 stemmen, de vorige week kon de Sociaal Democratische Arbeiders Partij 749.095 stemmen boeken.
De Revolutionair-Socialistische Partij, welke voor het eerst mede deed, kwam tot een cijfer van 21650 stemmen.
Als gevolg van deze verschuiving van stemmen ziet de Communistische Partij in de Provinciale Statencolleges haar zetels van 7 op 10, en de Sociaal Democratische Arbeiders Partij haar zetels van 120 op 129 gesteld, terwijl aan de Revolutionair-Socialistische Partij 2 plaatsen zijn toegewezen geworden.
Uit deze cijfers blijkt duidelijk, dat de revolutionairen ook in ons land meer en meer veld winnen en de roode vloed nog steeds wassende is.
Gelukkig staat tegenover deze feiten — en daarover verheugen wij ons niet weinig — dat de stemmen van de R.K. Staatspartij klommen van 865.889 stemmen op 996.540 stemmen, die der Chr. Historische Unie stegen van 343.616 stemmen tot 361.667 stemmen, en het stemmencijfer der Antirevolutionaire Partij van. 360.586 tot 414.150 stemmen omhoog ging, wat voor deze laatste partij tot gevolg heeft dat zij 4 zetels meer in de Provinciale Statencolleges zal bezetten.
Vooral voor de groote Protestantsch Christelijke partij verblijdt ons deze winst.
Toch bracht de uitslag van de verkiezingen voor de Provinciale Staten nog andere verrassingen.
Naast de totale aftakeling van den Plattelandersbond, verloren ook de Hervormd Gereformeerde Partij en de Staatkundig Gereformeerde Partij terrein.
Bij de laatste vier stembusuitslagen, die van 1925, 1927, 1929 en thans van 1931, werden op de lijsten van de Hervormd Gereform. Partij onderscheidenlijk 30258, 29921, 35931 en 26631 stemmen, en op die van de Staatkundig Gereformeerde Partij 62513, 58498, 76709 en 75204 stemmen uitgebracht.
Stellen wij , tegenover deze cijfers het stemmental dat de Antirevolutionaire Partij in dezelfde verkiezingsjaren kreeg, n.l. 377426, 360586, 391832 en 414150 stemmen, dan valt onmiddellijk dit op, dat bij de stemming van de vorige week, vergeleken bij de laatste Kamerverkiezing, de Hervormd Gereform. Partij en de Staatkundig Gereformeerde Partij geen vooruitgang in stemmen konden boeken, terwijl de Antirevolutionaire Partij na de verkiezing vaa 1927 gestadig vooruitging. Nu moeten wij natuurlijk voor de Staat­kundig Gereformeerde Partij in rekening brengen, dat in sommige Statendistricten geen candidaten van deze partij werden gesteld en dus ook geen stemmen op die partij konden worden uitgebracht, doch dit aantal stemmen is zoo gering, dat het gerust kan worden verwaarloosd. Bovendien zou ook moeten worden gerekend met den aanwas van kiezers sedert 1929. Doch van dezen aanwas van kiezers kreeg de Staatkundig Gereformeerde Partij niets. Vandaar dat wij het feit konden constateeren, dat èn de Hervormd Gereformeerde Partij èn de Staatkundig Gereformeerde Partij terrein hebben verloren.
Deze verrassing, welke de verkiezing voor de Provinciale Staten de vorige week opleverde, kan bij nader inzien niet verwonderen.
Partijen, wier werk negatief is, kunnen een oogenblik de belangstelling trekken, doch verliezen op den duur haar invloed.
Meer willen wij op het oogenblik hier niet van zeggen. Het is voorshands voldoende er op te wijzen, dat de knabbelzucht der kleine partijen tenslotte geen resultaat meer oplevert.
En dit is met het oog op den ernst der tijden, nu het revolutionair beginsel meer en meer veld wint, een gelukkig teeken.
Onderlinge verdeeldheid schaadt ; eendracht maakt sterk.
Dat ons Christenvolk van deze waarheid maar steeds meer worde doordrongen.
Het Paaschcongres der Sociaal Democraten, dat ditmaal te Arnhem werd gehouden, heeft ook nu weer duidelijk naar buiten geopenbaard wat in het interne leven van de Sociaal Democratische Arbeiders Partij alzoo huist.
Het is van ongemeen groote beteekenis ook daarvan kennis te nemen, In de eerste plaats willen wij nog eens de aandacht vestigen op hetgeen eigenlijk een ieder weet, doch wat goed is om er nog even bij stil te staan, te weten : de betrekkelijk geringe sterkte aan leden van deze revolutionaire organisatie.
Deelden de bladen nog dezer dagen mede, dat de organisatie der Sociaal Democraten in België, om ons slechts bij dit land te bepalen, teneinde een zoo zuiver mogelijke vergelijking te kunnen maken, meer dan 600.000 leden telt, op het congres te Arnhem werd door den voorzitter der vergadering in zijn openingswoord vermeld, dat de Sociaal Democratische Partij bij ons op 1 Januari 1931 slechts een sterkte had van 69263 leden.
Dit cijfer is merkwaardig, niet alleen wanneer het vergeleken wordt bij dat van de Belgische groep, die in ledental 10 maal sterker is dan de Nederlandsche groep, maar ook als het gesteld wordt tegenover het getal stemmen die de Sociaal Democraten gewoonlijk bij de verkiezingen uitbrengen.
Bij de laatste verkiezingen voor de Tweede Kamer op 3 Juli 1929, gaven toch niet minder dan 804.714 kiezers hunne stem aan de lijsten van de Sociaal Democratische Arbeiders Partij, waar tengevolge had dat de Socialisten met 24 man in de Tweede Kamer zitting kregen.
Een zelfde gang van zaken valt nu ook wel bij de andere politieke partijen waar te nemen, doch de werfkracht op de kiezers is bij geen enkele staatkundige groep zoo groot als die van de Socialisten.
Deze toestand brengt de Socialisten in een ongunstiger conditie dan eenige andere politieke partij, zoo spoedig de verkiezingsbeloften en de verkiezingsleuzen van de Sociaal Democraten geen invloed meer op de kiezers zullen hebben.
Een tweede feit, dat zich op het congres der Sociaal Democraten voordeed en dat een inzicht geeft van wat bij de Sociaal Democratische Arbeiders Partij omgaat, was het debat, dat te Arnhem werd gevoerd over het recht, dat de linkervleugel der partij, d.i. het meest revolutionaire deel der organisatie, zich wilde toeëigenen om eigen inzichten in het partijleven te propageeren.
Men zou zoo zeggen, dat het voeren van eene oppositie in een partij een ontoelaatbare zaak is en dat het vormen van een partij in de partij bij een zoo krachtig gedisciplineerde partij als die der Sociaal Democraten, ondenkbaar is, althans geen kans van slagen zou hebben.
Toch was het hoogst merkwaardig, dat toen gestemd werd over het voorstel van het partijbestuur, dat inhield : „dat het optreden van de oppositie onvereenigbaar moest worden geacht met het lidmaatschap der parij", van de 1535 uitgebrachte stemmen er slechts 838 partijleden met het bestuursvoorstel medegingen. Er werden 493 stemmen tegen het voorstel uitgebracht, terwijl 204 blanco stemmen.uit de bus kwamen. Niet minder dus dan 697 afgevaardigden ter vergadering konden zich niet met het besliste standpunt van het partijbestuur vereenigen.
Een derde merkwaardigheid, die op het congres te Arnhem uit het interne leven van de Sociaal Democratische Arbeiders Partij naar voren kwam, viel te constateeren toen het vraagstuk der eenzijdige, nationale ontwapening aan de orde was ; het onderwerp, dat nog altijd de Internationale Socialistenbeweging op ernstige wijze verdeeld houdt. Want wat de Nederlandsche Socialisten op het stuk van de ontwapening wenschen en voorstaan, vindt bij de partijgenooten in het buitenland geen bijval, zelfs tegenstand. Het felst staan de Belgische Socialisten tegen de ontwapeningsdenkbeelden van de Nederlandsche Sociaal Democraten gekant. Door de ervaring van Augustus 1914 geleerd, moeten de Belgische revolutionairen van de eenzijdige, nationale ontwapening niets hebben.
Bij de behandeling nu der resolutie over oorlogsgevaar en ontwapening bleek het, dat de linkervleugel der partij een bloot opkomen en propaganda maken voor de eenzijdige, nationale ontwapening geheel onvoldoende achtte. Naar door de radicale revolutionairen ter vergadering betoogd werd, moet er voor worden gezorgd dat de eischen, door de partij gesteld, ook worden uitgevoerd, desnoods door het treffen van maatregelen, die buiten de wet omgaan.
De partijleiding, bevreesd voor verzet uit het congres, kwam onmiddellijk met voorstellen, waarin revolutionaire dreigementen aan het adres der regeering werden gehoord. Toegezegd werd, dat de Sociaal Democratische Kamerfractie voorstellen zullen indienen tot wijziging van niet minder dan de Grondwet.
Deze voorstellen zullen o.m. inhouden : wijziging van artikel 187 dezer Wet, om het mogelijk te maken, dat de beslissing over een mobilisatie bij de Volksvertegenwoordiging wordt gebracht.
Van deze voorstellen zeide de heer Albarda, de voorzitter der Kamerfractie, die de leiding van het ontwapeningsdebat op het congres-in handen had, dat over het congres heen tot de regeering en de burgerlijke partijen de waarschuwing werd gericht, dat als zij hunne goedkeuring aan de voorstellen onthielden, zij zelf de schuld zouden dragen als het volk naar andere middelen dan de parlementaire greep.
Zoo heeft het congres te Arnhem duidelijk gemaakt, dat het in de Sociaal Democratische Arbeiders Partij de linksche revolutionairen zijn, die de eigenlijke leiding van zaken in handen hebben en dat het dientengevolge met de partij in de richting gaat van het Communisme.
Voor ons was dit geen nieuws.
Het „geen God, geen meester" is nog altijd de revolutiekreet, die tot verzet prikkelt en opstand predikt.
Het congres te Arnhem was te dien opzichte leerzaam.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 mei 1931

De Waarheidsvriend | 4 Pagina's

STAAT EN MAATSCHAPPY

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 mei 1931

De Waarheidsvriend | 4 Pagina's